BLIJF WAKKER ! – DEEL V

HOE ZIT HET MET JULLIE PERSOONLIJK ‘DOEL’,  PERSOONLIJKE ‘INTENTIE’  EN PERSOONLIJK ‘ENGAGEMENT’?

Talk about a dream, try to make it real. 

You wake up in the night with a fear so real. 

Spend your life waiting for a moment that just doesn’t come. 

Well don’t waste your time waiting.[i]

– Bruce Springsteen

Badlands – Darkness on the Edge of Town


Een vraag over ons persoonlijk doel, persoonlijke intentie en persoonlijk engagement. Opa wat betekenen voor jou die begrippen? En, worden deze zaken ons opgelegd (van buiten naar binnen) of mogen we die zelf kiezen (van binnen naar buiten)? En tenslotte, indien we zelf mogen kiezen, wat is de zin daarvan en hoe doen we dat?  

Eloïse, Edward en Elvire, eerst en vooral: deze zaken dienen jullie zelf te bepalen en dit van binnen uit. Ze kunnen idealiter nooit opgelegd worden. Jullie zullen in jullie leven wel veel mensen ontmoeten die dat zullen proberen. Die kunnen in het beste geval enkel ‘lip service’ van jullie krijgen en ik raad jullie aan die mensen dit van bij het begin duidelijk te maken. Deze drie zaken – Doel, Intentie en Engagement – zijn persoonlijk! En hun betekenis, hun zin en hoe jullie die kunnen vastleggen, bespreek ik hierna.

Persoonlijk Doel

Iemands Persoonlijk doel wordt ook soms diens essentiële roeping genoemd en is dus eigenlijk de bestaansreden van die persoon! Heftig, hé ?!? Het antwoord op de vraag van Lode Zielens ‘Moeder waarom leven wij?’[ii] wordt daardoor “Om ons persoonlijk doel te bereiken.”

Het Persoonlijk Doel ontvouwt zich als een uitdrukking van de Originele Zelf (zie daarvoor onder meer Deel II). De meesten onder ons zijn zich niet bewust, noch helder noch gekleurd, van hun Persoonlijk Doel. Dit mede omdat ze zich niet bewust zijn van hun Originele Zelf. Het Persoonlijk Doel kan nochtans ontdekt worden en dit door de patronen of terugkerende thema’s in het leven te observeren. En vanaf het moment, dat we er ons (eindelijk) werkelijk van bewust zijn, wordt alles wat we ondernemen vervuld van enthousiasme en zingeving. Zingeving is voor mij het ‘Goede’ doen. Ik ga, verder in deze tekst, dieper in op dat ‘Goede’.

Wanneer we het onderliggende doel vinden van veel van wat we doen, geeft dit een innerlijke rust en zekerheid. Daar onsPersoonlijk Doeleen uitdrukking is van onze Originele Zelf, is het ook relatief stabiel en consistent gedurende gans ons leven. Het Persoonlijk Doelverandert niet als men van job, van woonplaats of zelfs van relatie verandert. Wanneer de levensemoties kunnen worden opvangen door de Originele Zelf, dan wordt crisis, verandering en conflict als minder dreigend ervaren. Dit komt volgens Paul de Chauvigny de Blot SJ[iii] onder meer door de innerlijke zekerheid die het Persoonlijk Doel geeft.

Het helpt enorm als jullie wat jullie in het leven doen, zien in termen van het nastreven van het Persoonlijk Doel, in plaats van het vervullen van een set vereisten, waar die ook moge van komen. Later zullen jullie kennis maken met de vereisten van jullie job, die heel wat uitgebreider zijn dan de vereisten van een tiener. Maar die job vereisten verbleken naast wat jullie zichzelf zullen opleggen teneinde jullie Persoonlijk Doel te bereiken. Wat er ook gebeurt, men is steeds z’n Originele Zelf. Wat die in jullie geval ook mag zijn: een onderzoeker, een leraar, een leider, een manager, … of een entertainer. Wanneer jullie het gevoel voor zekerheid verbinden aan dit diepere, duurzame aspect van jullie Zijn, wordt het makkelijker in te spelen op de veranderingen van buitenaf. Jullie blijven namelijk verbonden met jullie vaste kern. 

Eloïse, Edward en Elvire, jullie Persoonlijk Doel is jullie essentie in actie. Zodra men met innerlijke zekerheid weet wat het is, zal men het steeds trachten uit te drukken in alles wat men doet. In die zin is jullie Persoonlijk Doel ook een van jullie waarden (“A Value is a Goal Seeking Activity” – Deel IV). Overigens, jullie zijn dit denkelijk al aan het doen zonder er zich bewust van te zijn. Nochtans kan het besef, dat men de essentie van het Zijnin haar of zijn werk tot uitdrukking brengt, de efficiëntie en voldoening ervan heel wat opkrikken. 

Zich bewust worden van de ontvouwing van het Persoonlijk Doel geeft de betrokkene de kracht om die keuzes te maken nodig om het werkelijk te bereiken. Wetend actie ondernemen, in overeenstemming met de essentiële zelf, geeft aan alles wat men doet, een bijkomende maat van stabiliteit, geloofwaardigheid en gezag. Als men verbonden is met haar of zijn Originele Zelf, communiceert men een krachtig signaal van innerlijk gezag en geloofwaardigheid, en dit op een ‘autoritaire’ wijze. Tussen haakjes, het woord “autoriteit” is afgeleid van het Griekse authentikós, “met zijn eigen hand” of eigenhandig. De auteur zijn van zijn eigen leven, zijn eigen script schrijven, is het leven vanuit de Originele Zelf. Zoals we in Deel I gezien hebben, draait door het Creatief wisselwerkingsproces de zin van de Vicieuze Cirkel om totdat we onze Intrinsieke Waarde van onze Originele Zelf, her-ont-dekken. 

Definitie

Ons Persoonlijk Doel is onze reden van bestaan. Het besef van ons Persoonlijk Doel is wat ons verbindt met onszelf en eigenlijk met alle leven. Ons Persoonlijk Doel is ons antwoord op de universele vraag: “ Waarom besta ik?”

Het Persoonlijk Doel geeft zowel zingeving als richting aan ons leven. Het helpt ons Creatieve wisselwerking van binnenuit blijvend te beleven, vanuit het hart. Inderdaad, door ons Persoonlijk Doelblijvend na te streven, ervaren we Creatieve wisselwerking als zijnde centraal in ons leven. Het beleven van Creatieve wisselwerking in het algemeen, en het voeren van geslaagde Cruciale dialogen in het bijzonder, drukken ons Persoonlijk Doel uit. Zo geeft het Persoonlijk Doel de context voor het nemen van belangrijke beslissingen, gebaseerd op datgene waarin men diepe voldoening vindt. Wat ons voldoening geeft noem ik verder in deze tekst het ‘Goede’ doen, omdat voldoening bekomen en zingeving sterk met elkaar verbonden zijn.

Een mens dient om gelukkig te zijn het ‘Goede’ te doen

Piet Houben[iv]

Eloïse, Edward en Elvire, jullie Persoonlijk Doel is de essentie van wat jullie bijdragen tot jullie omgeving op grond van wie jullie werkelijk zijn, jullie Creatieve Zelf; eerder dan krachtens wat jullie weten of kunnen, jullie gecreëerde zelf. Het Persoonlijk Doel is een ruim begrip en omvat alle rollen in jullie leven. Jullie Persoonlijk Doel is daarbij innig verbonden met zowel jullie Intrinsieke Waarde als jullie Kernwaarden

Beginning with the end in mind

Beginnen met het eind in gedachten is de tweede van de zeven gewoonten voor Effectief Leidershap van Stephen Covey[v]. Beginnen met het eind in gedachten komt neer op a) het beginnen met een beeld van het einde van het eigen leven als referentiekader, en b) de antwoorden op de vraag: “Hoe wil ik herinnerd worden?” Daarmee kan alles wat men doet, worden gemeten. In dit kader kan ik jullie, Eloïse, Edward en Elvire, een prachtig verhaal[vi] uit het leven van Alfred Nobel, waarnaar de Nobelprijzen zijn vernoemd, niet onthouden:

De Zweedse wetenschapper, Alfred Nobel, was de uitvinder van dynamiet en die uitvinding maakte van hem een van de rijkste mannen van zijn tijd. Toen zijn broer, Alvin Nobel, stierf, publiceerde een van de grootste Zweedse dagbladen, per vergissing, een necrologie van Alfred Nobel! Toen Alfred zelf las hoe hij zou worden herinnerd: met name als ’de uitvinder van dynamiet, dat meer dood en vernieling zaait dan om het even welke andere uitvinding uit de geschiedenis’, was hij diep getroffen. In één fractie van een seconde identificeerde hij zijn echt Persoonlijk Doel en wist hij dat dit nog helemaal niet was bereikt. Daardoor creëerde hij later, via zijn testament, de nog steeds vermaarde Nobelprijs voor de vrede. Dit was Alfreds antwoord op de vraag die hier aan de orde is: “Hoe zou ik willen herinnerd worden als ik er niet meer ben?” 

Deze quote zelf is gebaseerd op het principe dat alles twee keer wordt gecreëerd. We creëren, wat we willen creëren, eerst in onze gedachten; dit is de mentale of eerste creatie. Dan gaan we aan de slag teneinde die gedachten werkelijk te realiseren; dit is de fysische of tweede creatie. Wanneer we dit creatieproces, betreffende wat we willen creëren, van binnen uit beheersen, kunnen we ons eigen verhaal schrijven, en aanvaarden wij de controle en de verantwoordelijkheid van de realisatie ervan. Anders gesteld, wij aanvaarden dat wij echt toerekenbaar (‘accountable’) zijn. 

De meest effectieve manier die ik ken, om te beginnen met het eind in gedachten, is het werkelijk uitschrijven van het Persoonlijk Doel. Indien jullie dit effectief doen, zal dit jullie helpen focussen op a) wie jullie werkelijk zijn en b) wat jullie werkelijk doen om te worden wie jullie in wezen zijn. Jullie ganse Zijn en Doen is gebaseerd op jullie Persoonlijk Doel. Terruwe stelde het een veertigtal jaren geleden zo: 

Jij mag zijn zoals je bent,

om te worden wie je bent maar nog niet kunt zijn.

En je mag het worden op jouw manier

en in jouw tijd.[vii]

Eloïse, Edward en Elvire, deze tekst is jullie zeker niet vreemd, want hij stond jarenlang op de speelplaats van jullie Sinte Maria School in Bonheiden als volgt geparafraseerd: 

Je mag zijn wie je bent en zoals je bent,

met fouten en gebreken

om te kunnen worden wie je in aanleg bent,

maar zoals je je nog niet kunt vertonen

en je mag het worden op jouw wijze en in jouw uur.

Hoe het Persoonlijk Doel effectiefkan uitgeschreven worden, beschreef ik in m’n boek ‘Cruciale dialogen’[viii], en dit is een klus voor later.

Van Doel naar Visie[ix]

Een uitgeschreven Persoonlijk Doel  omvat niet de uitgewerkte wegen en stappen die men moet doorlopen teneinde het Persoonlijk Doelte bereiken. Enkel het doel wordt klaar beschreven, niet de weg er naar toe. De stappen, nodig om het te bereiken, worden beschreven in wat ik een ‘persoonlijke visie’ noem. 

Het Persoonlijk Doel vertegenwoordigt dus de fundamentele reden van ons bestaan. Het vastleggen ervan is een reflectief proces, dus de linkerkant van ons Cruciale Dialoogmodel. Laat ik van meet af aan eerlijk zijn: men zal z’n Persoonlijk Doel nooit helemaal bereiken. Ook hier is de weg er naar toe belangrijker dan het doel op zich. Op die de weg van de creatie van het Persoonlijk Doel kunnen er zelfs meerdere persoonlijke visies worden gerealiseerd. 

Een visie is het beeld van de toekomst die men wilt creëren. Door onze visie te formuleren, laten we zien welke richting we inslaan en hoe het er zal uitzien als we aankomen. Aan die visie wordt best een actieplan gekoppeld. Dit laatste beschrijft wat men werkelijk moet doen om te komen waar men wil komen. Het woord “visie” stamt af van het Latijnse werkwoord “videre”, “zien”. Het verband tussen “visie” en “zien” is belangrijk: hoe gedetailleerder en duidelijker het beeld is, des te dwingender het wordt ervaren. Hoe groter de visie verschilt van de huidige realiteit, hoe groter de creatiespanning die ons naar die visie stuwt[x].

Eloïse, Edward en Elvire, vanwege het tastbare en directe aspect geeft de visie vorm en richting aan jullie toekomst en helpt ze jullie om die toekomst ook te realiseren. Verschillende experten op gebied van leiderschap en persoonlijke ontwikkeling hebben onderstreept hoe vitaal het is om de eigen persoonlijke visie voor de eigen toekomst uit te schrijven. Warren Bennis, Stephen Covey, Peter Senge en vele anderen stellen dat een krachtige visie ons kan helpen om uiteindelijk heel wat verder te komen dan waar we zouden landen zonder. De visie geeft ons kracht en kan anderen rondom ons inspireren hun eigen droom waar te maken. Wat ik tot nog toe in mijn leven heb geleerd, is dat wanneer men geen eigen visie ontwikkelt, anderen jouw leven in jouw plaats zullen plannen en richten. Door het uitschrijven van jullie persoonlijke visie, en het daaraan gekoppeld actieplan, stapt men in feite in een creatie- en actieproces. Dit komt overeen met het rechtergedeelte van het Cruciale Dialoogmodel. 

Het actieplan van de unieke wegen en stappen die jullie zullen doorlopen teneinde jullie Persoonlijk Doel te bereiken, voegt het zo belangrijke “hoe” aan het geheel toe. Het actieplan beschrijft de primaire acties die jullie dienen uit te voeren teneinde jullie visie (en uiteindelijk jullie Persoonlijk Doel) te bereiken. Het actieplan is uiteraard gebaseerd op jullie passies, Kernkwaliteiten en vaardigheden. Jullie persoonlijke visie en actieplan zullen evolueren met de tijd, op het ritme van jullie persoonlijke groei en de verwerving van nieuwe vaardigheden en ervaringen. Het Persoonlijk Doel echter blijft onveranderd.

Meerdere mensen kunnen in principe hetzelfde Persoonlijk Doel hebben, maar heel waarschijnlijk zullen ze verschillende persoonlijke visies hebben. Zelfs wanneer een paar van die mensen gelijkaardige persoonlijke visies hebben, zullen ze toch, meer dan waarschijnlijk, verschillende actieplannen hebben, omdat deze laatste hun unieke Kernkwaliteiten, vaardigheden, en strategieën reflecteren. 

Jullie persoonlijke visie werkt als een kompas om jullie op het rechte spoor te houden (i.e. de richting aangegeven door jullie Persoonlijk Doel). Jullie actieplan helpt jullie om jullie vooruitgang van binnenuit te beheersen, door mijlpalen vast te leggen, prioriteiten te kiezen en, indien nodig, de acties aan te passen. 

Uiteraard is het, gezien jullie leeftijd, nog te vroeg om dit alles volledig uit te schrijven. Het is wel raadzaam dit Deel V af en toe te herlezen en als de tijd rijp is één en ander op papier te zetten. In alle geval is dit een persoonlijk werk dat heel wat ‘schaafwerk’ vereist. En al doende leert men!

Persoonlijke Intentie[xi]

De Persoonlijke Intentie is een enorme kracht die verbazende resultaten kan creëren door heel wat verder te gaan dan de manipulatieve strategieën die we soms gebruiken om “te krijgen wat we willen bekomen.” Positieve,Persoonlijk Intentie gaat over het hebben van ondersteunende gedachten en overtuigingen, en over het besef dat men altijd (opnieuw) kan kiezen of en hoe men reageert op een situatie en erop mag vertrouwen dat er voor elk probleem altijd minstens een oplossing is. Gedachten kunnen positief worden gemaakt. Eloïse, Edward en Elvire, jullie Persoonlijke Intentieis dus jullie innerlijke drijfveer. Deze slaat namelijk op wat jullie, diep in jullie hart, echt willen bereiken. Dit wil zeggen, los van het eisen en verwachtingspakket van de Vicieuze Cirkel, los van evaluaties door anderen, los van angst voor het resultaat. Nogmaals, Persoonlijke Intentie is wat jullie werkelijk willen, niet wat jullie wensen. Wensen houdt weinig actiegerichte kracht in zich en is afwachtend. Willen toont zich in wat jullie doen, is proactief!

Hierdoor vergroot het gevoel van (zelf)vertrouwen en zekerheid en ontstaat meer creativiteit en assertiviteit en minder stress en conflicten. Men handelt vanuit een innerlijke zekerheid. Intenties zijn krachtige en positief verwoorde voornemens. Positieve intenties laten de caleidoscoop van mogelijkheden tot zelfontplooiing en succes zien; men dient er echter wel voor te kiezen. Intenties vanuit essentie zijn krachtiger dan ieder ander voornemen dat niet verbonden is met je kern. Vandaar dat in m’n Cruciale Dialoogmodel de intenties figuurlijk plaats nemen in de staart van de vlinder, dicht bij de kern.

We mogen positieve intenties niet verwarren met gewenste resultaten. Intenties zijn interne krachten die jullie vermogen om te creëren, wat jullie willen creëren, activeren. De intenties stuwen ons naar ons doel door de nodige steun en middelen beschikbaar te stellen én aan te wenden teneinde buitengewoneresultaten te bekomen. Mijn vriend Mike Murray, die ik voor de eerste keer ontmoette op een bijeenkomst georganiseerd door onder meer Charlie Palmgren (Atlanta, 1996), stelt dat Positieve Intentiete maken heeft met het realiseren van het ‘Goede’. “Wat is het Goede dat ik wil laten gebeuren?” is een vraag die hij zich dagelijks stelt. Zijn visie komt dus overeen met de visie van de Vlaamse topdokter en penisprof, Piet Houben, die ik eerder in dit deel citeerde. Zoals ik zelf schreef in m’n boek ‘Creatieve wisselwerking’ komt dit ‘Goede’ tot leven als het resultaat van een proces dat we zelf niet kunnen creëren – het is andersom, wij worden door het proces gecreëerd. We kunnen echter wel de condities creëren waardoor het waarschijnlijker wordt dat het proces onverstoord kan werken. Over die condities of voorwaarden later meer. Mijn visie is als volgt te parafraseren: Positieve Intentie is nauw verbonden met het antwoord op de volgende vraag: “Ben ik volledig gewonnen én wil ik mij ook volledig inzetten voor het creëren van de condities voor Creatieve Wisselwerking zodat het ‘Goede’ kan en zal tot stand komen?” Door inderdaad onze Persoonlijk Intentie, onder meer gedurende Cruciale dialogen, volledig in te zetten, komen interne mogelijkheden en nieuwe inzichten tot stand met betrekking tot het authentieker en efficiënter handelen. 

Eloïse, Edward en Elvire, jullie Persoonlijk Intentie zal helpen jullie aandacht blijvend gefocust houden op wat jullie werkelijk willen bereiken. Zorg er echter voor dat jullie aandacht steeds in overeenstemming is met jullie intentie. Waar jullie aandacht aan geven, groeit! Wanneer jullie aandacht geven aan jullie Persoonlijke Intentie zetten jullie innerlijk een dynamisch proces in gang. Dit proces is niets anders dan, en dat zal jullie geenszins verbazen, hetCreatief wisselwerkingsproces. Daarmee scheppen jullie vertrouwen: “Ik kan bereiken wat ik me voorneem.” Indien jullie aandacht niet in lijn ligt met jullie intentie, gaat één deel van jullie in één richting en een ander deel in een andere. Door dit conflict binnen jullie zelf gaat er enorm veel energie verloren. Een nog grotere aanslag op jullie energie wordt gepleegd wanneer jullie conflicterende Persoonlijke Intenties hebben. Wanneer dit het geval is, worden we als het ware in tweeën gespleten. Wij zijn in oorlog met onszelf. 

Kortom, jullie dienen vooreerst niet-conflicterende positieve intenties te hebben en daarnaast dienen jullie aandacht en intentie gestroomlijnd te blijven. Dit is echter heel wat moeilijker dan op het eerste gezicht lijkt. Zelfs indien men zich bewust is van zijn positieve intenties, dan is het en blijft het moeilijk de aandacht in lijn én gefocust te houden op die intenties. Dit vereist geduldige toepassing en wees gerust, de Vicieuze Cirkel is nooit ver weg! 

Persoonlijke Intentie komt, wanneer puntje bij paaltje komt, overeen met het werkelijk gefocust blijven op het proces dat creëert wat wij willen creëren. Ze is dus ook sterk verbonden met het helder bewustzijn! Onze Persoonlijke Intentie beheersen is een krachtig middel om authentieker, ontvankelijker en creatiever te worden. Jullie beheersen jullie Persoonlijke Intentie van binnenuit, door jullie te identificeren met het ‘Goede’ dat jullie willen creëren in jullie leven. Daarbij focussen jullie zich op de condities en vaardigheden van Creatieve wisselwerking (waarover later uiteraard meer). 

When Your Heart Is in a Dream[xii]

Jullie zijn verbonden met jullie Intrinsieke Waarde door jullie Positieve Intentie, zoals de kop van een vlinder verbonden is aan z’n lichaam (zie het Cruciale Dialoogmodel). Bij Cruciale dialogen beginnen vaardige personen met hun Positieve Intentie. Ik zal dit nog verder uitdiepen in Deel IX: “Hoe een Kernvraag formuleren?”. Dit betekent dat vaardige personen risicovolle discussies starten met de juiste intenties en dat zij zich op deze intenties blijven focussen, wat er ook gebeurt. Ze blijven daarbij ook in verbinding met hun Persoonlijk Doel. Zij behouden deze focus op verschillende manieren. Eerst en vooral, ze zijn zich bewust van wat ze écht willen bereiken en ze herinneren zich continu hun keuze. Niettegenstaande ontelbare mogelijkheden om uit koers te raken, blijven ze trouw aan de gekozen doelen. Ook blijven ze helder bewust en vermijden ze hun Vicieuze Cirkel. Zij weten te goed uit ervaring dat die laatste het resultaat allesbehalve ten goede komt. Ten slotte maken vaardige deelnemers aan een risicovolle communicatie geen “het één of het ander”-keuzes. Ze weten maar al te goed dat deze het resultaat zijn van een discussie en niet van een dialoog. Dialoog gebaseerd op het Creatief wisselwerkingsprocesheeft heel wat meer mogelijke resultaten dan de povere “het één of het ander” – of nog “ vlucht of vecht” – keuzes. Een andere optie dus dan te winnen of te verliezen, namelijk de synergetische “win-win”. 

Eloïse, Edward en Elvire, vooraleer een Cruciale dialoog te starten, of wanneer jullie voelen dat jullie in zo een verzeild dreigen te raken, dienen jullie zich als enige vraag te stellen: “Wat is het ‘Goede’ dat ik hier werkelijk wil bereiken?” Dit is dus een Kernvraag! Jullie die vraag stellen, heeft een krachtig effect op jullie denken. Wanneer jullie focussen op deze belangrijke vraag, dan zullen jullie zich realiseren dat de grootste barrière voor het behalen van het Persoonlijk Doel, jullie eigen gedrag is! Het gevaar is steeds reëel dat jullie gedrag voor een stuk geworteld is in jullie persoonlijke Vicieuze Cirkel. Inderdaad, de Vicieuze Cirkel is er de oorzaak van dat jullie persoonlijke prioriteiten verkeerd stellen of dat jullie zich niet authentiek gedragen. Wanneer men dit tijdens de communicatie zelf ontdekt, heeft men een unieke kans om terug te keren naar een authentieke dialoog. Het is dus van het grootste belang dat jullie, vooraleer jullie een dialoog starten, jullie motieven onderzoeken. Vraag jullie dus eerst en vooral af wat jullie echt willen bereiken. 

Aan de regel “Je kunt niet niet communiceren” (waarover later meer in Deel XI) voeg ik een tweede: “je kunt niet communiceren zonder intentie.” Die laatste is echter niet steeds helder. Daarom is mijn advies naar jullie toe: “Maak jullie intentie helder!”, want dit is werken met een open agenda en maakt Authentieke Interactie mogelijk.

Tijdens de conversatie blijven jullie ook aandachtig voor het verloop van het dialoogproces. Dit noem ik het Procesbewustzijn. Ik kom daar later zeker nog op terug, want het is één van de Creatieve wisselwerkingvaardigheden. Eenvoudig gesteld, het gaat om bewust te blijven van het proces zelf. Wanneer het moeilijk gaat, komen de objectieven onder druk te staan. Onze intenties beginnen te veranderen zonder dat we er bij stil staan. Teneinde terug aan te knopen met jullie Positieve Intentie, die dialoog mogelijk maakt, dienen jullie als het ware uit de interactie te stappen en naar jullie zelf én het proces te kijken. En dit op een manier zoals een buitenstaander zou doen. Men stelt zich daarbij krachtige vragen als: “Waar ben ik mee bezig?”, en “Wat is het onderliggende motief voor mijn gedrag?” Met andere woorden, wanneer men het spel kan benoemen, dan heeft men een reële kans ermee op te houden. Dit is de reden waarom de twee vaardigheden: het Formuleren van de kernvraag vanuit het Persoonlijk Doel en het Procesbewustzijn de alfa en de omega zijn van onze set vaardigheden (i.e. de zestien tools van Creatieve wisselwerking). 

Eloïse, Edward en Elvire, hoe kunnen jullie dit nu praktisch invullen? Wel, door jullie bij elke moeilijke confrontatie de volgende belangrijke vragen te stellen: 

  • Wat is het ‘Goede’ dat ik mijzelf echt toewens? (cf. de intrinsieke en 
extrinsieke motieven); 

  • Wat is het ‘Goede’ dat ik de ander echt toewens? (cf. de transcendente motieven); 

  • Wat is het ‘Goede’ dat ik onze relatie toewens? (cf. alle voorgaande motieven). 


Bij het stellen van deze vragen lopen we een risico. Want ze kunnen een beetje misleidend zijn. Het is namelijk zo dat ik me niet steeds toewens, wat het beste voor me is, ook al denk ik dat dit het geval is. Het plezierigste is niet altijd het beste, begrijpen jullie?!? En dit zou voor de ander ook kunnen gelden. Jullie dienen dus wel degelijk jullie motieven grondig te onderzoeken! Elk motief dient namelijk verbonden te zijn met jullie intentie om het ‘Goede’ te doen. 
Wanneer jullie de bovenstaande vragen hebben gesteld, voeg er nog één veelbetekenende vraag aan toe: 


  • Hoe zou ik me echt gedragen wanneer ik dit ‘Goede’ werkelijk zou willen bekomen? 

Het zich identificeren met jullie Positieve Intentie,en dit vóór de start van een diepgaand gesprek, stelt jullie in staat jullie te focussen op de condities en de vaardigheden van Creatieve wisselwerking.  Ook weten jullie met innerlijke zekerheid dat het Creatief wisselwerkingsproces die wegen zal genereren die jullie intenties zullen ontplooien. Inderdaad, wanneer het Creatief wisselwerkingsproces leeft, zullen diegenen die met jullie in interactie zijn met jullie samenwerken om alle Positieve Intenties te verwezenlijken: die van hen én die van jullie! 

Zoals we gezien hebben, gaat de Persoonlijke Doel over het “Zijn” en de persoonlijke visie, met het bijhorend actieplan, over het “Doen”. Het Creatief wisselwerkingsproces helpt ons om het Zijn te beleven in het Doen. De Positieve Intentie is daarbij de hoeksteen betreffende hoe goed we het Creatief wisselwerkingsproces van binnen uit beleven. 

De kracht van het uitgaan van Positieve Intentie

Uitgaan van een Positieve Intentie vertraagt de negatieve invloed van de Vicieuze Cirkelen verhoogt onze vaardigheid om te focussen op het op een hoog niveau brengen van de werking van het Creatief wisselwerkingsproces en onze persoonlijke aansprakelijkheid daarvoor. Door krediet te geven aan de Positieve Intentie van de ander, kunnen we ons bovendien focussen op wat werkelijk gebeurt, met behulp van de vaardigheid die ik Procesbewust zijn heb genoemd. Dit komt neer op het helder bewust zijn van welke gedragingen er zijn – op elk moment – en welke de gevolgen zijn van deze gedragingen. Dit maakt het mogelijk om de feiten en specifieke gedragingen aan te pakken en ver weg te blijven van beschuldigingen en interpretaties vanuit de Vicieuze Cirkel. Dit betekent een enorme vermindering van tijdsverspilling en energieverlies omdat we ons focussen op wat werkelijk belangrijk is – wat er gebeurt en wat daarvan het resultaat is. Wanneer dit resultaat niet het ‘Goede’ is, dan dienen we onze manier van doen, ons gedrag, in vraag te stellen en te veranderen. 

Wat belangrijk is, zijn de gedragingen en de manier van denken die aan dat gedrag ten grondslag liggen. Wij gaan er a priori van uit dat deze manier van denken positief is. Wanneer echter de feiten (en dus niet de interpretaties) aantonen dat dit niet het geval is, zal het Creatief wisselwerkingsproces– indien niet afgeremd door de Vicieuze Cirkel– zorgen voor de gepaste corrigerende actie. 

Persoonlijk Engagement

Wanneer mensen zich engageren voor zowel de resultaten van de samenwerking als de relaties tussen de deelnemers, dan is er een groter engagement voor het vinden van creatieve en werkbare antwoorden op cruciale vragen en oplossingen voor problemen. Persoonlijk Engagement is op de keper beschouwd de bereidheid om zich in te zetten voor Creatieve Wisselwerking. We hebben het daar uitvoerig over gehad in deel I, met name toen we het hadden over het tweevoudig engagement van Henry Nelson Wieman.

Eloïse, Edward en Elvire, het Persoonlijke Engagementis ook de persoonlijke morele verplichting, die jullie zich zelf opleggen, om volledig aanwezig te zijn in elke ontmoeting. Dus ook in elk gesprek dat jullie hebben. Een vraagje: “Hoeveel keer hebben jullie gedurende de afgelopen week gemerkt dat jullie niet ‘echt aanwezig’ waren tijdens een gesprek?” 

Momenteel worden we hoe langer hoe meer bestookt met zaken die onze aandacht opeisen. Multitasking is blijkbaar een noodzaak geworden: we beantwoorden sms’jes, WhatsApp berichten en e-mails terwijl we een les of vergadering bijwonen of met iemand aan de telefoon in gesprek zijn. Thuis spreken we met mama en elkaar en terzelfder tijd volgen we op het internet het nieuws, “heet van de naald”. En, wanneer iemand met ons aan het praten is, denken we aan iets anders – iets min of meer ‘belangrijk’. Het blijkt een kenmerk te zijn van onze huidige samenleving: we zijn met zo veel tegelijk bezig dat wij niet meer echt naar elkaar luisteren. Onze hersenen zijn (bij vrouwen duidelijk meer dan bij mannen) effectief bekwaam om meerdere zaken tegelijkertijd te behandelen. Nochtans, écht luisteren naar gesproken boodschappen vergt heel wat inspanning. En wat is het effect op anderen wanneer we onze luistervaardigheid niet ten volle inzetten gedurende een gesprek? Zien zij dat? Wees er maar zeker van, zelfs een kind ziet het! Zo zei Elvire, toen ze nog geen vier jaar was, mij ooit op strenge toon: “Opa, je luistert niet naar mij!”. En ook anderen zien het. Men toont het op zo veel manieren: gebrek aan oogcontact, niet responderen op, of zelfs verkeerd interpreteren van de boodschap. 

Wat betekent Persoonlijk Engagement in de context van Creatieve wisselwerking? 

Met andere woorden: hoe kunnen jullie ervoor zorgen dat jullie altijd ten volle aanwezig zijn in een gesprek en hoe kunnen jullie tonen dat jullie echt om de ander geven?
 Volledig aanwezig zijn in een gesprek betekent dat men ten volle betrokken is in de dialoog. Met andere woorden, men hoort wat er wordt gezegd, men denkt er over na en men peilt naar haar of zijn gevoelens, ook al is men zelf niet aan het woord. 

Er om geven, heeft in deze context twee dimensies: “Ik geef om de resultaten die we met de dialoog trachten te bekomen” en “ik geef om de relatie die ik met de andere persoon heb”. Dit hoeft niet te betekenen dat men die persoon ook effectief graag heeft, hoewel dit de dialoog een stuk makkelijker kan maken. Wanneer jullie voor Persoonlijk Engagement binnen gesprekken kiezen, dan focust jullie interne energie zich op de kwestie die aan de orde is en die energie zoekt wegen om de dialoog vooruit te stuwen. En wanneer iedereen zich persoonlijk inzet, wordt die energie uitgewisseld en “fladdert” de dialoog. Wij zijn dan in ‘Flow’[xiii]. Omgekeerd, trekt of voert eenieder die niet geëngageerd is, de energie weg van de conversatie en kan, in het slechtste geval, negatieve energie uitzenden, die de gezonde dialoog afremt of zelfs blokkeert. De dialoog wordt daardoor omgezet in een heftige discussie, waardoor de beste oplossingen, voor de problemen die zich stellen, niet gevonden worden. 

Anders gesteld, volledig aanwezig zijn in een gesprek is geëngageerd zijn om Creatieve wisselwerking zijn werk te laten doen en bovendien geëngageerd zijn om de vaardigheden ervan ten volle in te zetten. Wanneer we ons zowel inzetten voor het resultaat van de dialoog als voor de relatie met de deelnemers, gaan we een groot engagement aan ten opzichte van het proces en gaan we er ten volle voor om zowel praktische oplossingen uit te werken en betere opties te creëren, als om de relatie te verbeteren of tenminste niet in gedrang te brengen. 

Eloïse, Edward en Elvire, er om geven, heeft zowel te maken met het in lijn brengen van de intenties – met betrekking tot de resultaten en de relatie met de andere(n) – als met de aandacht gedurende de dialoog. Jullie kunnen gedurende een gesprek continu jullie Persoonlijk Engagement meten door gedurende het gesprek op een stukje papier te noteren (“af te vinken”) of jullie al dan niet aandachtig zijn. Zo kunnen jullie meten hoeveel keer jullie geest aan het “zweven” slaat en jullie daardoor niet meer correct geëngageerd zijn. Jullie kunnen natuurlijk enkel jullie Persoonlijk Engagement meten en niet dat van de ander, ofschoon jullie daarover wel een mening hebben. Zolang jullie die niet uiten en deze niet door de ander bevestigd wordt, blijft het een mening. Met andere woorden, een interpretatie en niet de realiteit! 


[i]Bruce Springsteen, Quote uit Badlandssong van studioalbum Darkness on the Edge of Town, Columbia Records, 1978

[ii]Lode Zielens, Moeder waarom leven wij? (eerste uitgave 1932, bekroond in 1934 met de driejaarlijkse Staatsprijs voor verhalend proza), Antwerpen: Uitgeverij Houtekiet, Vlaamse Bibliotheek n° 4, 1999.

[iii]Paul de Chauvigny de Blot SJ. Vernieuwing van Organisaties in een Chaotische Omgeving door Vernieuwing van de Mens. De organisatievisie van Ignatius van Loyola. Een Case Study. Proefschrift, Breukelen: Nyenrode University Press, 2004.

[iv]https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/van-a-tot-z–piet-hoebeke/2018/van-a-tot-z–piet-hoebeke-s2018a26/Z : Zingeving, 2018 (6:10-8:20).

[v]Steven R. Covey, The seven habits of highly effective people. New York : Fireside, 1990.

[vi]http://www.historien.nl/alfred-nobel-geeft-naam-aan-nobelprijs/

[vii]Anna Terruwe, Geef mij je hand … Over bevestiging sleutel van het menselijk geluk, De Tijdstroom, 1972.

[viii]Johan Roels, Cruciale dialogen, Het dagdagelijks beleven van ‘Creatieve wisselwerking’, Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 2012. pp. 90-91.

[ix]Peter M. Senge, …. [et al.]  The Fifth Discipline Field book: strategies and tools for building a learning organization. New York: Doubleday, 1994.

[x]Peter M. Senge, The Fifth Discipline. The Art and Practice of The Learning Organization, New York: Doubleday. 1990

[xi]Ik ga er van uit dat jullie Persoonlijke Intentie positief is en dus heb ik in dit onderdeel Persoonlijke Intentie hier en daar vervangen door Positieve Intentie. Anders gesteld, het zijn voor mij synoniemen.

[xii]Deze regel komt uit de tweede strofe van het fameuze lied “When you whish upon a Star”. Grootvader van jullie zijn heeft heel wat positieve consequenties. Eén daarvan is dat ik deze grote Walt Disney klassieker, die nu beschikbaar is op dvd, kon herontdekken en becommentariëren. Jimmy Cricket zingt deze song voor Pinoccio, een houten marionet, waarvan de maker, Giuseppe, wenst dat die tot leven zou komen – voorwaar een wonderbaarlijke creatieve transformatie!

[xiii]Mihaly Csikszentmihalyi is de belangrijkste theoreticus achter het concept Flow. Flow refereert aan een mentale toestand waarin een persoon volledig opgaat in zijn of haar bezigheden. Voor mij is Flow één van de synoniemen van de toestand gecreëerd door het van binnenuit beleven van Creatieve wisselwerking.

BLIJF WAKKER ! – DEEL IV

WELKE ZIJN JULLIE ‘WAARDEN’ EN ‘KERNKWALITEITEN’?

The success brought me an audience,

It also separated me from all the things 

I’ve been trying to make my connections to my whole life. 

And it frightened me because I understood that 

what I have of value is at my core 

and that core was rooted in the place I’d grown up, 

the people I’d known, the experiences I had. 

If I move away from those things… to go about your life as you desire, without connection… that’s where a lot of people I admired 

drifted away from the essential things that made them great.

More than rich, more than famous, more than happy, 

I wanted to be great.”[i]

– Bruce Springsteen 

“The Promise: the making of Darkness on the Edge of Town” – 2010  

Een vraag over onze waarden en kernkwaliteiten en dan schrijf je die begrippen ook nog eens tussen aanhalingstekens; Opa, daar hebben wij drie vragen bij:

  1. Wat betekenen die begrippen?  
  2. Welke zijn dan onze ‘waarden’ en ’kwaliteiten’?
  3. Is er een verschil tussen de ‘waarden’ en ‘kwaliteiten’ van respectievelijk Eloïse, Edward en Elvire? 

We zijn benieuwd naar jouw antwoorden!

Over ‘waarden’

In dit onderdeel bespreek ik eerst het belangrijk onderscheid tussen Intrinsieke Waarde en extrinsieke waarde en heb ik het nadien over jullie Kernwaarden.

Intrinsieke  vs extrinsieke waarde

Ik start dus met het onderscheid tussen Intrinsieke Waarde (Intrinsic Worth) – begrip dat overigens werd gebruikt in één van de lessen Godsdienst van Eloïse (SUI – herfst 2018) – en extrinsieke waarde nog eens duidelijk te maken.

Intrinsieke Waarde  betekent, zoals eigenlijk de naam aangeeft, dat iemand of iets intrinsieke of inherente waarde heeft in zichzelf, alleen al door te bestaan. Het voorbeeld bij uitstek is uiteraard het pas geboren kind. De baby heeft Intrinsieke Waarde  alleen al door er te zijn. Vandaar ook dat Charlie Palmgren’s concept, de Vicieuze Cirkel, start met dit begrip. DeVicieuze Cirkel is een metaforisch model om te duiden hoe mensen het zicht op hun Intrinsieke Waarde verliezen en verstrikt raken in hun ‘fixed’ bekrompen mindset (mentaal model). Belangrijk is ook te onderkennen dat men niets aan haar of zijn Intrinsieke Waarde kan toevoegen of ervan weghalen, zelfs de persoon in kwestie niet. Alleen, zij of hij is zich daar niet altijd van bewust.

Ook hebben mensen, wat ook hun geslacht of etnische oorsprong is, een gelijke Intrinsieke Waarde. Daarmee heb ik al een van jullie vragen beantwoord: jullie Intrinsieke Waarde, Eloïse, Edward en Elvire is dezelfde. Iedereen heeft bij z’n geboorte dezelfde Intrinsieke Waarde. En voor ons, Bonnie en Opa, kan die waarde geen sikkepit veranderen: jullie zijn en blijven ‘intrinsiek waardevol’, en dit voor altijd!

Laat ik nu de definitie van Intrinsieke Waarde, die ik al in een voetnoot van deel II gaf, herhalen: 

Intrinsieke Waarde: de kwaliteit die [iemand] waardevol maakt; de kwaliteit binnenin de persoon die waardering of respect afdwingt.

Dit staat in schril contrast met het begrip extrinsieke waarde. Laat ik daarvan een paar voorbeelden geven. Een auto is extrinsiek waardevol. Die waarde hangt echter af van wat mensen er willen voor geven. Als je zelf niet veel waarde hecht aan een bepaald type auto, dan is die voor jou niet zo waardevol. Ook de Euro is extrinsiek waardevol. Die heeft waarde omdat mensen gezamenlijk besloten hebben om aan dat muntstuk een waarde toe te kennen en te gebruiken bij het kopen en verkopen van zaken. Indien we geen waarde zouden hechten aan de Euro, dan zou die waardeloos zijn. Jullie extrinsieke waarde, Eloïse, Edward en Elvire is wel verschillend en hangt af van wie die waarde apprecieert. Zo zal Emil (in de herfst van 2018) Eloïse waardevoller vinden dan Elvire. Elkeen vind iets waardevol vanuit uit z’n eigen standpunt. De naam extrinsiek betekent dat de waarde van buitenaf wordt toegekend.

Laat ik nu ik de definitie van extrinsieke waarde, die ik al in een voetnoot van deel II gaf, herhalen:

Extrinsieke waarde: de waarde die [iemand] aantrekkelijk en bruikbaar maakt; de kwaliteit die kan gekocht, verworven of verdiend worden.

Laat mij eens het onderscheid tussen deze waarden op een andere manier stellen. Jullie Intrinsieke Waarde is innig verbonden aan jullie persoon, wie jullie zijn als persoon. Dus met jullie Creatieve Zelf, met jullie helder bewustzijn en met jullie ‘Ik-bewustzijn’. En die is voor elk van jullie even groot. Jullie extrinsieke waarde is verbonden aan wat jullie kennen, kunnen, en aan jullie gedrag. Dus met jullie gecreëerde zelf, met jullie gekleurd bewustzijn, en met jullie ‘mij-bewustzijn’.

Zo is het mogelijk dat Bonnie en ik zelf een specifiek gedrag van één van jullie waardeloos vinden en zelfs afkeuren, waardoor de extrinsieke waarde van haar of hem een knauw krijgt. Toch blijft haar of zijn Intrinsieke Waarde intact. Wij houden nog steeds evenveel van haar of hem als persoon en keuren, althans in dit specifieke geval, haar of zijn gedrag af. De moeilijkheid blijft echter dit alles steeds correct over te brengen. 

Zo is echte liefde ook een Intrinsieke Waarde; echte liefde is er. Zoals jullie in vorig deel (Deel III) hebben kunnen lezen, is de liefde van Karenin, hond van Tereza de hoofdfiguur uit het boek ‘De ondraaglijke lichtheid van het bestaan’, onbaatzuchtig en onvoorwaardelijk. Zo is ook onze liefde naar jullie toe onbaatzuchtig en  onvoorwaardelijk, dus blijft jullie Intrinsieke Waarde overeind. Nogmaals, het is niet omdat we, in sommige gevallen, jullie gedrag afkeuren dat we daarom minder van jullie houden.

Een andere definitie van Intrinsieke Waarde, waar ik persoonlijk van hou, is deze van m’n mentor Charlie Palmgren. In het boekje ‘The Chicken Conspiracy’[ii], dat hij samen met Stacie Hagan schreef, definieert Charlie Intrinsieke Waarde als volgt: 

De Intrinsieke Waarde van een menselijk wezen is z’n capaciteit om deel te nemen aan transformerende creativiteit. 

Die Intrinsieke Waarde is dus voor Charlie Palmgren het vermogen om continu uit te breiden wat eenieder van ons kan weten, appreciëren, zich kan inbeelden en uitvoeren. Charlie schrijft: “wij zijn voor dit transformatie proces gemaakt, zoals een arend gemaakt is om te vliegen.” De Intrinsieke Waarde vindt z’n origine in deze capaciteit en wij zetten deze Intrinsieke Waarde in door vol te gaan voor transformerende creativiteit. Met name door het tweevoudig engagement voor Creatieve wisselwerking waarover ik het had in Deel I. Intrinsieke Waarde is zowel ‘zijn’ als ‘doen’, zowel inwendig als uitwendig, zowel nadenkend als uitvoerend.

Intrinsieke Waarde neemt in het begin van het menselijk leven de vorm aan van het streven om te overleven. Later krijgt het een hoger doel: de nood voor creatieve transformatie. Deze nood is de basis voor ons psychologisch en spiritueel groeien; zoals zuurstof, water, voedsel, oefening en slaap nodig zijn voor ons fysisch welbehagen.

Bij een baby kan men goed observeren dat de Intrinsieke Waarde zich niet alleen vertaalt in het ondernemen van acties om te overleven (wenen bij honger of natte pamper) maar zich ook hoe langer hoe meer vertoont als het van binnen uit werken aan ‘creatieve transformatie’ van zichzelf; van binnen uit, dus zonder opdracht daartoe van buitenaf. Dr. Erle Fitz, een vriend van Charlie Palmgren, verwoordde dit ooit zo: “The newborn child engages in increasing interludes of wakefulness.” “Het pasgeboren kind beleeft hoe langer hoe bewuster de steeds langer wordende periodes van wakker zijn”. Dit betekent dat het kind, eens de basisbehoeften vervuld zijn, haar of zijn wakkere tijd gebruikt om de wereld rondom haar of hem te exploreren. Het kind begint met kijken en observeren en gaat nadien authentiek in interactie met elementen uit haar of zijn omgeving. Al eens bemerkt hoe vaak een pasgeborene lacht naar z’n moeder of vader en raar kijkt wanneer een nieuw gezicht boven het wiegje opdoemt? Dit alles mondt uit in het beginnen waarderend begrijpen van de buitenwereld. Waarom? Omdat menselijke wezens gemaakt zijn voor dit soort evolutie en ontwikkeling. Met andere woorden, de mens is gemaakt om zich aldus creatief te transformeren zoals de arend gemaakt is om te vliegen. Het vermogen voor creatieve transformatie definieert dus Intrinsieke Waarde. Deze waarde is bovendien voor iedereen gelijk en in feite een constante. Jullie Intrinsieke Waarde, Eloïse, Edward en Elvire, is onvoorwaardelijk; dit staat vast. Bovendien is jullie Intrinsieke Waarde jullie gegeven. Met andere woorden, jullie hebben er niets hoeven voor te doen.

Nooit zijn jullie meer waard geweest of zullen jullie meer waard worden dan dat jullie waren bij jullie geboorte (en dat jullie nog steeds in m’n ogen zijn). Jullie zijn waard wat jullie kunnen waard zijn op dit eigenste moment, punt!

Wat vinden jullie van bovenstaande vetgedrukte tekst? Welk gevoel geeft die tekst jullie? Lees deze nog eens rustig na.  Denk er eens goed over na. 

Indien jullie Intrinsieke Waarde – zijnde de capaciteit om zich in te laten met creatieve transformatie – jullie gegeven is, vergezeld die waarde jullie in deze wereld en dit gedurende jullie ganse leven. Daardoor ook is om het even welke inspanning jullie doen, in om het even welk domein, nooit gericht op het verhogen van die Intrinsieke Waarde. Bovendien wordt deze waarde niet verminderd door wat jullie ooit uitspoken.

Natuurlijk zullen jullie over de jaren heen meer vaardigheden, meer kennis en meer ervaring verwerven. Deze zullen jullie toelaten hoe langer hoe effectiever en efficiënter te handelen. Deze zullen jullie extrinsieke waarde veranderen. Edoch, ongeacht jullie vooruitgang of tegenslagen blijft jullie Intrinsieke Waarde constant. De cruciale vraag voor nu en de toekomst is: “In welke mate blijven jullie verbonden met die Intrinsieke Waarde?” Zoals jullie al weten is de Vicieuze Cirkelverantwoordelijk voor het feit dat mensen los raken van hun Intrinsieke Waarde. Daarom is het belangrijk om de werking van dit negatieve proces te kennen. Wendbaar zijn is de Vicieuze Cirkelontwijken en weerbaar zijn betekent om, nadat de Vicieuze Cirkelof het leven zelf jullie te grazen heeft genomen, opstaan en terug doorgaan met het van binnenuit beleven van Creatieve wisselwerking. Daarom ook dient hoofdstuk 3 van m’n boek ‘Cruciale dialogen’ eigenlijk voor jullie ‘parate kennis’ te zijn.

Ook is het zo dat  het gedrag van mensen ons blind kan maken voor hun Intrinsieke Waarde. Het gedrag van mensen en hun Intrinsieke Waarde zijn twee heel verschillende zaken. Laakbaar gedrag is steeds toe te wijzen aan het vastzitten in een bepaald denkkader. De oorzaak ervan is ook steeds terug te voeren naar de werking van de Vicieuze Cirkel en dus het losgeslagen zijn van de eigen Intrinsieke Waarde.

De kern van de zaak is niet of jullie Intrinsieke Waarde hebben, wel of jullie die Intrinsieke Waarde consistent ervaren. Het ervaren van Intrinsieke Waarde is centraal in de ontwikkeling van een gezonde identiteit. En, spijtig genoeg, en reeds uitvoerig gesteld, verliezen de meeste mensen het contact met die waarde – zoals de arend in het verhaal ‘De Gouden Arend’ van Anthony de Mello SJ. De Intrinsieke Waardevan de arend wordt bevestigd door het vliegen. Wanneer, zoals in het verhaal, de arend denkt dat hij een kip is en door de boer letterlijk en figuurlijk als een kip behandeld wordt, dan wordt zijn kunde om te vliegen beknot, waardoor hij het vliegen verleerd en zijn ervaring van z’n Intrinsieke Waarde nihil wordt. 

Op dezelfde manier ervaart de mens z’n grootste voldoening en ontplooiing door transformerende creativiteit.  Deze ervaring is cruciaal voor de ontwikkeling van het menselijk wezen. Die ervaring laat zich echter niet gebieden en men dient er volledig met vertrouwen voor open te staan. Die ervaring komt zowel met extreem goede gebeurtenissen als met extreem slechte. De kunst is die ervaring te doorleven! En juist daardoor wordt de mens getransformeerd.

Inderdaad, wanneer we transformerende creativiteit (i.e. Creatieve wisselwerking) van binnenuit beleven, dan ervaren we de voldoening van het inzetten van onze Intrinsieke Waarde. Anderzijds, wanneer we ons leven inrichten op een manier die deze capaciteit belemmert, ervaren we ontevredenheid, stress en uiteindelijk worden we ziek.   

Niet dat het streven naar extrinsieke waarde slecht is; edoch wanneer we naar ‘wereldse’ waarden (geld, roem, aanzien, succes, …) streven ten koste van onze Intrinsieke Waarde, worden we gevangen door de (eventueel zelfs gouden) kooi van het op die manier streven naar extrinsieke waarde. Eens opgesloten in de kooi van de Vicieuze Cirkel is het onmogelijk nog te vliegen als een arend: onze vleugels slaan zich stuk tegen de beperkingen van die kooi. 

Daarom dienen we te leven vanuit onze Intrinsieke Waarde, hoewel de meesten onder ons dat verleerd hebben. Mensen aanleren hun Intrinsieke Waarde terug te vinden, door terug te leven vanuit hun capaciteit tot creatieve transformatie, is hen terug het creatief wisselwerkingsproces laten ontdekken. Ik zei vaak gedurende mijn professionele levens waarin ik als consultant aan de slag was, dat ik mensen iets leerde dat ze op de keper beschouwd reeds kenden, en hen hielp terugvinden, wat ze in feite nooit verloren hadden. Waar ze evenwel niet meer met verbonden waren: hun Intrinsieke Waarde. Dat ik daarvoor zelfs goed betaald werd, blijft ook voor mij een mysterie.

Kernwaarden

Iedereen heeft een stel ‘Kernwaarden’Kernwaarden zijn persoonlijke waarden die de persoon zelf belangrijk acht, die haar of hem motiveren en waaraan zij of hij prioriteit geven. In tegenstelling tot onze Intrinsieke Waarde, waarover ik het daarnet had, zijn Kernwaarden geen ‘inherente’ waarden. Met andere woorden, wij zijn er niet mee geboren. Herlees eens de quote van Bruce Springsteen aan het begin van dit deel. Kernwaarden  ontwikkelen zich bij het ontwikkelen van het eigen waardenbewustzijn. En ieder van ons heeft een eigen, specifiek waardenbewustzijn, dat vorm begon te krijgen van zodra we bewust waren dat we leefden. Het proces dat daarbij gebruikt wordt is, dat hadden jullie al kunnen denken, het creatief wisselwerkingsproces. Het transformatieproces waarmee eenieder van ons geboren is. Door dit proces van binnen uit te beleven, bij het in contact komen met anderen, wordt het waardenbewustzijn van elk van ons uitgebreid. Bruce Springsteen verwoord dit als volgt: “My core was rooted in the place I’d grown up, the people I’d known, the experiences I had”. In het Nederlands: “Mijn kern wortelde zich waar ik opgroeide, door mensen die ik ontmoette en ervaringen die ik opdeed.” Henry Nelson Wieman verwoordde het als volgt: “By way of this creativity, I come to include in myself values I previously could not imagine”.[iii] Vrij vertaald klinkt dit als volgt: “Door het beleven dit creatief wisselwerkingsproces creëer ik in mezelf waarden die ik mij daarvoor zelfs niet kon voorstellen.”

Kortom, het creatief wisselwerkingsproces breidt het waardenbewustzijn uit. Dit waardenbewustzijn is persoonlijk en wordt door Henry Nelson Wieman gedefinieerd als “de verzamelnaam voor hetgeen het individu kent, waardeert, zich kan voorstellen, bewust kan uitvoeren en van binnenuit beheersen.” Daarbij is Henry Nelson Wieman’s definitie van het begrip waarde: “Een doelzoekende activiteit.”[iv] Een waarde is dus niet passief, een waarde is actief! Een waarde is een doelzoekende activiteit, met andere woorden: wat jullie werkelijk waarderen, Eloïse, Edward en Elvire, kan opgemaakt worden uit de activiteiten die jullie ontplooien om die waarden echt te beleven en waardoor jullie ze ook eigen maken. Zo weet ik heel wat van jullie Kernwaarden. Om een klein voorbeeld te geven: zo weet ik dat voor Elvire ‘netheid’ een Kernwaarde is. Dat kan je namelijk overvloedig zien aan haar gedrag. Ik zeg niet dat Elvire houdt van poetsen, maar ze poetst wel veel, want netheid is voor haar een Kernwaarde!

Voor antwoorden op vragen als: “Wat is het belang van Kernwaarden?”, “Hoe stabiel zijn Kernwaarden?” en “Welke Kernwaardenondersteunen Cruciale dialogen?” verwijs ik naar jullie exemplaar van m’n boek ‘Cruciale dialogen’[v].

Kernkwaliteiten

Ik stelde eind 2018 met genoegen vast dat dit onderwerp deel uitmaakt van lessen die Eloïse aan het SUI volgt. De theorie over Kernkwaliteiten van ir. Daniel Ofman[vi] kwam in de cursus gedragswetenschappen aan bod. De theorie werd bovendien ingeoefend. Eloïse is daardoor een expert in deze materie geworden (ze haalde zelfs de maximum score op de taak daaromtrent). Dus Edward en Elvire, voor al jullie vragen met betrekking tot Kernkwaliteiten één adres: Eloïse!

Ook kunnen jullie de theorie en mijn voorbeelden vinden in m’n boek ‘Cruciale dialogen’[vii].

Hoe werkt het?

Identificeren van persoonlijke waarden

Indien men iemand koudweg de vraag stelt: “Welke is de top drie van uw persoonlijke waarden?” krijgt men vaak een langgerekte “Euhhhh…” als antwoord.

Ik raad jullie, Eloïse, Edward en Elvire, daarom aan elke vijf jaar de top drie van jullie persoonlijke waarden vast te leggen. En daarbij ook na te kijken of die gewijzigd is en daarover te reflecteren: Wat is er veranderd? Wat kan daarvan de oorzaak zijn?

Een goede methode om de top drie van jullie persoonlijke waarden te vinden is de volgende. Vooreerst kiezen jullie intuïtief uit een lijst van een zestigtal waarden jullie top tien. Neem daartoe wel de nodige tijd. Ik raad jullie aan om daarvoor wel een goed uur uit te trekken en indien nodig eerst de definities van deze waarden eens na te lezen.

LIJST PERSOONLIJKE WAARDEN

  1. Aanzien
  2. Aardig gevonden worden
  3. Altruïsme
  4. Ambitie
  5. Aanpassingsvermogen
  6. Authenticiteit
  7. Begrijpen
  8. Betrouwbaar
  9. Creativiteit
  10. Continue verbetering
  11. Controle
  12. Dankbaarheid
  13. Dienstbaarheid
  14. Doorzetten
  15. Eerlijkheid
  16. Empathie
  17. Enthousiasme
  18. Familie/Gezin
  19. Geld
  20. Geluk
  21. Gezondheid
  22. Humor/Plezier/Vreugde
  23. Integriteit
  24. Interafhankelijkheid
  25. Invloed
  26. Leven lang leren
  27. Leiderschap
  28. Liefde
  29. Loyaliteit
  30. Luisteren
  31. Macht
  32. Nederigheid
  33. Netheid
  34. Nieuwsgierigheid
  35. Omgaan met onzekerheid
  36. Onafhankelijkheid
  37. Openheid
  38. Passie
  39. Persoonlijke ontwikkeling
  40. Rechtvaardigheid
  41. Respect
  42. Rijkdom/Weelde
  43. Roem
  44. Schoonheid
  45. Succes
  46. Toewijding
  47. Vergevingsgezindheid
  48. Veiligheid (Safety)
  49. Verbinden
  50. Vertrouwen
  51. Vrede
  52. Waarderen
  53. Waarheid
  54. Welzijn
  55. Wijsheid
  56. Zelfdiscipline
  57. Zelfvertrouwen
  58. Zinvolheid
  59. Zorgzaamheid (medemens)
  60. Zorgzaamheid (planeet)

Jullie mogen uiteraard aan bovenstaande lijst andere waarden toevoegen. Wie ben ik om jullie waarden op te dringen? Nee, dat is – en dat weten jullie – niet mijn stijl. Ik heb respect voor jullie eigen mening.

Dit is echter een individuele oefening, vandaar dat ik vanaf nu de ‘je’ vorm gebruik voor de rest van deze interessante waarden identificatie. Na een paar dagen herlees je die lijst en je distilleert daaruit, nog steeds intuïtief, de top 6 van jullie persoonlijke waarden. Dit alles doe je uiteraard alleen en strikt persoonlijk! 

Na terug een paar dagen schrijf je voor elke van die zes overblijvende waarden een A5-je vol. Daarbij beschrijf je zo precies mogelijk in welke omstandigheden (waar, wanneer, hoeveel keer, …) je die waarde echt beleeft (hoe, dus met welk gedrag, bij welke activiteit, …) en wat voor jou het doel is van die waarde (dit is het zo belangrijke waarom). Wanneer je voor elk van die zes waarden dit nogal moeilijk en indringend ‘huiswerk’ hebt uitgevoerd, laat je een en ander voor een week rusten. 

Dan herlees je aandachtig de documenten betreffende je zes waarden en maak je de uiteindelijke top 3 van je persoonlijke waarden. U verscheurt daarbij werkelijk de drie A5-jes van de waardenbeschrijvingen die niet de top 3 van je persoonlijke waarden halen. Je reflecteert daarbij over wat die handeling (het verscheuren van de waarden vier tot zes) met jou doet.

Uiteindelijk heb je dus de top drie van je persoonlijke waarden gevonden!

Een bijkomende oefening is dat je die waarden kenbaar maakt aan je mama, en je bro er en zus (of mama en je zussen voor Edward). En eventueel ook aan je beste vrienden. Een goede oefening is dat te doen wanneer allen hun eigen top drie hebben vastgelegd. De oefening verloopt als volgt:

Elke persoon ontmoet in dezelfde ruimte elk van de ander leden van het gezin en eventueel vriendengroep. Bij elk tweegesprek zegt zij of hij: “De top 3 van mijn persoonlijke waarden is: A, B, C”. Waarop de andere persoon in dit gesprek zegt: “Bedankt! Laat ik u nu mijn top 3 van mijn persoonlijke waarden geven: D, E, F.”, waarop de eerste “Dank je wel” zegt. Iedereen ontmoet aldus elkeen en reflecteert nadien wat dat met haar of hem heeft gedaan en wat zij of hij heeft geleerd.

Identificeren van persoonlijke kernkwaliteiten

Hoe je dit kunt doen is, kunnen jullie vinden in m’n boek ‘Cruciale dialogen’[viii] en zoals gesteld kan Eloïse, jullie, Edward en Elvire daarbij helpen!


[i]Bruce Springsteen Quote. Documentaire: The Promise: The Making of Darkness on the Edge of Town,  Director: Thom Zimny, 2010

[ii]Stacie Hagan and Charlie Palmgren. The Chicken Conspiracy, Breaking the Cycle of Personal Stress and Organizational Mediocrity.Baltimore, MA: Recovery Communications, Inc., 1998. Page 21.

[iii]Henry Nelson Wieman, Religious Inquiry. Boston, MA: Beacon Press, 1958

[iv]“A value is a goal seeking activity.” Henry Nelson Wieman, What is Creative Interchange? Interchange, January, 1970.

[v]Johan Roels. Cruciale dialogen, Het dagdagelijks beleven van ‘Creatieve wisselwerking’. Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 2012, pp. 70-75.

[vi]Daniel Ofman, Bezieling en Kwaliteit in Organisaties. Utrecht-Antwerpen: Kosmos-Z&K Uitgevers, Servire, 1999, blz 31-51.

[vii]Johan Roels. Cruciale dialogen, Het dagdagelijks beleven van ‘Creatieve wisselwerking’. Op.cit. pp. 75-86.

[viii]Johan Roels. Cruciale dialogen, Het dagdagelijks beleven van ‘Creatieve wisselwerking’. Op.cit. 

BLIJF WAKKER ! – DEEL III

WIE ZIJN JULLIE?

So when you look at me

you better look hard and look twice:

Is that me baby? 

or just a brilliant disguise.[i]

– Bruce Springsteen

Brilliant disguise – Tunnel of Love – 1987

Wat een rare vraag, Opa! Je weet toch wie wij zijn ?!?

Die vraag is, Eloïse, Edward en Elvire, toch niet zo raar als ze op het eerste zicht lijkt. In vorig deel zagen we dat er een wezenlijk verschil is tussen het helder bewustzijn(het Ik-bewustzijn) en het gekleurd bewustzijn (het mij-bewustzijn). Daardoor wordt de vraag voor elk van jullie : “Wie ben ik?” en daarbij bedoel ik jullie helder bewuste “Ik” en niet jullie gekleurd bewuste “mij”.

Wanneer mensen wordt gevraagd zich voor te stellen, stellen ze meestal de “mij” voor en zelden de “Ik”. Hoe komt dit? Wel, omdat de meeste mensen hun ware “Ik” niet kennen, zo eenvoudig is het!

Wij hebben in vorige column ook gezien dat de “Ik” de “mij” kan observeren. Dit is een interessant fenomeen dat nooit heeft opgehouden filosofen, mystici, wetenschappers, psychologen en psychiaters bezig te houden. Het blijkt dat dieren dit niet kunnen en dat er een zeker niveau van intelligentie nodig is om dit wel te kunnen. Ik wil het in deze column zo simpel mogelijk houden en dus geen metafysica, noch filosofie doceren. Toch is deze manier van observeren uiterst belangrijk, ook voor jullie. Het gaat in feite over iets dat eenvoudig lijkt: simpelweg observeren (uit je doppen kijken) en het gezond verstand gebruiken.  Het probleem met het ‘gezond verstand’ is dat zowat iedereen er zich op beroept en dat, zoals ik ooit een wijs man hoorde beweren, er op de dag van de schepping, wel gewogen 2784 gram ‘gezond verstand’ beschikbaar was … en dit voor de ganse mensheid over de eeuwen heen. Men gebruikt dus meestal niet het gezond verstand maar wel het gekleurd bewustzijn van het eigen mentaal model.

Het observeren van zaken wordt veelal gevolgd door het observeren van de daarbij opkomende gedachten (van de “mij”). Tenslotte worden wij ons (hopelijk) helder bewust van de ‘denker’ (van de “Ik”). Maar, nogmaals, wie is die “Ik”? Laat ik het praktisch houden en eerst beschrijven wie die “Ik’ nietis. Ik zal daarbij langzaam een en ander duiden. De kans is groot dat ik jullie ‘tegenvoets’ zal nemen. Het inzicht dat jullie hierbij zullen verwerven kan “super” of “schrikaanjagend” zijn, naargelang jullie gezichtspunt (en dus jullie huidig denkkader of mindset). Nu, vooruit met de geit!

Is jullie “Ik” de gedachten die in jullie opkomen? Natuurlijk niet, gedachten komen en gaan; dus jullie “Ik” is nietjullie gedachten! 

Is jullie “Ik” dan jullie lichaam? Wetenschappers leren ons dat miljoenen cellen van ons lichaam per minuut veranderen of vernieuwd worden en dat na zeven jaar geen enkele levende cel in ons lichaam te vinden is, die er al zeven jaar voordien was! Cellen komen en gaan en het lichaam vernieuwd zich quasi continu. Maar de “Ik” blijft overeind. Dus jullie “Ik” is nietjullie lichaam! 

De “Ik” is dus iets anders en meer dan het lichaam waarin de “Ik” huist. Jullie zouden wel kunnen stellen dat het lichaam een onderdeel is van de “Ik”. Het veranderende deel dan wel. Het lichaam blijft veranderen. Wanneer het dit niet meer doet, sterft het. We geven er blijvend de unieke naam ‘lichaam’ aan, hoewel het lichaam zelf het continu verandert. Zoals we dezelfde naam behouden voor de stad Antwerpen, hoewel Antwerpen bestaat uit elementen die continu veranderen en dus ook de stad Antwerpen quasi continu verandert. Ook om de Schelde te duiden gebruiken we blijvend dezelfde naam; voor een continu veranderende watermassa hebben we één unieke naam. Dat doet me denken aan de zinsnede “zoals de Schelde voorbij Antwerpen stroomt”, waarbij twee unieke namen voor twee veranderende grootheden worden gebruikt. Tussen haakjes: historisch gezien zou de Schelde, ter hoogte van Antwerpen, eigenlijk de Rupel moeten genoemd worden, maar dat verwerpen zeker de Antwerpenaren en ik weet niet hoe die van Rupelmonde tegenover een naamsverandering, van Rupelmonde naar Scheldemonde, zouden staan.

En hoe zit het overigens met jullie naam? Is jullie “Ik” dan jullie naam, respectievelijk Eloïse Jacobs, Edward Jacobs en Elvire Jacobs. Uiteraard niet, alleen al omdat die naam jullie werd gegeven volgens een conventie, althans wat jullie achternaam betreft. Indien jullie later waren geboren, hadden jullie, volgens een nieuwe conventie, Roels als achternaam kunnen hebben. En wat jullie voornaam betreft, die werd ‘toevallig’ gekozen door jullie ouders, zonder dat jullie daar inspraak in hadden. Indien jullie voornaam jullie niet bevalt, kunnen jullie die zelfs officieel wijzigen. Weliswaar met enige administratieve rompslomp en een paar honderd Euro, maar toch. Dus jullie zijn zeker nietjullie naam, al was het maar omdat jullie die kunnen wijzigen zonder dat jullie “Ik” zelf wijzigt.

Hetzelfde geldt voor: ik ben Belg, ik ben katholiek, ik ben ‘groen’, … Jullie kunnen van nationaliteit, van religie en politieke voorkeur veranderen zonder dat jullie “Ik” verandert.

Anders gesteld, we krijgen in ons leven ‘labels’ opgespeld. Sommige daarvan geven we ons zelf, andere krijgen we van anderen. Het is voornamelijk erg wanneer we onze “Ik” identificeren met die ‘labels’. Al die labels gaan nietover de “Ik”, die gaan over de “mij” en die verandert continu. Nogmaals, jullie “Ik” is geen enkele van de ‘labels’ die op jullie gekleefd worden (door jullie zelf én door anderen!). 

Wanneer jullie uit de cocon van jullie gecreëerde zelf stappen en de ‘mij” observeren met jullie helder bewustzijn, dan identificeren jullie zich niet meer met jullie “mij” en observeren die vanuit het standpunt van de “Ik”: de Creatieve Zelf. Ziedaar het antwoord. Jullie “Ik’ is jullie OrigineleCreatieve Zelf!

Wie lijdt pijn?

Sta mij toe om het onderscheid tussen de “Ik” en de “mij” nog iets scherper te stellen. Daarbij ga ik het even over “pijn” en “lijden” hebben. De vraag is uiteraard: “Wie voelt de pijn, wie lijdt?” De pijn wordt gevoeld door de “mij”. Het is zelfs zo dat wanneer men zich overmatig identificeert met de “mij”, het lijden eigenlijk start.

Stel dat jullie angstig, gretig of ongerust zijn. Wanneer de “Ik” zich niet identificeert met geld, naam, nationaliteit, personen of vrienden, of om het even wat, dan is die “Ik” nooit bedreigd. De “Ik” kan heel actief zijn (hopelijk wel, want het is de Creatieve Zelf), maar is nooit bedreigd. Denk eens aan iets dat jullie pijn doet lijden, of onrustig/angstig maakt. Zoek dan eens wat jullie verlangen onder dat lijden is.  De oorzaak van jullie lijden is namelijk dat jullie verlangen naar iets dat (nog) niet vervuld wordt. De vraag die jullie dienen uit te klaren is: “Waar verlang ik gretig naar dat niet wordt vervuld?” Bovendien gaat het niet enkel om een verlangen, het gaat hier ook om een identificatie. Jullie hebben jullie, op één of andere manier, het volgende wijsgemaakt: “Het welbehagen van “Ik”, omzeggens het bestaan van “Ik”, hangt vast aan het vervullen van het verlangen van de “mij””. Eloïse, Edward en Elvire, al jullie lijden – in het heden en in de toekomst – wordt veroorzaakt door jullie te identificeren met iets en dat iets kan zowel binnen als buiten jullie liggen. En laat mij duidelijk zijn, het is niet de “Ik” die zo verlangt. Dit is een illusie die jullie zichzelf wijsmaken. Het is de “mij” die naar alles en nog wat verlangt en onverzadigbaar lijkt.

Wie heeft negatieve gevoelens?

Laat ik het nu even hebben over iets waar ik zelf ook nog heel wat mee worstel, namelijk het hebben van negatieve gevoelens tegenover iets of iemand. Hoewel ik cognitief (verstandelijk) weet dat, wanneer ik negatieve gevoelens (emoties) heb tegenover iemand, ik eigenlijk in een illusie leef, laat ik mij vaak vangen door dit soort negatieve gevoelens. 

Dit komt omdat, wanneer ik negatieve gevoelens koester, ik voor een stuk blind wordt. Dat geldt overigens ook voor positieve gevoelens. Denk maar aan de spreuk “Liefde maakt blind.” Wanneer de “mij” in beeld komt, wordt alles minder helder. Met andere woorden, voordat dit gebeurde had ik één probleem en nu heb ik er twee. Menigeen denkt, verkeerdelijk, dat het niet hebben van negatieve gevoelens, zoals woede, wrok en haat, betekent dat men niets aan de situatie wilt doen.  Dat is niet het geval! Het is niet omdat je niet emotioneel aangegrepen bent door de situatie, dat je niet direct in actie schiet. Integendeel, het helder bewustzijn zorgt er voor dat je zeer gevoelig bent voor zaken en mensen rondom jou. Wat die sensitiviteit teniet doet, is de gecreëerde zelf. Wanneer men zich teveel met de “mij” identificeert, is er teveel “mij” betrokken om nog de zaken objectief te kunnen bekijken. Men kan de werkelijkheid niet op een afstandelijke manier zien. Het is uiterst belangrijk dat, vooraleer effectief in actie te komen, men bekwaam is de werkelijkheid afstandelijk te observeren. Eerst dan ziet men de werkelijkheid zoals die is (en niet zoals de “mij” is)[ii]. Negatieve emoties verhinderen het observeren omdat men door die negatieve emoties vereenzelvigd wordt met de “mij” en daardoor los geslagen is van de “Ik”.

Hoe kunnen we dan de soort passie voelen die de energie motiveert iets aan objectieve slechtheid te doen? Wat het ook is, het is niet een reactie, het is een actie!

Pijn bij overlijden van een familielid waar men een sterke band mee heeft

“Fasten seatbelts”, Eloïse, Edward en Elvire, want in wat volgt ga ik nog een stapje verder. Stel dat ik, jullie opa Johan, overlijd. Het lijkt mij normaal dat jullie wat bedroefd zullen zijn. Maar tracht u eens die droefheid voor te stellen. Hoe zou je die benoemen? Mag ik een suggestie doen? Ik gok op zelfmedelijden

De cruciale vraag is namelijk: “Waar ligt de oorzaak van jullie droefheid?” Denk daar eens even over na. Wat ik nu zal stellen zullen jullie misschien vreselijk vinden. Jullie pijn  zal te maken hebben met jullie persoonlijkverlies, toch?!? Jullie specifiek verlangen, om mij bij jullie te hebben, krijgt plots een onherroepelijke knauw en wordt dus niet meer vervuld, nooit meer! Jullie hebben medelijden met jullie “mij” en, dat denk ik, ook wel met Bonnie. Maar dat wil zeggen dat jullie medelijden hebben met iemand, in dit geval Bonnie, die medelijden heeft met haar “mij”. 

Indien jullie geen medelijden hebben met jullie zelf, met wie leven jullie dan mee? Met mij, jullie grootvader Johan? Sorry, die leeft niet meer, dus daar kan je niet met mede-leven, noch met mede-lijden. Mijn leven en lijden zijn namelijk onherroepelijk voorbij! 

De les die jullie hieruit kunt leren is de volgende: wij voelen nooit pijn wanneer we iets of iemand verliezen die we echte vrijheid toewensen; waarbij we nooit gepoogd hebben haar of hem te bezitten. Bedroefdheid is meestal een teken dat ik m’n geluk afhankelijk gemaakt heb van iets of iemand, ten minste tot op zekere hoogte. Wij zijn zo gewend het anders (gekleurd) te zien, dat wat ik hier neerpen jullie misschien zelfs onmenselijk lijkt. En toch is dit niet zo. Eerder het tegendeel is waar! Wat ik hier net neerschreef, is namelijk uiterst menselijk, want ‘des mensen’.  

Laat ik dit onderdeel eindigen met een gevleugeld woord van Maurice Raimbault. Hij was m’n directeur en die zei mij, een goede dertig jaar geleden, toen ik hem om een loonsverhoging vroeg wegens grote inzet en uitzonderlijke verdiensten: “Indien je enkel maar gelukkig kunt zijn wanneer je een Maserati bezit, Johan, zal je misschien je leven lang ongelukkig zijn!”

Wie is afhankelijk?

Met betrekking tot ‘afhankelijkheid’ zijn er verschillende graden: bij de geboorte zijn we totaal afhankelijkvan onze omgeving, ergens op het einde van de pubertijd denken we dat weonafhankelijkzijn, het is slechts wanneer we (terug) wijs worden dat we begrijpen dat we onderling interafhankelijkzijn. En dat is juist en zelfs fijn, we hebben de anderen (partner, kinderen, kleinkinderen, vrienden, bakker, slager, kok, …) nodig om een goed leven te hebben.

Edoch, psychologisch en emotioneel afhankelijk zijn van een ander betekent afhankelijk zijn van een ander menselijk wezen voor het eigen geluk! Indien dat het geval is, dreigt men het volgende te doen: die ander vragen(smeken, eisen, dreigen, …) om bij te dragen tot jouw geluk. Daarop volgt meestal iets dat nog erger is. Men krijgt angst. De angst om te verliezen, de angst om verworpen te worden,… Angst die uiteindelijk uitmondt in wederzijdse controle. Weten jullie, Eloïse, Edward en Elvire, echte liefde bant angst uit. Want echte liefde vraagt niets, eist niets, verwacht niets; er is geen afhankelijkheid. Echte liefde vraagt de ander niet jou gelukkig te maken. Daardoor hangt jouw geluk niet af van ‘de ander’. 

Een correcte levenshouding in het kader van liefde voor een andere persoon is wat volgt: “Indien je mij zou verlaten, dan zal ik geen zelfmedelijden hebben. Ik hou van jou, ik hou van jouw aanwezigheid, maar ik klamp mij niet aan jou vast.” Hierbij denk ik aan de liefde tussen Tereza, een van de hoofdpersonages van het boek “De ondraaglijke lichtheid van het bestaan’ van Milan Kundera[iii]– ik raad jullie overigens aan dat boek ooit eens te lezen – en haar hond Karenin. Volgende passage uit dit boek zal jullie hopelijk helpen begrijpen wat ik eigenlijk bedoel:

Uit deze warboel van denkbeelden ontkiemt de heiligschennende gedachte die ze niet van zich af kan zetten: de liefde die haar aan Karenin bindt is beter dan die tussen haar en Tomas. Beter, niet groter. Tereza wil Tomas noch zichzelf de schuld geven, ze wil niet beweren dat ze meer van elkaar zouden kunnen houden. Ze vindt eerder dat een mensenpaar zo geschapen is dat hun liefde a priori van een slechtere soort is dan (althans in het beste geval) de liefde die kan bestaan tussen een mens en een hond, het bizarre in de geschiedenis der mensheid dat door de Schepper waarschijnlijk niet was gepland.

Die liefde is onbaatzuchtig: Tereza wil niets van Karenin. Ze vraagt niet eens liefde. Nooit heeft ze zich de vragen gesteld die mensenparen kwellen: houdt hij van me? Heeft hij ooit van iemand anders meer gehouden dan van mij? Houdt hij meer van mij dan ik van hem? Misschien dat al deze vragen naar liefde, die liefde meten, doorgronden, onderzoeken, verhoren, haar tegelijkertijd in de kiem smoren. Misschien zijn we juist daarom niet in staat liefde te geven, omdat we ernaar verlangen liefde te krijgen, dat wil zeggen dat we steeds iets (liefde) van de ander willen in plaats van hem te benaderen zonder eisen en niets anders te willen dan zijn aanwezigheid.  En dan nog iets: Tereza accepteerde Karenin zoals hij was, ze wilde hem niet naar haar eigen beeld veranderen, ze was het bij voorbaat eens met zijn hondenwereld, ze wilde hem die niet afnemen, ze was niet jaloers op zijn geheime avonturen. Ze voedde hem niet op om hem te herscheppen (zoals een man zijn vrouw en een vrouw haar man herscheppen wil), maar alleen om hem de elementaire taal te leren die het mogelijk maakte elkaar te begrijpen en met elkaar te leven.

Makkelijk? Helemaal niet! Mogelijk, ook tussen mensen? Jawel! Bijvoorbeeld, mijn liefde voor jullie Eloïse, Edward en Elvire. Ik vraag jullie niet mij gelukkig te maken. Ik eis en verwacht niets en mijn geluk hangt daardoor niet af van jullie. Wanneer jullie mij zullen ‘verlaten’ (lees minder contact met mij zullen hebben, omdat jullie nu eenmaal andere dingen aan jullie hoofd zullen hebben dan een stokoude grootvader), zal ik daar niet treurig om zijn; want dit is de normale gang van zaken. Kleinkinderen dienen, zeker indien het nog arenden zijn, op een zeker moment met eigen vleugels te vliegen. “Het is wat het is!” zei Spinoza al. Ik ben weerbaar omdat ik dat voorzie; ik ben als het ware pro-actief en aanvaard deze werkelijkheid. Ondertussen geniet ik wel ten volle van onze liefde en ons samenzijn. Tereza parafraserend: “We hebben een gemeenschappelijke taal die het mogelijk maakt elkaar waarderend te begrijpen en van elkaars gezelschap te genieten.”

Het gaat inderdaad over het genieten van iemands aanwezigheid en belangrijkheid, zonder zich aan haar of hem vast te klampen. Ik wens jullie ook niet te herscheppen! Ik wens jullie wel, onder meer door deze reeks columns, te helpen, zodat jullie zichzelf kunnen creëren. Waar ik van geniet, is dus niet alleen jullie ‘as such’; het is iets dat groter is dan beide: jullie en mezelf. Het is echt ‘het één en het ander & verschillend van’. Dit is wat echte Creatieve wisselwerkingverwezenlijkt. Creatieve wisselwerkingis een gegeven, wij zijn er mee geboren en zelfs wanneer we niet meer bereikbaar zijn voor elkaar, blijft Creatieve wisselwerkingovereind. Ook als ik er niet meer zal zijn, blijft Creatieve wisselwerkingleven, namelijk in jullie. Jullie zullen andere mensen in jullie leven ontmoeten waarbij je Creatieve wisselwerkingop een andere, even goede en hopelijk nog betere en vollere, manier zullen beleven.

Dit is wakker blijven! Wakker blijven is eenieder laten zijn wie ze zijn, hen toelaten de richting te kiezen die ze willen kiezen, hen hun keuzes laten maken en ook mede daarom van hen houden en respecteren. Dit doet me denken aan een oud middeleeuws verhaal van Sir Gawain en de liefde van z’n leven. Een verhaal dat ik ooit hoorde vertellen door Fred Kofman[iv]en dat ik zelf een paar keer vertelde. Het verhaal gaat over de cruciale vraag: “Waar verlangt een vrouw het meest naar?” en geeft er ook het correcte antwoord op. Ik wil het jullie niet onthouden. Het is één van die typische Koning Arthur verhalen en is gekend als “The Wedding of Sir Gawain and Dame Ragnelle[v].” Het gaat als volgt: 

Op een zekere dag was King Arthur aan het jagen in zijn geliefd woud ‘Inglewood’. Hij zat een prachtig everzwijn achter na. Uiteindelijk zat het dier uitgeput in de val en Arthur sprong van zijn paard. Toen Arthur op het punt stond het dier met z’n dolk te doden, realiseerde Arthur zich plots dat hij niet alleen was. Hij voelde priemende ogen in z’n rug, draaide zich om en zag dat een enorme speer op z’n hart gericht was. Die speer werd gehanteerd door een reusachtige zwarte ridder gezeten op een groot zwart paard.

“Arthur, bereid je voor om te sterven. Je hebt heel wat verknald in jouw leven en het is hoog tijd om voor je zonden te boeten!”

Arthur had geen flauw idee wie deze immense zwarte ridder was en vroeg om tijd te winnen: “Wie ben jij?” “Dit doet niets te zake, ik wil jouw hoofd!” was het antwoord.

Arthur verdedigde zich wanhopig: “Indien jij mij doodt dan zit daar voor jou toch geen eer in. Een ongelijk gewapende ridder heeft geen enkele kans. Jouw gedrag is eerlijk gezegd onridderlijk. Je dient mij een kans te geven, toch?!?”

De zwarte ridder zag daar de redelijkheid van in en zei: “Ik stel jou het volgende voor. Ik zal je een raadsel geven en een vol jaar om het op te lossen. Indien je mij op het einde van dat jaar het correcte antwoord kan geven, laat ik jou leven. Indien je dit niet lukt, dan ga je er alsnog aan!”

Arthur had geen andere keus dan het voorstel te aanvaarden. En de zwarte ridder zei ten slotte: “Volgend jaar op hetzelfde tijdstip verwacht ik jou hier terug op deze plek met het correcte antwoord op m’n vraag: “Waar verlangt een vrouw het meest naar?”

Toen hij de vraag waarderend begrepen had, was Arthur als het ware aan de grond genageld. Hij had geen schijn van kans en was dus reeds zo goed als dood. Vooraleer Arthur het besefte, was de zwarte ridder verdwenen.

Terug in Camelot zag Sir Gawain, Arthur’s neef en de jongste, koene ridder van de Ronde Tafel, dat Arthur er zeer bedrukt bij liep. Arthur vertelde zijn wedervaren en Gawain stelde hem gerust: “Ik weet wat wij moeten doen, een heus onderzoek! Ik stel voor dat wij een bevraging doen met de beste steekproefmethode die ik nog aan het SUI heb geleerd. Wij gaan die doen over het hele land en gaan de vrouwelijke populatie van jouw koninkrijk, met de leeftijd tussen de 18 en de 48 jaar, bevragen. Op hun antwoorden laten we een analyse los. Met de hulp van alle ridders van de Ronde Tafel en hun schildknapen zal het ons zeker lukken.”

Zo gezegd, zo gedaan. Alle ridders van de Ronde Tafel gingen samen met hun schildknapen in de vier windstreken op pad. Aan elke vrouw die ze tegenkwamen stelden ze de cruciale vraag: “Waar verlang je het meeste naar?” De antwoorden tekenden de schildknapen vlijtig op. Nogal wat antwoorden kwamen terug: een lieve trouwe echtgenoot, een prachtig huis, een mooie garderobe van Dries van Noten, veel chocolade, …

Terug in Camelot werden alle antwoorden door de Management Assistenten van de Ridders verwerkt in spread sheets en behandeld met regressie analyse en het volledige gereedschap van de Kwaliteitswetenschap. Toen koning Arthur de print-outs zag, twee dikke farden, zei hij “Dit voelt niet goed aan”, maar sir Gawain verzekerde hem dat hij op z’n twee oren mocht slapen.

Edoch van slapen kwam er niet veel meer in huis. Arthur was er niet gerust in. Met nog twee maanden te gaan, ging hij hoe langer hoe meer gaan wandelen in z’n vertrouwde bos om tot rust te komen en het antwoord in de natuur te vinden. Een paar dagen voor de cruciale ontmoeting met de zwarte ridder werd hij plots uit zijn overpeinzingen gerukt door een verschrikkelijke geur. Die stank was onbeschrijfelijk walgelijk. Bah!!! Het was alsof duizend kadavers aan het rotten waren. Op dat ogenblik hoorde Arthur een krijsende stem die koude rillingen over z’n rug joeg. Jullie kennen dat wel: het geluid van krijsend krijt op het schoolbord. Die stem schreeuwde: “Arthur geen enkel van de antwoorden, die uw ridders verzameld hebben, zal jouw leven redden! Alleen ik ken het correcte antwoord op de vraag van de zwarte ridder!” Arthur, heel nieuwsgierig en sterk geïnteresseerd, hoe zouden jullie zelf zijn, trotseerde de stank en ging in de richting van de stem. Plots ziet hij op een hoop rottend hout een vormeloze, etterende massa vlees ‘getooid’ met slierten geklit vaal blond haar. Een heks, zoals hij nog nooit aanschouwde, met een werkelijk afgrijselijk wegrottend aangezicht. Het walgelijk geheel krijste: “King Arthur, dame Ragnelle heeft een levensreddende boodschap voor U!” Arthur kwam wat nader en terzelfdertijd maakte de gestalte zich los van de hoop hout en kwam ook dichter. De stank was niet te harden en Arthur zag geen andere keus dan het afschuwelijk gezicht, met een tandeloze mond en praktisch kale schedel met wat plukken geel vettig haar, te aanschouwen. De heks, die blijkbaar Ragnelle heette, vervolgde: “De antwoorden die uw ridders verzameld hebben, houden geen steek. Alleen ik ken het antwoord dat jouw leven zal redden.” Ofschoon walgend van het onwaarschijnlijke geheel bleef Arthur, nu wel uiterst geïntrigeerd, staan. Dame Ragnelle kwam nog een paar stappen nader… squash, squash, was het geluid van haar sompige voetstappen… en volgende dialoog ontspon zich toen:

“Ik weet wat je de zwarte ridder moet antwoorden om jouw vel te redden.”

“Als je die kennis hebt, Lady Ragnelle, zeg het jouw koning! Waar verlangt een vrouw het meeste naar?”

“Ik vertel het u wanneer je me belooft een dienst te bewijzen.”

“Ik schenk je de helft van m’n koninkrijk indien jouw antwoord m’n leven red.”

“Niet zo vlug, Arthur, ik hoef jouw eigendommen niet; ik wens een heel specifieke gunst.”

“Kom er mee voor de dag!”

“Ik zal u mijn wens enkel kenbaar maken indien mijn antwoord werkelijk jouw leven heeft gered. U dient mij echter nu, op jouw eer van Koning, te beloven mijn wens in dat geval in te willigen.”

Ook nu had King Arthur weinig keus, en hij zei: “OK, indien jouw antwoord m’n leven redt, dan zal ik uw wens gestand doen!”

Uiteindelijk gaf Lady Ragnelle haar unieke antwoord prijs:

“Wat een vrouw het liefste wil is

in haar leven haar eigen keuzes te mogen maken,

teneinde te leven zoals haar hart haar ingeeft,

en bemind en gerespecteerd te worden om wat ze is.”

Arthur’s Euro viel onmiddellijk. Hij kreeg de innerlijke zekerheid: dit was het antwoord!

Exact één jaar na z’n eerste ontmoeting met de Zwarte Ridder stond King Arthur oog in oog met z’n belager, en die zei: “Ah, den Arthur. Welke zijn jouw antwoorden op m’n gemakkelijk raadsel, m’n simpele vraag?” “Hier zijn de boeken met m’n antwoorden” en Arthur gaf de Zwarte Ridder de fardes met alle antwoorden die z’n ridders van de Ronde Tafel verzameld hadden. De zwarte ridder keek die door en gaf bij elk antwoord een passende reactie: “Een lieve trouwe echtgenoot, bah! Een prachtig huis, nope! Een mooie garderobe van Dries van Noten, te gek! veel chocolade, je meent dat niet!, …” De Zwarte Ridder scheurde elk antwoord uit de boeken en gooide uiteindelijk de kaften naar het hoofd van King Arthur, roepend: “Arthur, je bent zo goed als dood!”

Op dat ogenblik zei Arthur: “Ik heb nog één verlossend antwoord”. “Kom op ermee!” Uiteindelijk gaf King Arthur lady Ragnelle’s antwoord:

“Wat een vrouw het liefste wil is

in haar leven haar eigen keuzes te mogen maken,

teneinde te leven zoals haar hart haar ingeeft,

en bemind en gerespecteerd te worden om wat ze is.”

Het antwoord van de Zwarte Ridder kwam terstond: “Aah!!! Die verdoemde Lady Ragnelle!! Zij gaf jou het correcte antwoord!” schreeuwde hij en vervolgde: “Jouw lot zal nu erger zijn dan dat je dood ware geweest” en weg was hij.

King Arthur, uiteraard verrukt omdat z’n leven was gered, was er toch niet geheel gerust in. Dit wegens de dreigende laatste woorden van de Zwarte Ridder. Met enige siddering ging hij op zoek naar Lady Ragnelle. 

“Ik heb goed nieuws Dame Ragnelle” zei hij, wanneer hij het hoopje ellende gevonden had, “Uw antwoord heeft mijn leven gered, ik schenk jou de helft van m’n koninkrijk!”

“Ik zei je een paar maand geleden al dat ik jouw bezittingen niet hoef en dat ik, nadat je leven gered was, jouw deel van de afspraak kenbaar zou maken” repliceerde Lady Ragnelle “en dat is: dat je mij uithuwelijkt aan Sir Gawain!”

“Maar dat kan ik niet waarmaken!” schreeuwde Arthur, waarop Lady Ragnelle rustig riposteerde: “Beloofd is beloofd en een koning houdt z’n beloftes!”

Heel bedrukt vertrok Arthur dan naar Camelot, waar de ridders hem stonden op te wachten om z’n overwinning op de Zwarte Ridder te vieren. Maar aan z’n gezicht zagen ze dat het verre van een feestdag was. Arthur maakte Gawain deelgenoot van z’n ervaring en die antwoordde onmiddellijk: “Sire, ik was bereid om voor u te sterven, dus zal ik met plezier huwen met Dame Ragnelle, hoe afschuwelijk ze ook moge wezen.”

“Je weet niet wat je zegt, m’n jongen. Uw offer heeft m’n leven gered en enkel de dood kan u van uw belofte verlossen.”

Alles werd in gereedheid gebracht om het huwelijk van Sir Gawain en Dame Ragnelle groots te vieren, want daar stond de Lady op. Ondanks hun verwoede pogingen om de dame enigszins op te kalefateren en ze te besprenkelen met de duurste en krachtigste parfums, werd het een echte ramp. De gêne van allen zette een grote domper of het huwelijksfeest. Ook het tafelgedrag van Lady Ragnelle was een kaakslag in het gezicht van de koninklijke familie. Iedereen walgde bovendien van de stank en was door dat alles helemaal niet in de stemming om te vieren. Het kon voor iedereen niet rap genoeg middernacht zijn, edoch niet voor Sir Gawain… Om klokslag middernacht verliet het pas gehuwde paar het huwelijksfeest. In een oogwenk lag Lady Ragnelle op het bed. Sir Gawain stond nog even aan de haard en poogde zich enige moed in te rammen…

“Waar is mijn lieve echtgenoot, komt die mij niet ten minste een kus geven?”

“Ik zal je een kus geven, my Lady, en ook m’n plicht als echtgenoot vervullen.”

Toen Sir Gawain het hemelbed opende zag hij de meest betoverende verschijning die hij ooit mocht ontwaren. Bovendien had de onbeschrijfelijke stank plaats gemaakt voor een betoverende geur. De mooiste vrouw van Camelot verwelkomde hem met uitgestoken zachte armen … Gawain stamelde… “Wat is er gaande!?!” en Dame Ragnelle antwoordde: “Ik werd door m’n stiefmoeder betoverd en zou, zolang ik niet gehuwd was met de moedigste ridder van de Ronde Tafel, verder leven als de meest afschuwelijke heks.” “Dus als ik het goed begrijp, dit is jouw Originele Zelf?” Lady Ragnelle knikte.

Naast andere dingen, die jullie, Eloïse, Edward en Elvire, zich al misschien kunnen voorstellen, praatten Gawain en Ragnelle heel wat die nacht en werden ze smoor verliefd op elkaar. Uiteindelijk vielen ze uitgeput in elkaars armen in slaap. 

Bij zonsopgang werd Gawain wakker door het gefilterde zonlicht in z’n ogen en een hevige stank in z’n neus. Hij rook weer die afschuwelijke geur en toen hij z’n ogen van het zonlicht afwende zag hij dat hij de afschuwelijke heks, waarmee hij de dag voordien was gehuwd, in z’n armen hield.

“Wat gebeurt er nu weer’ schreeuwde hij. Lady Ragnelle schoot wakker en antwoordde: “Ons huwelijk heeft de betovering van m’n stiefmoeder maar voor de helft gebroken, mijn liefste. Voor de helft van de tijd zal ik zijn zoals je mij deze nacht zag en voor de andere helft zoals ik nu ben. En jij mag kiezen, lieve man Gawain: Ik kan mooi zijn voor je vrienden overdag en lelijk voor jou gedurende de nacht of andersom, lelijk voor jouw vrienden overdag en mooi voor jou ’s nachts.”

Wat een keuze! Wat zouden jullie kiezen, Eloïse, Edward en Elvire? Gawain wist het niet direct; hij ijsbeerde door hun slaapkamer, bedaarde plots want begreep het enige correcte antwoord en sprak het uit: “Wat wenst u zelf, m’n liefste. Jij mag kiezen en wat je ook kiest, ik zal je blijven beminnen en respecteren.”

Op dat moment werd Dame Ragnelle de wondermooie prinses die zij in werkelijkheid was en sprak: “Liefste Gawain, jij hebt de vloek nu volledig doorbroken. De tweede helft zou doorbroken worden indien m’n echtgenoot, de moedigste ridder van de Ronde Tafel, mij de gift zou geven waar elke vrouw het meest naar verlangt[vi].”

Wakker blijven is vooral, zoals het verhaal ons leert, iedereen (dus ook de mannen onder ons, Edward) toelaten te zijn wie ze zijn, hen toelaten de richting te kiezen die ze willen kiezen. Hen de keuzes, die hun hart en ingeeft, niet alleen laten maken, maar daarom ook van hen houden en hen respecteren. Wakker blijven is van iemand houden en deze los kunnen laten. Wakker blijven is niemand ketenen aan jezelf. Wakker blijven is niet afhankelijk zijn, noch onafhankelijk; het is interafhankelijk zijn van elkaar in de echte realiteit. Wakker blijven is illusies laten vallen voor de realiteit[vii]. Wakker blijven is jullie vereenzelvigen met jullie echte “Ik”, jullie Origineleof Creatieve Zelfen niet met jullie “mij”,  jullie actuele gecreëerde zelf. 

De vraag en ook titel van dit Deel III: “Wie zijn jullie?” heeft hiermee een definitief antwoord gekregen: “Jullie zijn jullie Creatieve Zelf(en dus niet, wat veel wordt gedacht, jullie gecreëerde zelf)!”[viii]


[i]Bruce Springsteen. Quote uit Brilliant disguisesong uit de studioalbum Tunnel of Love, Columbia Records, 1987.

[ii]“We don’t see things as they are, we see them as we are.” Quote van Anaïs Nin. Dezelfde quote wordt ook toegeschreven aan vele anderen, waaronder Stephen Covey. Ere wie ere toekomt, hoewel er veel quotes bestaan die in de richting gaan, is het Anaïs Nin die het adagium in haar boek ‘The seduction of the Minotour’ als dusdanig verwoorde. Opmerkelijk is wel dat haar personage – Lillian – in het boek refereert naar een Talmud tekst: Lillian was reminded of the talmudic words: “We do not see things as they are, we see them as we are.”Bij nadere analyse gaat de religieuze tekst eigenlijk essentiëel over de interpretatie van dromen, dus besluit de ‘quoteinvestigator’ (https://quoteinvestigator.com/2014/03/09/as-we-are/) dat Anaïs Nin met de eer gaat lopen.

[iii]Milan Kundera. De ondraaglijke lichtheid van het bestaan.Amsterdam: Ambo/Anthos uitgevers, 2014.

[iv]Fred Kofman. Revealing the Heart of the Learning Organization. Boston MA: Systems Thinking in Action™ Conference: Building Learning Organizations through Communities of Commitment, 1993.

[v]Zie onder meer: http://www.lone-star.net/mall/literature/gawain.htmen http://www.eleusinianm.co.uk/middle-english-literature-retold-in-modern-english/arthurian-legends/the-wedding-of-sir-gawain-and-dame-ragnelle

[vi]Waar elke vrouw het meest naar verlangt wordt in het originele verhaal geduid met het begrip Sovereigntyof in het Nederlands: Sovereniteit, i.e. volledige recht en macht om over zichzelf te beschiken zonder enige inmenging van anderen. In de oorspronkelijke tekst, vertaald in hedendaags Engels, vind men:

We desire most from men,

From men both lund and poor,
To have sovereignty without lies.
For where we have sovereignty, all is ours,
Though a knight be ever so fierce,
And ever win mastery.
It is our desire to have master
Over such a sir.

Such is our purpose.

[vii]Illusies die de druk van de werkelijkheid niet aankunnen zijn onder meer:

  • de illusie van ‘zekerheid’ (het principe van ‘onzekerheid’ van Heisenberg)
  • de illusie van ‘stabiliteit’ (verandering is de enige constante)
  • de illusie van ‘beheersing’ (controle van buitenaf heeft afgedaan)
  • de illusie van ‘veiligheid’ (‘security’ – gevoel van veiligheid is een illusie)
  • de illusie van ‘onafhankelijkheid’ (wij zijn interafhankelijk – ‘alles is met alles verbonden’)

[viii]Anders gesteld, jullie zijn een Boeddha! Elke volledig ontwaakte persoon is een Boeddha. De naam Boeddha (‘De Verlichte’) verwijst naar het hoogste niveau van ‘wakker zijn’.

BLIJF WAKKER ! – DEEL II

HOE, ZOVEEL ALS MOGELIJK, JE ‘CREATIEVE ZELF’ BLIJVEN?

 

Well, my feet they finally took root in the earth,      But I got me a nice place in the stars.

And I swear I found the key to the universe in the engine of an old parked car.

I hid in the mother breast of the crowd,when they said: “Pull down”, I pulled op

Ooh, ooh, growin’ up[i]

– Bruce Springsteen

 Growin’ Up – Greetings from Ashbury Park, N.Y. – 1973

Beste Eloïse, Edward en Elvire, we worden geboren als onze Creatieve Zelf. Deze noem ik om die reden soms ook de Originele Zelf. Praktisch eenieder wordt echter, in de loop der tijd, min of meer geconditioneerd tot haar of zijn gecreëerde zelf[ii]. Gelukkig zijn jullie nog voor een stuk, en zeker nog stukken meer dan ik zelf, jullie Creatieve Zelf[iii]. Graag zou ik dit bestendigd zien. Dit is de reden waarom de hamvraag van dit deel “Hoe, zoveel als mogelijk, je Creatieve Zelf blijven?” is.

Laat me starten met de basisbegrippen Creatieve Zelf en gecreëerde zelf zo goed mogelijk te duiden en te verbinden. Hierbij stel ik van meet af aan wat volgt. Enerzijds bestaan er geen twee separate zelven; er bestaan wel twee aspecten van één zelf. Zoals een muntstuk twee facetten heeft en toch één muntstuk is, zijn wij één zelf met twee facetten: de Creatieve Zelf en gecreëerde zelf. Anderzijds bestaan er ook twee soorten bewustzijn[iv]. Elke ‘zelf’ – de Creatieve en de gecreëerde – beschikt namelijk over een specifiek bewustzijn. Ik had het al in Deel I over dit tweespan: het helder en het gekleurd bewustzijn. Het heeft, zoals ik al schreef, lang geduurd vooraleer ik dit onderscheid goed inzag. Omdat a) het onderscheid tussen die twee zo belangrijk is voor jullie opdracht, wendbaar en weerbaar blijven (zie vorige column), en b) ik wens te vermijden dat jullie ook zo lang zullen moeten worstelen met dit inzicht, ga ik in deze column er dieper op in.

De Engelse taal beschikt over twee verschillende woorden om die twee soorten bewustzijn te duiden; dit zijn de begrippen ‘awareness’ en ‘consciousness’. In het Nederlands worden deze steevast vertaald als ‘bewustzijn’. Dat is één van de oorzaken dat het voor mij, Nederlandstalige, lang duurde voordat ik doorhad dat ‘awareness’ en ‘consciousness’ twee verschillende vormen bewustzijn zijn. Met name de bewustzijnsvormen van onze onderscheiden ‘zelven’. Om het voor mij, en hopelijk ook voor jullie, duidelijk te maken, heb ik een nieuwe Nederlandse vertaling van deze Engelse begrippen ‘ontdekt’. Awareness vertaal ik als helder bewustzijn. Onze Originele of Creatieve Zelf komt helder bewust (‘aware’) ter wereld. Dit helder bewustzijn wordt langzamerhand geconditioneerd tot het gekleurd bewustzijn van de gecreëerde zelf; dus vertaal ik ‘consciousness’ als gekleurd bewustzijn.

Je zou met een metafoor kunnen stellen dat het helder bewust-zijn van de Creatieve Zelf als helder ‘wit’ licht is dat door de gecreëerde zelf, fungerend als een prisma, gebroken wordt in de kleuren van de regenboog. Vandaar ook dat ik, voor het bewustzijn horend bij de gecreëerde zelf, koos voor de naam gekleurd bewustzijn. Opvallend is dat gedurende het conditioneringsproces (met o.a. de opvoeding, school, vrienden, gemeenschap …), de meesten onder ons hoe langer hoe meer gekleurd bewust worden en, dat is dan het ergste, zich gaan vereenzelvigen met het gekleurd bewust aspect van hun gecreëerde zelf. Kortom, mensen worden hoe langer hoe meer gekleurd bewust (‘conscious’) en hoe langer hoe minder helder bewust (‘aware’). Dit alles zou je dus kunnen voorstellen als een muntstuk met aan de ene zijde de Creatieve Zelf met z’n helder bewustzijn en aan de andere zijde de gecreëerde zelf met z’n gekleurd bewustzijn.

De hamvraag van dit deel II: “Hoe, zoveel mogelijk, je Creatieve Zelf blijven?” zou kunnen geparafraseerd worden als: “Hoe, zoveel mogelijk, Helder Bewust blijven?” Hiermee wordt, beste Eloïse, Edward en Elvire, ook duidelijk waarom deze column in deze serie “Blijk Wakker!” columns hoort!

Fasten seat belts! Het helder bewustzijn is non-duaal, onbevooroordeeld, niet-lineair en neutraal. Het heeft als kenmerken transcendentie[v], vrijheid, openheid en vertrouwen. Het is kalm en vredig. Heel jonge kinderen zijn nog hoofdzakelijk helder bewust. Dit is niet verwonderlijk, gezien zij nog hoofdzakelijk hun Originele Zelf zijn. Daar het pure helder bewustzijn een ervaring is van het heel jonge kind – een ervaring die volwassenen grotendeels kwijt gespeeld zijn – is het begrip helder bewustzijn moeilijk te verwoorden. Dit is de reden, Eloïse, Edward en Elvire, waarom het voor mij, de zeventig voorbij, echt moeilijk is om het helder bewustzijnook helder te beschrijven. Het helder bewustzijn leent zich bovendien niet tot volzinnen, concepten, uitleg en/of definities. Toch zal ik, tegen beter weten in, het concept helder bewustzijn in wat volgt beschrijven. Omdat men nu eenmaal zo veel mogelijk haar of zijn Creatieve Zelf blijft in de mate dat men Helder Bewust blijft.

Het helder bewustzijn

Tegenwoordig maakt het begrip Mindfulness opgang als synoniem voor helder bewustzijn. Mindfulness wordt wel eens leven met aandacht genoemd. Het is een vorm van meditatie die zijn oorsprong vindt in het Boeddhisme. Het Boeddhisme is, eerder dan een religie, een spirituele en psychologische strekking die tot meer bewustzijn of verlichting (‘’enlightment’) leidt. Boeddha wordt overigens ook de Verlichte genoemd, want de naam betekent “hij die verlicht (ontwaakt) is.” Verschillende auteurs geven aan het concept ‘Mindfulness’ heel verschillende definities; dus helpt dit begrip ons niet echt om het helder bewustzijn te definiëren.

Om het helder bewustzijn toch enigszins in woorden te vatten, vraag ik jullie, Eloïse, Edward en Elvire, te denken aan een pasgeborene. Een pasgeborene is autentiek, helder bewust, open en vol vertrouwen. Een van de sleutel elementen van z’n openheid en vertrouwen is z’n capaciteit om te observeren. Van zodra de oogfunctie het toelaat, observeert de pasgeborene de omgeving met het helder bewustzijn. Zij of hij kleurt die werkelijkheid nog niet in, met andere woorden, het brein van een pasgeborene fungeert nog niet als een prisma.

Observeren[vi] kan worden onderscheiden van percipiëren[vi], maar is er niet van gescheiden. Perceptie steunt op observeren en voegt er, gekleurd bewust, onderwerp/object onderscheiden, positieve/negatieve oordelen, het lineair en ‘het één of het ander’ denken aan toe. Dit in een streven naar verschillende betekenissen, met als onderliggend doel zich aan te passen aan de sterk veranderende wereld en daarin goed overeind te blijven. Observatie van z’n kant blijft vrij van onderwerp/object onderscheiden, is onbevooroordeeld (oordeelt dus niet in positief/negatief), is niet-lineair en streeft niet naar het kleven van labels. Observatie streeft wel naar een klaar zicht krijgen op de dingen en het bekomen van ‘het één en het ander verschillend van’ denken.

Observeren blijkt voor volwassenen een aartsmoeilijke taak. Hoewel het observeren echt zien en echt luisteren mogelijk maakt, zaken die volwassenen brood nodig hebben. Toch staan volwassenen weigerachtig tegen goed observeren. Volwassen willen niet echt observeren omdat ze intuïtief aanvoelen dat ze daardoor zullen aangezet worden te veranderen. Men wordt inderdaad door observeren uitgenodigd het persoonlijk denkkader te veranderen. Daarbij komt nog dat door echt observeren we helder bewust worden en we daardoor de controle dreigen te verliezen over onze manier van leven. Een manier waar we ons toch zo krampachtig aan vastklampen. En toch, wat een volwassene blijvend nodig heeft, is haar of zijn bereidheid iets nieuws te leren. En dus te veranderen; want leren is veranderen en veranderen is leren. De mate dat een volwassene (terug) wakker wordt, is recht evenredig met de mate waarin zij of hij een portie ‘waarheid’ tot zich kan nemen zonder er van weg te vluchten. De vraag, die elke volwassene zich dient te stellen, komt neer op: “Hoeveel van waar ik mij aan vastklamp, kan door observatie worden losgeweekt vooraleer ik mij verschans in m’n gesloten denkkader?” De eerste reactie van een volwassene, wanneer die tegenvoets genomen wordt door echte observatie, is blijkbaar angst. Het is niet dat zij of hij angst heeft voor het onbekende. Men kan nu eenmaal geen angst hebben van iets dat men niet kent. Daarom ook is een heel jong kind zo onbevreesd. Wat de volwassene bij echte observatie vreest, is het mogelijk verlies van wat hij wel weet, waar hij zich aan vastklampt, en wat door echte observatie op losse schroeven dreigt te worden gezet.

Wanneer de pasgeborene ouder wordt en zich ontwikkelt, wordt perceptie, als onderdeel van z’n aanpassing aan de wereld, hoe langer hoe dominanter. Het kind richt zich hoe langer hoe meer op het gekleurd bewustzijn ten koste van het helder bewustzijn. Het adaptieve conditioneringsproces heeft bovendien de neiging onze intenties vorm te geven en bijgevolg te dicteren waar we onze aandacht dienen op te richten. Ouders, leraars, vrienden en de samenleving verwachten en eisen dat we onze aandacht richten op hoe, welke en van wie we waardering, applaus en lof kunnen oogsten. Dit is een zowel positief als negatief proces. In de poging van het kind om zich aan te passen aan de wereld, is de neiging sterk om dit te doen ten koste van het helder bewust blijven. Ten slotte verliest het kind het onderscheid tussen het helder bewustzijn en het gekleurd bewustzijn. Gelukkig zijn jullie, Eloïse, Edward en Elvire als puntje bij paaltje komt, zich in de praktijk nog helderder bewust van dit onderscheid dan ik, jullie grootvader Johan.

Het helder  en het gekleurd bewustzijn zou ik ook kunnen duiden als het ‘Ik-bewustzijn’ en het ‘mij-bewustzijn’. “Ik”, de Creatieve Zelf observeert en “mij”, de gecreëerde zelf, percipieert. Wij zijn bekaam om beiden te doen: observeren en percipiëren. Nochtans, werden we geconditioneerd om ons voornamelijk te identificeren met het ‘mij-bewustzijn’, eerder dan men het ‘Ik-bewustzijn’.

Omdat de Creatieve Zelf het helder bewustzijn én het gekleurd bewustzijn omvat, kan deze zowel de percepties van de gecreëerde zelf als de observaties van de Creatieve Zelf bevatten. Deze extra kwaliteit van de Creatieve Zelf vormt de basis voor authenticiteit. Authenticiteit is beide, “Ik” én “mij”. Een en ander kan als volgt voorgesteld worden:

Er kan worden gesteld dat de Creatieve Zelf zich tezelfdertijd helder bewust is van “Ik” helder bewust zijnde en van “mij” gekleurd bewust zijnde. Anderzijds is de gecreëerde zelf er zich zelden gekleurd bewust dat “Ik” helder bewust ben van “mij” gekleurd bewust zijnde. Met andere woorden, gekleurd bewust zijn is slechts een deel van het verhaal.

Het helder zelf-bewustzijn

Het helder bewustzijn van de Originele Zelf of ‘Ik-bewustzijn’ wordt ingezet wanneer we ons denken, geloven, voelen, waarderen, en gedrag observeren zonder te oordelen. Met andere woorden, wanneer tijdens het observeren we ons oordeel opschorten. De eenvoudige handeling van het observeren is metacognitief[vii] en maakt ons denken, percipiëren, interpreteren, oordelen en beslissen intentioneel, en richt ook onze aandacht. Het helder zelfbewustzijn stelt ons in staat om het gewone gekleurd zelfbewustzijn of ‘mij-bewustzijn’ te overstijgen en daarmee ook het innerlijk gekakel van wat sommigen de ‘monkey-mind’ noemen.

Het helder zelfbewustzijn observeert ook hoe we interpreteren, anticiperen en reageren op een persoon, situatie of gebeurtenis. Zoals reeds gesteld, zijn de meesten onder ons zich niet meer bewust van hun vermogen om te observeren of, indien er zich wel van bewust, zijn ze te bang dit te doen. Wij richten onze aandacht op wat en hoe we iets zeggen, iets voelen en iets doen, eerder dan te bemerken hoe en waar we onze aandacht op richten. Wij identificeren ons met, en worden daardoor, onze gedachten, gevoelens, emoties en gedragingen. Wij zijn ons er bovendien niet meer van bewust dat we bekwaam zijn onszelf te observeren als diegene die zich identificeert met dit alles. Ons teveel identificeren met onze gedachten, emoties en gedragingen (acties) is bedrieglijk. Het is van groot belang zich blijvend voor te houden dat zowel het helderals het gekleurd bewustzijn een onderdeel is van wie we werkelijk zijn. Wij hebben het vermogen om te observeren waarop, en in welke mate, wij onze aandacht richten; edoch, dat vermogen gebruiken volwassenen meestal niet. Eloïse, Edward en Elvire, mijn aanbeveling is eenvoudigweg: “Blijf jullie observatie vermogen inzetten!”

Het helder zelfbewustzijn kan naar buiten gericht zijn op wat we uiten, zeggen, en doen én het kan naar binnen gericht worden op wat we denken, voelen, en zelfs op het helder bewustzijn zelf. Het is één zaak om zich helder bewust te zijn wat er zich afspeelt in ons gekleurd bewustzijn; het is andere koek zich helder bewust te zijn dat men helder bewust is!

Zoals reeds eerder gesteld, Eloïse, Edward en Elvire, het helder bewustzijn en het gekleurd bewustzijn zijn twee facetten van een geheel. Het helder bewustzijn is los van en overstijgt zelfs de grenzen van ons mentaal model. Overstijgen betekent letterlijk “verder dan de limieten gaan.” Ons mentaal model of mindset legt limieten op door het filteren van data en informatie met behulp van vooronderstelde interpretaties, meningen, waarden en aannames. Deze filters limiteren en vormen onze perceptie. Het helder bewustzijn overstijgt deze limieten en maakt de werking van de filters ongedaan.

Het helder bewustzijn zet, met andere woorden, onze gebruikelijke overtuigingen, vooronderstellingen, betekenissen en waardeoordelen buiten spel. Het laat zich niet knechten door onze intenties, ons streven en onze beslissingen teneinde lof te oogsten. Het bevindt zich in de sfeer van intuïtie en de Creatieve Zelf. De Creatieve en gecreëerde zelf ondersteunen elkaar onderling door geïntegreerde creativiteit. Daardoor transformeert de gecreëerde zelf in de richting van de Originele Zelf. Het gekleurd bewustzijn krijgt informatie van het helder bewustzijn en de interpretatie wordt op een hoger peil getild door zuivere intuïtie. Het is enkel wanneer we ons te veel identificeren met onze gecreëerde zelf dat we niet meer helder bewust zijn van onze Creatieve Zelf. Er zelfs bang van worden. Daardoor wordt uiteraard het creatief wisselwerkingsproces belemmerd.

Het helder bewust zijn van anderen

Wat hiervoor werd besproken m.b.t. het helder zelfbewustzijn van zichzelf is ook van toepassing op het helder bewust zijn van anderen. Het is in dit verband belangrijk te beseffen dat wij eerder anderen percipiërendan dat we hen observeren. Dit betekent dat we eerder de anderen percipiëren zoals wij zijn en hen niet observeren zoals zijwerkelijk zijn. Dit interfereert met ons vermogen om empatisch te zijn en dus met ons denkkader of mentaal model teneinde de ander waarderend te begrijpen. Het zich helder bewust zijn van anderen houdt ons ‘objectief’ en authentiek. Dit voornamelijk wanneer wij onze zienswijzen met hen delen of luisteren naar die van hen. Hoe helderder wij ons bewust zijn van de interpretaties die wij maken, betekenissen die wij toekennen, de meningen die wij projecteren, en de conclusies die wij trekken, hoe nauwkeuriger ons begrip van de bedoelingen, woorden, en gedrag van anderen zal zijn.

Het is essentieel dat we niet onze motieven en/of intenties aan anderen toeschrijven of op anderen projecteren. Wij moeten ons terdege helder bewust zijn van onze tendens onze focus te verliezen en dat we daardoor geen aandacht meer geven aan hoe en wat anderen communiceren. We dienen echt te luisteren en ons helder bewust te zijn van het verschil tussen wat hun intentie werkelijk is en hoe wij die interpreteren, evalueren en er op reageren. Aanhoudende aandacht is moeilijk en vereist discipline. De ‘monkey-mind’ wordt eindeloos afgeleid en dit in een fractie van een seconde. Zeker wanneer die ‘monkey-mind’ een iPhone in de hand houdt. De meeste mensen hebben de gewoonte hun ‘monkey-mind’ klakkeloos te volgen. Ze zijn zich daardoor niet helder bewust van het feit dat ze niet meer horen wat en zien hoe iets gezegd wordt en wat er gaande is. Zij zijn niet langer ten volle aanwezig in de conversatie.

Het helder bewust zijn van situaties

Het verschil tussen observeren en percipiëren van gebeurtenissen, omstandigheden en situaties is een uitbreiding van het helder bewustzijnvan zichzelf en anderen. Verschillen observeren, zonder er direct een interpretatie aan vast te knopen, is uiterst moeilijk. Het is van het grootste belang om objectief te zijn en niet te vervallen in stereotypering en projecteren[viii]. Hoe beter we observeren, hoe groter de kans dat wij zullen responderen[ix] en niet automatisch reageren, gebaseerd op onze interpretaties. Die interpretaties komen mogelijks voort uit foutieve vooronderstellingen, veronderstellingen en veralgemeningen (en misschien zelfs vooroordelen).

In het geval van creatieve wisselwerking komt responderen vanuit een intentie om te ‘zien’ en te ‘horen’ wat er werkelijk gebeurt en wordt gezegd. Dit vooraleer over te gaan tot interpreteren, toekennen van een betekenis of evalueren wat er gebeurt. Responderen is een bewuste reactie om de werkelijkheid beter te kunnen ‘zien’ en ‘horen’. Reageren, daarentegen, is een reflexmatige reactie met geen of zeer weinig voorafgaande positieve intentie. Die reflex wordt eenvoudigweg geïnitieerd door een ingesleten gewoonte patroon. Responderen is een dialoog tussen het gekleurd en helder bewustzijn. Reageren is doorschieten naar beslissing en actie.

Het gekleurd bewustzijn

Het gekleurd bewustzijn omvat dus perceptie en geeft zaken een ‘label’: voordelig-nadelig, akkoord-niet akkoord, inclusief-exclusief, goed-slecht, en juist-fout. Let wel, Eloïse, Edward en Elvire, perceptie is essentieel om zich te kunnen aanpassen en daardoor te kunnen overleven in deze steeds maar sneller veranderende wereld. Percepties zorgen er voor dat er voorkeuren, betekenissen en waarden ontwikkeld worden en kleuren daardoor ons bestaan.

Door interpretatie, evaluatie en beslissing wordt, wat bekomen wordt door observatie met het helder bewustzijn, getransformeerd. Dit door de perceptie van het gekleurd bewustzijn. Daardoor wordt de “één en het ander verschillend van” observatie van het helder bewustzijn vaak de “het een of het ander” perceptie van het gekleurd bewustzijn. We komen terecht in wat veelal het “in-the-box” denken wordt genoemd. Die ‘box’ (doos) wordt gevormd door de grenzen van onze ‘fixed’ (gesloten) mindset. Door ons gekleurd bewustzijn appreciëren we de werkelijkheid op een bepaalde manier en de aldus gewaardeerde werkelijkheid wordt als het ware in de doos van onze ‘mindset’ (denkkader, mentaal model) gestopt. In feite bepaalt die gekleurde appreciatie wat er in de doos terecht komt en, wat nog belangrijker is, wat er uit wordt geweerd. Anders gesteld, we voegen toe wat we waarderen en weren wat we niet waarderen. We zien de werkelijkheid niet zoals ze is, we zien deze zoals wij zijn!

Onze voorkeuren maken dat verschillen gepolariseerd worden. Het gekleurd bewustzijn werkt inderdaad polarisatie in de hand. Er is geen sprake meer van “het één en het ander”; inderdaad, de ‘en’ is een ‘of’ geworden. We leggen onszelf op te kiezen. Een van de twee tegenstrijdige polen wordt daarbij gekozen ten nadele van de andere pool. Dit werkt uiteraard polarisatie in de hand.

Deze splitsing, de verschuiving van ‘en’ naar ‘of’, heeft meerdere gevolgen; zowel positieve als negatieve. Een van de gevolgen is dat elk idee wordt gecatalogeerd als een goed of slecht idee. Dit niettegenstaande in werkelijkheid elk idee beide eigenschappen in zich heeft. Inderdaad, elk idee en elke situatie kan gepercipieerd worden als positief én als negatief. Het begrip ‘appreciatie’ wordt in veel gevallen geassocieerd met onze voorkeuren, dus wat we percipiëren als positief. We worden als het ware blind voor de andere zijde van de medaille en dus voor de niet voorziene, niet geanticipeerde en collaterale schade. We zien die laatste niet omdat we enkel percipiëren doorheen de gekleurde bril van onze voorkeuren. We zien enkel wat goed is in een idee, dus wat we als ‘goed’ catalogeren, en zijn blind voor de mogelijke negatieve effecten van het idee. Het tegenovergestelde is ook waar: we zien enkel wat slecht is een idee, dat we als ‘slecht’ catalogeren, en zijn blind voor de mogelijke positieve effecten van het idee. Dit alles zorgt er voor dat we afglijden naar een gekleurd denkkader ten koste van een helder én gekleurd denkkader.

Een bekend metaforisch verhaal heeft mij duidelijk doen inzien dat de vraag “Wat is correct a of b?” in alle gevallen, wat de a en b ook mogen zijn, met een klare JA! dient beantwoord te worden. Het is het aloude verhaal van ‘De Boer en zijn Zen Meester’ met de terugkerende vraag “Is dit goed of is dit slecht?” Van dit verhaal bestaan er tientallen versies. Ik vertel het als een Zen story hoewel het oorspronkelijk een Tao story zou zijn[x]. Ik hoorde het ooit in Atlanta vertellen door Guido Vander Aa die daar, gedurende zijn talloze omzwervingen, tijdelijk bij een kennis van Charlie Palmgren was beland. Ik ontmoette Guido toen ik in die periode bij Charlie op werkbezoek was.

De Boer en zijn Zen Meester

Een oude arme boer bewerkte jarenlang, geholpen door z’n enige zoon en z’n enig paard, z’n hectare grond en kon daardoor ternauwernood met z’n familie van drie het hoofd boven water houden. Op een dag liet z’n vrouw het hek van het erf openstaan en daardoor liep het paard naar de vrijheid. De boer was er het hart van in en ging om advies naar z’n Zen Meester. Na het horen van het trieste verhaal van de boer, vroeg de Zen Meester: “Is dat goed of is dat slecht?” en ging verder met z’n meditatie.

De boer ging beduusd naar huis en vertelde z’n vrouw wat de Zen Meester had gezegd. Ook zij begreep diens boodschap niet. Het was toch erg dat hun enig paard de benen had genomen, toch?!? Beiden concludeerden dat de tijd misschien raad zou brengen.

De volgende ochtend zag de zoon een stof wolk naar de boerderij komen. Hij opende intuïtief het hek en … hun paard, een hengst, was teruggekeerd vergezeld door twee wilde merries. De boer ging de dag daarop terug naar de Zen Meester. Die was diep verzonken in een Mindfulness sessie, maar keek toch op toen de boer binnenstormde en luisterde aandachtig naar diens euforisch verhaal. Nadien vroeg de Zen Meester: “Is dat goed of is dat slecht?” en ging verder met z’n meditatie.

De boer ging terug naar huis. Nog verbaasder dan de vorige keer. En ook nu konden de boer en z’n vrouw geen touw knopen aan de vraag van de Zen Meester. Het was toch goed dat ze nu drie paarden hadden, toch?!? Beiden concludeerden dat de tijd misschien raad zou brengen.

De dag daarop probeerde de zoon de ongetemde merries te berijden. Bij de eerste merrie ging het uitstekend. Edoch, de tweede merrie wierp hem af en de zoon brak z’n rug. De toegesnelde dokter besloot dat de zoon verlamd was van het middel af, en dat dit zo zou blijven. Nogmaals ging de boer naar z’n Zen Meester voor advies. Toen hij diens kamer binnen kwam was de Zen Meester in diepe meditatie verzonken. Licht geïrriteerd keek de Zen Meester toch op en luisterde aandachtig naar het dramatische verhaal van de boer. Ook nu herhaalde hij na het aanhoren van het verhaal dezelfde vraag: “Is dat goed of is dat slecht” en hervatte hij z’n meditatie.

Nu liep de boer erg boos de kamer van de Zen Meester uit, de deur met een harde smak achter zich toe klappend. Nu concludeerden de boer en z’n vrouw dat de Zen Meester z’n verstand verloren had en dat het geen zin meer had hem nog te gaan opzoeken. Dat hun kind voor het leven half verlamd was, was toch uiterst slecht ?!?

Enkele dagen later brak de oorlog uit. Militaire ambtenaren kwamen in het dorp alle jonge mannen opeisen om hen in het leger in te lijven en met hen ten oorlog te trekken. De zoon van de boer werd uiteraard ongeschikt voor de legerdienst verklaard en mocht bij z’n vader en moeder blijven. Hij zou niet verschrikkelijk omkomen in die oorlog.  De boer vertrok toch naar z’n Zen Meester om hem dit heugelijke nieuws te vertellen. Zoals gebruikelijk was de Zen Meester verzonken in een meditatie. Hij schrok op toen de boer binnenstormde en aanhoorde diens jubelend verhaal. Ook nu stelde hij, na het aanhoren van het verhaal, dezelfde vraag: “Is dat goed of is dat slecht” en hervatte hij z’n meditatie. 

Het gekleurde zelf-bewustzijn

Het gekleurde zelf-bewustzijn steunt voornamelijk op conditionering door externe feedback. Het is gebaseerd op de aangeleerde perceptie dat onze eigenwaarde stoelt op acceptatie, goedkeuring, lof, en applaus van anderen. Onze zelfwaardering steunt op de veronderstelling dat onze waarde verdiend dient te worden en afhangt van de evaluatie ervan door anderen. Helaas, wanneer we gekleurd zelfbewust worden en ons richten op onze extrinsieke waarde[xii] dan doen we dit ten koste van ons helder bewustzijnen van onze Intrinsieke waarde[xiii]. Extrinsieke waarde veronderstelt dat waarde kan gekocht, verworven of verdiend worden en dus ook kan worden geweigerd of afgenomen. In feite gaat het over eigenwaarde. Daardoor komt het dat menigeen zich tot doel stelt goedkeuring te verkrijgen en verwerping te voorkomen. Dit is in feite gedrag dat wij door onze Vicieuze Cirkel hebben aangeleerd. Eloïse, Edward en Elvire, dit soort gedrag zien we ook veel bij jongeren; bijvoorbeeld bij hun pogingen om op sociale media, zoals Facebook en Instagram, zoveel mogelijk ‘volgers’ en ‘likes’ te verzamelen.Intrinsieke en extrinsieke waarde worden gepercipieerd als zijnde wederzijds exclusief; alweer een geval van ‘het een of het ander’ denken. Op beide soorten waarden gaan we in een latere column dieper in.

Blijkbaar zijn we veel waard als we ‘het goed doen’ en niets waard als we ‘falen’; onze waarde blijkt voorwaardelijk. Voor de meesten onder ons wordt het leven gereduceerd tot alles goed voor elkaar krijgen en het beheersen van het risico verworpen te worden. En dit bij zowat alles wat we denken, voelen en doen. De potentiële pijn die we ervaren wanneer we ons zelf verwerpen, wordt een constante bedreiging en een onuitputtelijke bron van stress. Deze imminente dreiging noopt ons ertoe om onze aandacht te richten op het vermijden van afwijzing en te starten met een continue zoektocht extrinsieke waarde via anderen te verkrijgen. In dit proces van continu streven naar extrinsieke waardering worden we minder helder bewust van onze Intrinsieke waarde. Met andere woorden, we raken daardoor hoe langer hoe meer verstrikt in de gesloten mindset van onze persoonlijke Vicieuze Cirkel. Deze onophoudelijke drive naar het gevoel van (extrinsieke) eigenwaarde en het vermijden van afwijzing, is de basis voor de meeste van onze verslavingen, dwanggedachten, obsessies en fobieën[xiv].

Het gekleurd bewust zijn van anderen

Het gekleurd bewust zijn van anderen zou eigenlijk dienen te gaan over het waarderen van de Intrinsieke waarde van anderen. Elke mens heeft een Intrinsieke waarde en geen enkel mens kan z’n Intrinsieke waarde verhogen of verminderen. Ze kan niet worden bekomen of verdiend; we komen daar, zoals zojuist gesteld, nog op terug! Ook heeft iedereen een Creatieve Zelf en een actuele gecreëerde zelf. De Creatieve Zelf van de ander observeert zoals de onze en hun gecreëerde zelf percipieert vanuit hun uniek perspectief en unieke ervaring, zoals onze gecreëerde zelf dat doet vanuit ons uniek perspectief en onze unieke ervaring. Op het intrinsieke niveau zijn we allen gelijk en even waardig. Dezelfde levenskracht en helder bewustzijn vloeit in ons. Deze levenskracht is in feite het creatief wisselwerkingsproces dat doorheen elk van ons vloeit (Cf. Flow[xv]). Op het extrinsieke niveau is geen enkel van ons gelijk aan een ander. Wij zijn allen vergelijkbaar en toch verschillen we danig; elk van ons is uniek. (maar ik ben iets unieker dan jullie, Eloïse, Edward en Elvire… grapje!). Indien we ons enkel identificeren met onze actuele gecreëerde zelf, richten we ons voornamelijk op de verschillen tussen onszelf en de anderen. Wanneer we helder bewust zijn en ons identificeren met onze intrinsieke Creatieve Zelf, kunnen we ons zowel richten op onze wederzijdse overeenkomsten als op onze unieke distincties[xvi](verschillen).

Een vereiste voorwaarde voor Creatieve wisselwerking is ons engagement om helder bewust én gekleurd bewust te zijn van zowel onze intrinsieke waarde als de Intrinsieke waarde van anderen. Indien we onszelf of de anderen om één of andere reden ‘ontwaarden’ (devalueren), wordt het creatief wisselwerkingsproces zwaar gehinderd. Creatieve wisselwerking vereist wederzijds respect en een engagement tot het creëren van manieren om eventuele extrinsieke verschillen wederzijds te aanvaarden en inclusief te maken. Een gevolg van dat wederzijds respect is de intentie om te luisteren naar en waarderend te begrijpen van het perspectief van de ander; perspectief dat ontsproten is uit haar of zijn uniek referentie kader (denkkader, mindset en mentaal model). Idealiter luisteren en begrijpen wij niet vanuit onze eigen voorkeuren, waarden, meningen en overtuigingen; dus niet vanuit onze eigen mindset. Wanneer we de bedoeling hebben om anderen op een authentieke manier te begrijpen en te appreciëren, bevorderen we de werking van het creatief wisselwerkingsproces. Het is een doorgedreven inspanning om echt empatisch te worden en anderen te observeren zoals ze zijn en niet zoals wij zijn. Het is effectief helder bewust worden van wat wij denken over, interpreteren van, voelen, beslissen en reageren op wat wij observeren. Wat wij waarnemen dient, vooraleer we er op reageren, eerst uitgezuiverd te worden in een dialoog tussen ons helder en gekleurd bewustzijn. Deze dialoog kan zelfs een ‘cruciale’ zijn.

Het gekleurd bewustzijn apprecieert de anderen. Appreciëren betekent zowel de positieve als de negatieve elementen zien in de ideeën, perspectieven en situaties. Let wel wat ‘positief’ en ‘negatief’ wordt genoemd is op zich ook een inkleuring! Het is, op z’n best, het vermogen om te denken en te evalueren in zowel “het één of het ander” als “het één en het ander” termen. Alleen door het kijken naar het volledige spectrum van positieve en negatieve aspecten van een persoon, idee, zaak of situatie kan men authentiek waarderend begrijpen. Het gekleurd of ‘mij-bewustzijn’ splitst verschillen in tegenstellingen, paradoxen[xvii] en polarisatie[xviii]. Bij polarisatie worden de verschillen gezien als exclusief, met andere woorden ze sluiten elkaar uit; eerder dan als potentieel inclusief (ze kunnen potentieel in elkaar opgaan en elkaar versterken). Creatieve wisselwerkingis inclusief, behalve in die gevallen dat het opnemen van een idee, mening, zaak of persoon, de voortschrijdende integratie en transformationele verandering zou belemmeren.

 Het gekleurd bewust zijn van situaties

Situationele waardering van situaties met het gekleurd bewustzijn gebruikt idealiter een “het één en het ander” observatie, perceptie en cognitie. Dus een volledig spectrum evaluatie en interpretatie van situaties en gebeurtenissen. Dit veronderstelt ook dat er variërende graden van nauwkeurigheid en onnauwkeurigheid in alle evaluaties en interpretaties zijn. Men aanvaardt dus dat elke interpretatie mogelijks foutief en dus voor correctie vatbaar is. Een dusdanige situationele waardering is verbonden met de idee van wetenschappelijke objectiviteit. Het doel is de bias[xix] in iemands perceptie, denken, voelen, beslissen en gedrag te verminderen. Men zoekt naar de ‘feiten en waarheid’ betreffende de ‘werkelijkheid’ in elke bepaalde situatie.

Besluit

De hamvraag van dit deel : “Hoe, zoveel mogelijk, je ‘Creatieve Zelf’ blijven?” heeft dus als antwoord: “Door, zoveel mogelijk, helder bewust te blijven!”. Dit komt neer op terug, zoveel mogelijk, als jong kind onbevangen naar de werkelijkheid te kijken. Dus te observeren wat er werkelijk aan de hand is. Dit alles door Creatieve wisselwerking blijvend van binnen uit te beleven en zich niet te laten ringeloren door de Vicieuze Cirkel. Theoretisch kinderlijk eenvoudig, want elke baby en peuter doet het moeiteloos; praktisch … wel, dat is andere koek! De volgende delen zullen jullie, Eloïse, Edward en Elvire, heel wat bijkomende inzichten geven die jullie kunnen helpen jullie taak tot een goed einde te brengen. Het aansluitend werk zullen jullie zelf blijvend dienen te doen!

___________________________________________________________________________

[i]Bruce Springsteen, Quote uit song Growin’ Up uit album Greetings from Asbury Park, N.J., Columbia Records, 1973

[ii]Conditioneren is gedrag of gewoonten aanleren door straf of beloning (de gekende stok en wortel – dit gebeurt al vanaf de prille jeugd: denk maar aan het zinnetje van een aloud Sinterklaasliedje: “wie stout is krijgt de roe”). Ik noem de actuele zelf de gecreëerde zelf en zou hem ook de geconditioneerde of aangeleerde zelf kunnen noemen. Om het verschil tussen creatieveen gecreëerde in de verf te zetten heb ik voor gecreëerde zelf gekozen als naam voor onze actuele zelf.

[iii]De Creatieve Zelf is op de keper beschouwd onveranderlijk en zit nog altijd ergens in ons, maar meestal heel diep; wij vereenzelvigen ons namelijk veeleer met onze actuele gecreëerde zelf.

[iv]Bewustzijn: staat van zijn, bekwaam zijn om verschillen te onderkennen.

[v]Transcendentie is een filosofisch begrip dat kan gedefinieerd worden als het overstijgen van de mens; het zich verheffen boven de dualiteit van het zich vereenzelvigen met de werkelijkheid, het hier en nu bewustzijn; het gekleurd bewustzijn.

[vi]Observeren: Het aandachtig en nauwkeurig bekijken (waarnemen) van dingen zonder te oordelen.

[vii]Percipiëren: Waarnemend begrijpen door te beoordelen wat geobserveerd werd.

[viii]Metacognitief:Metacognitie betekent letterlijk “denken over denken” (meta = over, cognos = denken). Metacognitie is het actief monitoren (meten & evalueren) en daarop gebaseerd sturen (regelen) van cognitieve processen om cognitieve doelen te bereiken. Het begrip cognitief doelt op alle informatieprocessen die zich afspelen in de hersenen.

[ix]Projectie (psychologie): Van projectie kan sprake zijn wanneer men eigenschappen of emoties van zichzelf tracht te ontkennen, verbergen of verdringen door deze toe te schrijven aan iets of iemand anders. De klassieke opvatting en uitleg van projectie is dat het een afweermechanisme is tegen negatieve emoties.

[x]Responderen: Behoedzaam antwoorden, dus eerst nadenken en afwegen vooraleer te antwoorden.

[xi]Alan Wilson Watts. Tao: The Watercourse Way. New York NY: Pantheon Books, 1975

[xii]Extrinsieke waarde: de waarde die [iemand] aantrekkelijk en bruikbaar maakt; de kwaliteit die kan gekocht, verworven of verdiend worden.

[xiii]Intrinsieke waarde: de kwaliteit die [iemand] waardevol maakt; de kwaliteit binnenin de persoon die waardering of respect afdwingt.

[xiv]Fobie: een (irreële) angst voor situaties waar geen aanwijsbaar groot gevaar aanwezig is. Voorbeelden: bloedangst, pleinvrees en angst voor spinnen.

[xv]Flow: refereert aan een mentale toestand waarin een persoon volledig opgaat in zijn of haar bezigheden. Belangrijkste theoreticus achter dit concept is de Amerikaanse psycholoog Mihaly Csikszentmihalyi.

[xvi]Distinctie: verschil, onderscheid; vb. De distinctie tussen lage en hoge klassen. Quote Peter M. Senge: “Do we hear with our ears? Do we see with our eyes? Or do we see and hear with our distinctions?”

[xvii]Paradox: Schijnbare tegenspraak. Stijlfiguur die op het eerste gezicht op een tegenstelling of tegenspraak lijkt, maar die bij nader inzien toch een waarheid lijkt te bevatten. Bijvoorbeeld: “Ik leg mij toe op het schrijven van begrijpelijk Nederlands. Maar ik ben een ingenieur.” (Johan Roels – Multatuli parafraserend)

[xviii]Polarisatie: (politiek): het veroorzaken van een conflict of het versterken van tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen

[xix]Bias: vertekening van de evaluatie; een systematische fout door het gekleurd bewustzijn. De vertekening kan bedoeld zijn (dan spreken we van manipulatie) of niet bedoeld (te wijten dus aan de ‘gekleurde bril’).

BLIJF WAKKER ! – DEEL I

HOE WENDBAAR EN WEERBAAR BLIJVEN?

For what are we
Without hope in our hearts
That someday we’ll drink
From God’s blessed waters
And eat the fruit from the vine?
– Bruce Springsteen

Across the Border – The Ghost of Tom Joad (1995) [i]

Dit is de cruciale vraag! In dit eerste deel zal ik die, zo goed en zo kwaad ik kan, beantwoorden. Edoch, deze vraag zal slechts volledig beantwoord zijn nadat alle hoofdstukken (columns) zijn geschreven. Ik ben er mij bovendien van bewust dat dit deel niet eenvoudig is en dat jullie deze tekst heel waarschijnlijk niet direct ten volle zullen begrijpen. Dat is niet erg, Eloïse, Edward en Elvire! Het gaat hier om materie waar ik zelf een twintigtal jaar voor nodig had om ze enigszins te begrijpen. En wat meer is, mijn begrijpen ervan verbetert nog stelselmatig. Het gaat, ook voor mij, om een voortschrijdend inzicht in de opdracht die we eigenlijk allemaal hebben: wendbaar en weerbaar blijven/worden. En ik dien ergens te beginnen, toch?!?

Laat ik, gevolg gevend aan het eerste van het tweeledig engagement van Henry Nelson Wieman, beginnen met het beste van m’n weten:

Om wendbaar en weerbaar te blijven dienen jullie, Eloïse, Edward en Elvire, een tweeledige beslissing te nemen, dit teneinde blijvend:

  1. jullie ver van de Vicieuze Cirkel te houden en

  2. het Creatief wisselwerkingsproces van binnen uit te beleven.

Ik ben mij er van bewust dat ik in raadsels spreek. Om die raadsels op te lossen, verwijs ik naar gedeelten van m’n vorige boeken. Zo is de Vicieuze Cirkel een concept dat ik leerde van Charlie Palmgren. Charlie beschreef dit concept uitvoerig in ‘The Chicken Conspiracy’[ii]. Zelf beschreef ik de Vicieuze Cirkel in m’n reeds geciteerde boeken en heb er letterlijk uren lezingen over gegeven. Ik raad jullie aan om eens hoofdstuk 3 van ‘Cruciale dialogen’[iii] te lezen. Wat het Creatief wisselwerkingsproces betreft: dit is het levensproces – ook leer- en transformatieproces genoemd – waarmee jullie alle drie geboren zijn. Het is het natuurlijk proces dat in elk gezond kind bij de geboorte wordt ‘ingebed’. Jullie hebben ondertussen wel al begrepen dat cruciale dialogen een praktische toepassing zijn van Creatieve wisselwerking. Het lijkt mij dan ook nuttig dat jullie Deel III van ‘Creatieve wisselwerking’ [iv] ooit eens zouden lezen.

Neem daar gerust jullie tijd voor. Wat er ook van zij, deze gedeelten dienen, ook door mij, af en toe eens nagelezen te worden. Ik noem die boeken daarom naslagwerken. Ik heb er zelf naar gegrepen telkens het leven me ‘tegenvoets’ nam of er iets gebeurde dat ik niet direct kon plaatsen. Zoals jullie weten ligt er voor elk van jullie een exemplaar van elk boek klaar.

Hoe je het draait of keert, het is en blijft geen makkelijke materie. Ook niet voor mezelf. Het meeste verwonderlijke is dat we als baby en peuter met die materie helemaal geen moeite hadden. Dat ik er jullie, via deze column, nu mee lastig val, is omdat ik het zo belangrijk vind jullie deze kennis, die niet in scholen onderwezen wordt, nu mee te geven. Ik kan echt niet wachten tot het moment dat jullie deze materie makkelijker zullen kunnen vatten. Want dan zal ik er denkelijk zelf niet meer zijn. Ik doe het, eerlijk gezegd, ook voor mezelf: het geeft mij een goed gevoel!

Indien gewenst, kan ik jullie drie ook een lezing geven over deze twee belangrijke onderwerpen; dit op jullie simpele vraag (smiley).

Hoe blijvend uit de greep van de Vicieuze Cirkel blijven?

Blijvend uit de greep van de Vicieuze Cirkel blijven, komt eigenlijk neer op het verbonden blijven met uw Intrinsieke Waarde. Dit begrip heb jij Eloïse dit najaar (2018) in de Godsdienstles op het SUI[v] geleerd!

Eerst en vooral dient men daartoe het gevaar – met name de gevangene te worden van z’n persoonlijke Vicieuze Cirkel– te onderkennen. Men dient als het ware de eigen ‘kooi’ te herkennen en te erkennen dat men er in dreigt te verzeilen.

Een van de grootste talenten van de mens is dat zij of hij helder bewust kan zijn van zichzelf en ook bewust kan zijn van het inkleuren (‘consciousness’) van dat helder bewustzijn (‘awareness’). Zoals jullie zien, gebruik ik regelmatig de Engelstalige begrippen ‘awareness’ en ‘consciousness’. Dit omdat het mij belangrijk lijkt dat jullie het verschil tussen die twee termen leren kennen; termen die in het Nederlands steevast als ‘bewustzijn’ vertaald worden. Ik kom er zeker in volgende columns (hoofdstukken) nog op terug.

Het gaat om het waarderend begrijpen van z’n eigen unieke individualiteit en denkkader (‘mindset’). Dit wordt ook soms de eigen identiteit genoemd. Het waarderend begrijpen van de eigen identiteit komt neer op zich helder bewust (‘aware’) zijn van het feit dat men gedreven is z’n zelfachting te beschermen tegen negatieve evaluaties, door anderen, van haar of zijn gecreëerde zelf. Deze zelfbescherming is een de hoofdoorzaken van de vertekening van het waarderend begrijpen van de realiteit. Deze vertekening leidt onvermijdelijk naar een vals inzicht van de werkelijkheid. De werkelijkheid betreffende zichzelf, anderen, omstandigheden en ervaringen is dus vertekend. Men dient bovendien te begrijpen dat, wegens deze vertekening, het eigen waardesysteem niet op dezelfde golflengte zit met de werkelijkheid. Dit heeft effecten op de waarachtigheid van iemands intuïtie.

Wanneer men (h)erkend dat men de gevangene dreigt te worden van de Vicieuze Cirkel, wordt men er zich bewust van dat de eigen perceptie ontwricht is. Men ziet met andere woorden in dat men de werkelijkheid niet ziet zoals die is. Men ziet daarbij ook in dat men de werkelijkheid ziet zoals men zelf is. Dit dubbel inzicht kan de start worden van het proces om uit de Vicieuze Cirkel te blijven. Met andere woorden, door het risico te herkennen is het al onderweg beheerst te worden. Dit betekent dat men bekwaam is om eigen oordelen, reacties en gedrag (i.e. eigen acties) kritisch te beoordelen, waardoor betrouwbaardere observaties doorheen het ‘ego systeem’ (i.e. de eigen mindset) kunnen breken. Kortom, iemand kan min of meer bevrijd worden van het risico van een gesloten denkkader (‘closed mindset’) en dit denkkader blijvend open houden, zodat men betrouwbaardere inzichten bekomt.

Een tweede onderdeel van het proces om uit de Vicieuze Cirkel te blijven, is dat men zich bewust blijft van het gevaar beïnvloed te zijn door de cultuur van de sociale groep waartoe men behoort. Het perspectief van de gemeenschap waarin men is opgegroeid, beïnvloedt het persoonlijk oordelen. Anders gesteld, iemands persoonlijk denkkader (mindset) wordt sterk beïnvloed door het collectieve denkkader van de gemeenschap en dus de cultuur waartoe men behoort.

Men kan zich daar tot op zekere hoogte uit bevrijden door te herkennen en erkennen dat men zich bevindt in deze situatie van culturele beïnvloeding. Dit kan dan de start zijn voor het stellen van kritische vragen omtrent de geldigheid van oordelen die men, of de eigen gemeenschap, maakt betreffende de ‘ander’. Wanneer men diep overtuigd is van dit feitelijk gegeven, betreffende zichzelf en z’n cultuur, kan men blijvend zoeken naar feiten en bewijzen aangaande de werkelijkheid. En dit met een opener geest, dan het geval zou zijn indien men deze waarheid niet zou erkennen.  Met andere woorden, het ogenblik dat men zich volledig bewust is dat iemands inzichten en daardoor conclusies wazig kunnen zijn door diens denkkader – denkkader dat sterk beïnvloed wordt door het collectief denkkader (d.w.z. de cultuur waartoe men behoort) – kan men het aldus gekleurd bewustzijn openbreken en in vraag stellen. Ik noem dit een dialoog tussen het gekleurd en helder bewustzijn. Op die manier, is het helder bewustzijn terug aan zet en wordt het ondergaan van een creatieve transformatie, naar correctere inzichten en oordelen betreffende iemands eigen cultuur en de collectieve cultuur waartoe zij of hij behoort, mogelijk!

Het derde onderdeel van deze ontwijkingsaanpak vloeit voort uit het feit dat eenieders actuele ‘zelf’, eigenlijk onaf en in transitie is. Ik noem die actuele zelf steevast de gecreëerde zelf. Menselijke wezens zijn nu eenmaal onvoltooid. Zij zijn op weg om te transformeren tot een ‘hogere’ zelf, ten minste indien ze zich niet vastklampen aan hun actuele zelf. Met andere woorden, als jullie Eloïse, Edward en Elvire, uw Creatieve Zelf (waarmee jullie geboren zijn en nog voor een behoorlijk stuk zijn) z’n werk laat doen, zal jullie gecreëerde zelf een voortdurende transformatie ten goede ondergaan. Op die manier wordt jullie gecreëerde zelf een continu evoluerende zelf in de richting van de Originele Zelf.

Gezien elke mens in transitie is, dus nog niet het wezen dat zij of hij zou kunnen worden, dient zij of hij – indien zij of hij überhaupt wil blijven ten goede evolueren – te streven naar het bekomen van een denkkader dat continue transformatie omarmt. Dat geldt uiteraard ook voor jullie. Deze continue creatieve transformatie mag geenszins stoppen. Indien dit gebeurt, blijft de gecreëerde zelf op een bepaald ‘onvoltooid’ niveau steken en sterft de aangeboren creativiteit. Waardoor het individu achterblijft met een op dat niveau vastgeroest, niet-veranderend denkkader. Anders gesteld, het individu wordt de gevangene van z’n eigen mindset. Men wordt de gevangene van z’n eigen Vicieuze Cirkel.

Het is dus erg belangrijk dat jullie, Eloïse, Edward en Elvire, waarderend begrijpen dat continue creatieve transformatie de sleutel is tot het verbeteren van jullie (nog) niet complete gecreëerde zelf. Ook dienen jullie die sociale relaties en later een werkomgeving te zoeken, waardoor het tweeledig engagement – dat zo dadelijk aan bod komt – jullie creativiteit naar een hoger niveau tilt. Dit zowel in jullie eigen persoon als in jullie sociale relaties.

Hoe blijvend het Creatief wisselwerkingsproces van binnenuit te beleven?

De tweede beslissing betreft een persoonlijk tweeledig engagement[vi] om het creatief wisselwerkingsproces, waarbij iemands talenten ten volle worden ingezet, blijvend van binnen uit te beleven. Maar hoe doe je dat in de praktijk?

Bij een dusdanige beslissing wordt er, beste Eloïse, Edward en Elvire, eerst en vooral van uitgegaan dat men z’n studies en later z’n werk kiest in lijn met z’n talenten. Daarbij zullen jullie ook dienen na te gaan of de organisatie waar jullie zullen studeren en werken zorgt voor (ten minste een aantal van) de condities die nodig zijn voor de transformatie van de mens. Als dit niet het geval is, dienen jullie die organisatie links te laten liggen en uit te kijken naar een alternatief. Dat klinkt cru. Men moet toch de eerste beste job aanpakken? Nee, dat moeten jullie niet. Uit ervaring weet ik dat het moeilijker is van job te veranderen – wanneer later blijkt dat er te weinig van de nodige condities op het werk (nog) voor handen zijn – dan wat meer tijd te steken in de keuze van een goede werkplek.

Over deze condities kunnen jullie veel lezen in m’n boek ‘Cruciale dialogen’. Ik beperk me hier tot de opsomming ervan. Ik kom er later nog uitvoerig op terug. Het zijn wel condities die jullie initieel van de natuur mee kregen en die spijtig genoeg binnen nogal wat organisaties beknot worden:

  • Vertrouwen
  • Openheid
  • Nieuwsgierigheid
  • Kunnen omgaan met onzekerheid
  • Het kunnen verbinden van ogenschijnlijk los val elkaar staande zaken
  • Creativiteit
  • Doorzettingsvermogen
  • Interafhankelijkheid

Ten tweede,  jullie dienen zich ‘volledig’ te geven. Dit betekent dat jullie, waar het gaat om het beleven van het creatief wisselwerkingsproces, niets mogen achterhouden. Ook niet jullie miskleunen, tekortschieten, schaamte en uiteraard niet jullie kernkwaliteiten en sterktes. Door zowel het ene als het andere te onderkennen, zullen jullie nederig blijven en zich verre van arrogantie houden. Door nederig te blijven, kent men zichzelf beter, stelt men de juiste vragen en tolereert men beter ambiguïteit en onzekerheid. Dit zorgt ervoor dat jullie niet direct de ‘waarheid’ inkleuren en doorschieten naar niet erg gefundeerde conclusies. Daardoor voelen jullie zich ook niet ‘beter dan’ of ‘superieur aan’ anderen en blijven jullie dankbaar dat jullie creatieve wisselwerking blijvend van binnen uit kunnen beleven. Dit alles betekent dat jullie ten volle Reinhold Niebuhr’s ‘Gebed om Kalmte’ beleven:

God, schenk mij de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen,
de moed om te veranderen wat ik kan veranderen
en de wijsheid om het verschil tussen beide te zien.

Nogmaals, dit alles komt neer op het erkennen van het gevaar van z’n eigen Vicieuze Cirkel en op het zich ten volle inzetten voor het levensproces waarmee men geboren is: Creatieve wisselwerking.

Ten derde,  heeft dit engagement, tot het blijvend beleven van Creatieve wisselwerking van binnen uit, nood aan intensiteit en volharding. Jullie dienen van binnen uit het beleven van Creatieve wisselwerking te beheersen. En dus open te staan voor het nieuwe, het betere en het vollere. Daartoe bestaat er geen stappenplan of een sluitend theoretisch concept. Overigens indien een dusdanige richtlijn zou bestaan, zou dit neerkomen op controle ‘van buiten naar binnen’. Om effectief te zijn, dienen jullie het van binnen uit beleven van Creatieve wisselwerking niet ‘tweedehands’ over te nemen van een derde. Ook niet van jullie grootvader! Integendeel, dit beleven dient ontwikkeld te worden door eenieder van jullie op een manier die passend is voor jullie eigen specifieke talenten en noden.

L’homme est une aventure dont il peut être le créateur

Het doel van dit engagement is jullie Creatieve Zelf in te zetten voor actie met als doel een nieuw denkkader te creëren en zich te verbinden met de belangrijkste opdracht die er is, met name de creatieve transformatie van jullie gecreëerde zelf. Daardoor blijven jullie wendbaar en weerbaar.

Albert Camus schreef ooit: “… l’homme n’a pas de nature humaine donnée une fois pour toutes, … il n’est pas une créature achevée, mais une aventure dont il peut être le créateur [vii] (in het Nederlands wordt dit: … de mens heeft geen definitieve menselijke natuur … hij is geen afgewerkte creatie, maar een avontuur waarvan hij de schepper kan zijn).“ Ook Friedrich Nietzsche, JP Sartre, G.B. Shaw en anderen hebben dit idee geopperd. Deze schrijvers hadden niet hetzelfde idee over welke soort transformatie de mens op het hoogste niveau zou brengen. Ze verschilden ook van mening betreffende de procedures die gevolgd dienden te worden om dit te bewerkstelligen. Ze kwamen wel overeen dat het menselijk wezen a) niet compleet en b) een wordingsproces is. Anders gesteld, de mens dient zich continue te transformeren teneinde (hopelijk) uiteindelijk de finale staat te bereiken. Ook hier is het proces belangrijker dan het doel!

Het transformatie proces, dat ik Creatieve wisselwerking (Creative Interchange) noem, transformeert de geest – die zichzelf niet kan transformeren – zodat de aldus getransformeerde geest accurater helder bewust (aware’) kan zijn van ervaringen. De geest is zich dus helderder bewust van de werkelijkheid en kan daardoor meer leren. De transformatie gebeurt door het vormen van steeds correcter gekleurd bewuste (conscious) niveaus van de geest. Die transformatie – van het gekleurd bewustzijn (duaal bewustzijn in de zin van consciousness) door gebruik te maken van het helder bewustzijn (niet duaal bewustzijn, zijnde awareness) – is noodzakelijk voor a) het correct omgaan met ‘donkere’ realiteiten, zoals ongevallen en ziekte, b) het vormen van betrouwbare intuïtie waardoor effectieve handeling mogelijk wordt, c) in actie brengen van alle beschikbare talenten en middelen, en tot slot, d) het voldoen van zichzelf in de heelheid van haar of zijn wezen.

Kortom, het doel van dit persoonlijk tweevoudig engagement voor het van binnenuit beleven van Creatieve wisselwerking is de transformatie van de gecreëerde zelf, en deze van anderen, in de richting van de Originele Zelf. Edoch, de beslissing nemen is slechts een eerste stap. De beslissing effectief uitvoeren is de volgende en dat is, eerlijk gezegd, andere koek. Jullie werkelijk blijvend uit de Vicieuze Cirkel houden én het Creatief wisselwerkingsproces van binnen uit beleven is inderdaad de cruciale tweede stap. Beslissend om werkelijk wendbaar en weerbaar te blijven.

Living Richly with Dark Realities [viii]

Nog een stukje over het omgaan met de donkere realiteiten van het leven, zoals de dood of een onvoorziene ramp. Het gaat hierbij om het omgaan met realiteiten die niet kunnen worden beheerst. Dit brengt mij terug, lieve Eloïse, Edward en Elvire, tot het ‘Gebed om Kalmte’ van Reinhold Niebuhr en tot het feit dat men, bijvoorbeeld in het geval van de dood, die realiteit onmogelijk kan veranderen. De dood is nu eenmaal een intrinsiek onderdeel van het leven. Men kan echter wel zijn perceptie (d.w.z. het inkleuren) van de werkelijkheid beheersen. Inderdaad kan men, enerzijds, de dood niet elimineren, noch ontwijken in het menselijk leven en, anderzijds, kan de dood wel degelijk geïntegreerd worden in de heelheid van iemands wezen.

Het zich volledig realiseren wat goed is kan maar ten volle gebeuren indien ook wat niet goed is (‘de donkere realiteiten’) waarderend begrepen wordt. Die donkere realiteiten worden ten volle zichtbaar wanneer de geest er zich helder van bewust is. Die donkere realiteiten zijn ‘niet goed’ op zich zelf én dit negatieve wordt versterkt wanneer men weigert hen te zien zoals ze werkelijk zijn.

Men kan maar creatieve transformatie beleven tijdens periodes van diepe miserie, waarin men geconfronteerd wordt met donkere realiteiten, indien men het tweeledig engagement voor Creatieve wisselwerkingheeft beleefd voordat het uur van die donkere realiteiten toeslaat.

Het ergste wat jullie, Eloïse, Edward en Elvire, kunnen doen wanneer jullie geconfronteerd worden met een donkere realiteit, zoals de dood van iemand die jullie  lief is of een ongeneeslijke ziekte, is die werkelijkheid ontwijken. Met ontwijken bedoel ik hier de weigering om de donkere realiteit in de ogen te kijken. Dat deed ik niet toen ik het verdict van darmkanker kreeg. Gezien ik Creatieve wisselwerkingreeds in goede tijden van binnen uit had beleefd, kon ik dit ook toen ik geconfronteerd werd met deze donkere realiteit. Ik keek de kanker in de ogen en ging er mee in dialoog. Weliswaar een ‘cruciale’ en gebaseerd op het Creatief wisselwerkingsproces. Ik beleefde m’n eigen boek!

Wanneer we, ten volle helder bewust, een donkere realiteit ontwijken, dan ondermijnen we ook het zich ten volle gekleurd bewust zijn van al het andere, dus ook van het ‘goede’. Kortom, niemand kan ten volle en uitbundig leven, tenzij zij of hij in staat is om de duistere realiteiten waarderend te begrijpen. Zo kan men uitbundig leven in onzekerheid. Deze donkere realiteiten zijn niet ‘goed’ als zodanig, verre van, en toch leidt het volledig waarderend begrijpen ervan tot een uitbundiger leven. Daarin domineert Creatieve wisselwerking de Vicieuze Cirkel. Die laatste draait als het ware terug door de kracht van de eerste, zodat men terug in verbinding komt met z’n Intrinsieke Waarde. Een ruwe versie van deze metafoor werd mij door jullie moeder Daphne aangereikt in Atlanta, toen we daar samen ‘op toer’ waren (1995). De uiteindelijke versie in het Nederlands (de Engelse versie zien jullie bovenaan mijn website):

Wanneer dit plaatst vindt – en alleen in dat geval – zullen deze donkere realiteiten uiteindelijk een positieve waarde hebben. Wees er echter klaar van bewust, Eloïse, Edward en Elvire, dat de donkere realiteit niet noodzakelijkerwijs tot de noodzakelijke transformatie leidt. Dat zal ze niet, tenzij de donkere realiteit een aanzet is voor het van binnen uit beleven van jullie tweeledig engagement inzake Creatieve wisselwerking. Dit engagement is geen garantie voor succes én het is – voor zo ver ik, jullie grootvader Johan, weet – de enige weg voor het vrijmaken van alle talenten en middelen van jullie (Originele) Creatieve Zelf ten behoeve van constructieve, dus opbouwende, actie.

___________________________________________________________________________

[i] Bruce Springsteen, Across the Border uit The Ghost of Tom Joad, Colombia Records, 1995 (Geïnspireerd door ‘The Grapes of Wrath’, John Steinbeck’s epos, 1939; John Ford’s film adaptatie, 1940; alsook Woody Guthrie’s The Ballad Of Tom Joad, 1960 – Tom Joad de hoofdfiguur zijnde van het boek van John Steinbeck). Wanneer ik het begrip ‘God’ gebruik, bedoel ik daarmee – zoals Henry Nelson Wieman – het Creatief wisselwerkingsproces.

[ii] Stacie Hagan & Charlie Palmgren. The Chicken Conspiracy, Breaking the Cycle of Personal Stress and Organizational Mediocrity, Baltimore, MA: Recovery Communications, Inc., 1998.

[iii] Johan Roels. Cruciale dialogen, Het dagdagelijks beleven van ‘Creatieve wisselwerking’, Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 2012. pp. 103-121.

[iv] Johan Roels. Creatieve wisselwerking, Nieuw business paradigma als hoeksteen voor veiligheidszorg en de lerende organisatie, Leuven-Apeldoorn: Garant, 2001, Deel III, pp. 257-296.

[v] SUI: afkorting van het Sint-Ursula-Instituut, een katholieke school voor secundair onderwijs van de zusters Ursulinen in Onze-Lieve-Vrouw-Waver.

[vi] Dit is het tweeledig engagement van Henry Nelson Wieman en luidt als volgt:

  1. Geef steeds het beste van jezelf;
  2. Blijf daarbij open voor het proces dat dit beste verandert in iets dat nieuwer, beter en voller is (dit proces is uiteraard het Creatief wisselwerkingsproceszelf).

[vii] Albert Camus. L’Homme Révolté, Paris: Gallimard, Collection nrf, 1951.

[viii] Henry Nelson Wieman. Man’s Ultimate Commitment. Carbondale: Southern Illinois University Press, 1958, Chapter 3.

 

BLIJF WAKKER ! – INLEIDING

I’ve looked at life from both sides now
From up and down, and still somehow
It’s life’s illusions I recall
I really don’t know life at all
– Joni Mitchell

Both Sides Now – Clouds – 1969 

1969 – het wonderbaarlijkste jaar van m’n leven – totnognu

Jarenlang zocht ik naar de basiscondities en vaardigheden die het dagelijks beleven van het creatief wisselwerkingsproces[i] daadwerkelijk ondersteunen. Uiteindelijk begreep ik dat dit beleven plaats vindt bij het succesvol voeren van moeilijke gesprekken; gesprekken die ik uiteindelijk ‘Cruciale dialogen’ noemde. Het boek ‘Cruciale dialogen’[ii] beschrijft dan ook de acht basiscondities en zestien vaardigheden die ingezet dienen te worden bij het voeren van succesvolle stevige babbels; dit onder meer bij het oplossen van problemen en het beantwoorden van belangrijke vragen. Langzamerhand werd, gedurende deze tien jaar durende queeste, de vlinder – het Cruciaal Dialoogmodel – geboren. Eens zich met grote moeite uit z’n cocon vrijgemaakt, kon ook deze vlinder heerlijk vliegen!

Dat ‘Cruciale dialogen’ eerder een doe boek dan een leesboek is, werd mij pijnlijk en glasscherp duidelijk toen ik nog geen jaar na de publicatie ervan geconfronteerd werd met een tweede levensbedreigende ziekte in nog geen vijf jaar tijd: darmkanker stadium III. Gelukkig bleek ik bij deze tegenslag wendbaar en dus pro-actief. Zo gaf ik m’n huisarts van bij het begin m’n vermoeden mee dat de oorzaak van m’n klachten dikke darmkanker was. M’n huisarts verwierp deze diagnose, zich steunend op m’n medisch dossier, dat via z’n grootvader en vader bij hem terecht gekomen was en dat hij al een tiental jaar bijwerkte. Gedurende ettelijke maanden beweerde hij bij hoog en bij laag dat dikke darmkanker in mijn geval onmogelijk was. Nadat medicatie geen soelaas bracht, besloot hij na een maand toch een paar onderzoeken te laten doen: longfoto’s, een paar CT-scans en uiteindelijk, op m’n verder aandringen, ook nog een MRI onderzoek. Dat laatste bracht ‘iets’ aan het licht dat volgens de beschrijving van de specialist “datgene was waardoor m’n huisarts het MRI onderzoek had voorgeschreven.” M’n huisarts begreep de cryptische taal van de specialist niet en las die mij voor. Ik vertaalde dat ‘iets’ als ‘darmkanker’. Op dat moment ging hij eindelijk overstag en schreef een onderzoek voor bij een internist. Het werd mij later overduidelijk dat m’n huisarts toen geleid werd door z’n gekleurd, vastgeroest denkkader (of mindset) en te weinig open stond voor dissidente data en dus voor het klaar bewustzijn; dit laatste omschrijft de Engelse taal kernachtig met het begrip ‘awareness’. Daardoor geloofde m’n huisarts m’n ‘innerlijke zekerheid’ (een begrip dat ik van Paul de Blot SJ leerde) niet en werd m’n pro-activiteit vier maanden lang de mond gesnoerd. Hij was tenslotte dokter, ik een leek en hij beschikte over m’n medisch dossier dat een halve eeuw overspande. Zelf had ik ook nogal wat moeite om onder mijn aangeleerde loyaliteit t.o.v. m’n huisarts uit te komen en dus m’n eigen gekleurd bewustzijn af te zweren. Ook dat werd uiteindelijk een ‘Creatieve wisselwerking’ levensles!

Dus na heel wat getreuzel stuurde m’n huisdokter Dirk Bafort mij – op m’n nadrukkelijk aandringen en na vier maanden darmklachten – door naar een specialist. Ik volgde – wat de specifieke dokter die hij voorstelde betrof – z’n advies niet en koos zelf voor dr. Bruno Vermeersch. Ik had ondertussen geleerd dat ik zelf in de zogenaamde ‘drivers seat’ diende plaats te nemen en m’n toekomst zelf in handen te nemen en had dus m’n huiswerk, voordat het verdict viel, al gemaakt (had er ook voldoende tijd voor gekregen). Op 19 augustus 2013 duurde het welgeteld een minuut om een joekel van een gezwel via endoscopie in beeld te brengen.

Had dr. Dirk Bafort een zogenaamde ‘touché’ toegepast, was het gezwel al vier maand daarvoor ‘boven water’ gekomen. Blijkbaar wordt deze techniek niet meer door huisartsen toegepast. Door specialisten, zoals ik in de maanden nadien ondervond bij dr. Vermeersch, dr. De Meester en dr. Feryn, nog wel!

Bruno stelde mij gerust: “er is nog niets zeker…, het is mischien niet kwaadaardig…”. Hij had een biopsie van het gezwel genomen en schreef direct een serie bijkomende tests voor. Bruno vroeg mij om geduldig de ‘uitslag’ – die ik al met innerlijke zekerheid wist – af te wachten; veertien dagen later zouden namelijk alle puzzelstukjes samenvallen. Op 3 september 2013 hoorde ik uit de mond van dr. Bruno Vermeersch wat ik al maanden vermoedde: darmkanker; nog niet uitgezaaid, edoch bijna! Toen ging alles in een stroom versnelling: twee dagen nadien werd een port-a-cath geplaatst en een combinatie van chemo sessies en bestralingen vastgelegd. Doel was het terugdringen en verkleinen van de tumor. Daarna zou een operatief ingrijpen volgen. Gezien de plaats van de tumor was een permanente stoma meer dan waarschijnlijk. Ik ging niet in op z’n voorstel om het finale operatief ingrijpen door een collega van AZ Alma in Sijsele te laten uitvoeren en maakte hem de slotsom van m’n huiswerk bekend. Die operatie zou worden uitgevoerd door dr. Tom Feryn van het AZ St. Jan te Brugge, waar ook de voorafgaande bestralingen zouden doorgaan. Hij beloofde de nodige contacten voor bestraling en operatie aldaar te maken.

Nu was het hoog tijd om weerbaar te zijn. In het geval van darmkanker is volharden in de boosheid van het gekleurd denkkader en dus het niet inzetten van het helder denkkader (‘awareness’) echt geen optie. Wel een optie is jezelf de cruciale vraag: “Hoe wil je dat jouw kleinkinderen je later zullen herinneren?” stellen. Want hoewel mij, niettegenstaande Stadium III, een grote overlevingskans werd toegedicht, vergeet ik nooit het empathisch schouderklopje dat dr. Geertrui De Meester, hoofd van de dienst radiotherapie van AZ St Jan in Brugge, mij gaf na het eerste consult dat we met haar hadden. Het was werkelijk ‘vijf voor twaalf’!

Ondertussen had ik een Cruciale dialoog met mezelf gevoerd en tot het besluit gekomen én beslist dat ik direct zou opveren en doorgaan. En dat ik dit met een ‘opgeruimd gemoed’ zou doen. Dit is wat ik bedoel met weerbaar zijn; niet bij de pakken blijven zitten en transformerend handelen. Het hoeft geen betoog dat ik bij het beantwoorden van vorige cruciale vraag enorm geholpen werd door m’n eigen boek ‘Cruciale dialogen’. Quad erat demonstrandum … m’n boek is wel degelijk een doe-boek en het hielp mij om gans die periode – met daarin: een kleine chirurchische ingreep-chemo-bestraling-invasieve chirurchische ingreep-permanente stoma-dertig dagen verblijf in AZ St Jan-nachemo en herstel – het hoofd koel en meer dan boven water te houden. Dat ik ondertussen m’n boek ‘Cruciale dialogen’ aan het vertalen was naar het Frans – een belofte aan m’n Franse vriend Guy Bérat nakomend – maakte dat m’n boek ook letterlijk nooit veraf was. Hoe langer hoe meer zag ik in wat ik nog voor m’n kleinkinderen zou kunnen betekenen. Naast het zijn van een sparringpartner bij hun schooltaken en alles wat een normale grootvader zoal doet, begon ik hoe langer hoe meer met hen over creatieve wisselwerking en de toepassing ervan, Cruciale dialogen, te praten. Uiteindelijk rees langzamerhand in mij het plan om de serie columns te schrijven, waarvan deze de inleiding is.

Normaal zijn het de kinderen die hun meter en peter nieuwjaarsbrieven schrijven. Met m’n serie columns draai ik de rollen om. Edoch, ik schrijf m’n kleinkinderen geen nieuwjaarsbrieven met m’n beste wensen. Ik schrijf hen een serie doe-columns met m’n beste adviezen waarmee ze wendbaar en weerbaar en dus wakker zullen blijven! Met andere woorden: ik ben er rotsvast van overtuigd dat wanneer jullie, Eloïse, Edward en Elvire, deze adviezen ter harte zullen nemen jullie wendbaar en weerbaar zullen blijven in deze VUCA[iii] wereld. Ik zal jullie echter niet bestoken met oude consultant wijsheden in nieuwe zakken, maar eerder jullie gids zijn op wat ik de ‘Mahatma Ghandi’ manier noem.

Mahatma Gandhi leefde, wanneer hij niet politiek ergens in de wereld doende was, heel sober in z’n hut ‘Sevagram Ashram’; dit vanaf het moment van de afwerking van die hut (1936) tot aan z’n gewelddadige dood (1948). Wanneer Mahatma Gandhi in Sevagram toefde kreeg hij voortdurend bezoek. Zeer gekend zijn de bezoeken die Jawaharial Nehru, de latere eerste minister-president van onafhankelijk India (overigens met de daadwerkelijke steun van Gandhi), hem daar bracht. Ghandi had onder meer ook veel kennis over alles wat met gezondheid te maken heeft. Daarom kwamen heel wat mensen bij Mahatma over de vloer met hun gezondheidsvragen. Over een van die vragen en Ghandi’s antwoord daarop gaat volgende anekdote, die Charlie Palmgren mij zo’n vijfentwintig jaar geleden vertelde:

Op een dag kwam er een welstellende familie afgezakt naar Sevagram Ashram met de vraag of Mahatma Gandhi hun zwaarlijvige dochter kon helpen weer fit en gezond te worden. Mahatma stelde heel wat vragen en luisterde aandachtig, af en toe parafraserend om het probleem waarderend te kunnen begrijpen. Toen Ghandi het probleem op die manier begrepen had, vroeg hij z’n bezoekers een paar maand later terug te komen. Hij noteerde de nieuwe datum zonder enig advies te verstrekken. Ietwat beduusd vertrokken de bezoekers. Twee maand na het eerste gesprek meldde het echtpaar zich terug in Sevagram Ashram vergezeld van hun, uiteraard, nog steeds obese dochter. Nu was het Mahatma Gandhi die het woord voerde en die het heel strikt dieet, dat de dochter zou moeten volgen, uit de doeken deed. Daarbij zorgde Mahatma ervoor dat ook hij waarderend begrepen werd. Indien de dochter daadwerkelijk de adviezen van Gandhi strikt zou opvolgen, verzekerde Mahatma, zou zij binnen de korste keren terug fit en gezond zijn en dus verlost van haar obesitas. De vader had opgewonden naar Mahatma Gandhi geluisterd en bleek helemaal niet tevreden. Hij vroeg op een nogal scherpe manier waarom Mahatma Gandhi dit advies niet twee maand eerder gedurende hun eerste bezoek had gegeven. Dan hadden ze ten minste geen twee maand verloren en bovendien een peperdure reis uitgespaard! Mahatma Ghandi bleef z’n faam gestand en antwoordde kalm: “Twee maand geleden wist ik dit alles nog niet. Na ons vorig gesprek heb ik diep nagedacht over uw dochters probleem en kwam ik tot een mogelijke oplossing. Dit dieet heb ik dan zeven weken lang zelf strikt gevolgd om te zien of m’n oplossing de goede was. Nu kan ik u, ‘met de hand op het hart’, verzekeren dat dit wel degelijk het geval is!”

De mens is pas mens als hij tot zelfbeheersing in staat is                   en eigenlijk pas als hij haar in de praktijk brengt.

– Mahatma Gandhi

Get started!

Graag start ik deze serie columns met het verhaal ‘De Gouden Arend’ van Anthony de Mello SJ[iv]. Toen ik het voor het eerst hoorde, Eloise, Edward en Elvire, dacht ik dat Anthony dat verhaal voor mij geschreven had. Het is het verhaal hoe we, geboren als arend door conditionering (lees opvoeding en dus de werking van de Vicieuze Cirkel) hoe langer hoe meer een ‘kieken’ worden.

The Golden Eagle

A man found an eagle’s egg and put it in a nest of a barnyard hen. The eaglet hatched with the brood of chicks and grew up with them.All his life the eagle did what the barnyard chicks did, thinking he was a barnyard chicken. He scratched the earth for worms and insects. He clucked and cackled. And he would thrash his wings and fly a few feet into the air. Years passed and the eagle grew very old.

One day he saw a magnificent bird above him in the cloudless sky. It glided in graceful majesty among the powerful wind currents, with scarcely a beat of its strong golden wings. The old eagle looked up in awe. “Who’s that?” he asked. “That’s the eagle, the king of the birds,” said his neighbor. “He belongs to the sky. We belong to the earth—we’re chickens.” So the eagle lived and died a chicken, for that’s what he thought he was.

Anthony  de Mello SJ  ‘The song of the Bird’

Een Nederlandse vertaling van het verhaal:

De Gouden Arend

Een man vond een ei van een arend en legde het in het nest van een boerenerf hen. Het arendsjong werd uitgebroed samen met een heel nest kuikens en groeide met hen op.Omdat hij geloofde dat hij een boerenerf kip was, deed hij net als zij. Hij scharrelde in de aarde om te zoeken naar wormen en insecten. Hij klokte en kakelde.Hij spreidde zijn vleugels en vloog een paar stappen de lucht in, net zoals het een kip betaamt.

Jaren verstreken en de arend werd erg oud.Zekere dag zag hij een prachtige vogel boven hem in de wolkenloze hemel. Die gleed met gracieuze majesteit op de krachtige windstromingen, met nauwelijks een slag van z’n sterke goude vleugels.De arend keek vol ontzag naar omhoog.“Wie is dat?” vroeg hij zijn buur.“Dat is een arend, de koning van de vogels”, antwoordde die. “Hij behoort tot de hemel, wij behoren de aarde – wij zijn kippen.” Dus de arend leefde en stierf als een kip, want hij dacht dat hij er een was.

Anthony  de Mello SJ  ‘Het lied van de vogel’

Carl Puccio, een kennis van jullie mama en vriend van Charlie Palmgren, maakte van dit verhaal een mooie video clip. Daarin vertelt Charlie het verhaal. Je kan de video clip hier vinden:

Eigenlijk zijn, in de ogen van Tony de Mello, alle mensen ‘gouden arenden’; wel zijn de meesten zich niet helder bewust van de hoogten die ze zouden kunnen bereiken. Anthony de Mello stelde zich tot doel de mensen wakker te maken voor de realiteit van hun grootheid.

Een ander verhaal dat aangeeft dat we eigenlijk beter zijn dan we beseffen, is een tekst die op het internet veelal verkeerdelijk toegeschreven wordt aan Nelson Mandela. Nelson zou, althans volgens ‘het internet’, die uitgesproken hebben tijdens een van z’n inauguratie redes toen hij, na tientallen jaren gevangenschap, als president van z’n land werd ingezworen. Edoch, er is een klein probleem: Nelson gebruikte die tekst niet in z’n inauguratie redes. Een prachtig voorbeeld van een zogenaamde internet hoax. Een hoax is in het Engels een woord voor poets nep, bedrog, truc en oplichterij . Het als begrip ‘internet hoax’ is ondertussen zo goed als ingeburgerd in het Nederlands. Volgende tekst komt wel uit een boek van Marianne Williamson[v]:

Our Deepest Fear

Our deepest fear is not that we are inadequate,

Our deepest fear is that we are powerful beyond measure.

It is our Light, not our darkness, that most frightens us.

We ask ourselves, who Am I to be brilliant, Gorgeous, talented, Fabulous?

Actually, Who are you NOT to be?

You are a child of Spirit.

Your playing small Does not serve the World.

There is Nothing enlightened About shrinking so that Others won’t feel Insecure around you.

We were born to Manifest the glory Of Spirit which is Within us. It is not Just in some of us; It is in everyone.

And as we let our Light shine, we give Others permission to Do the same.

As we Are liberated from Our own fear, our Presence liberates Others

Een mogelijke vertaling:

Onze grootste angst

Onze grootste angst is niet dat we onvolmaakt zijn.

Onze grootste angst is dat we mateloos krachtig zijn.

Het is ons licht, niet onze schaduw, die ons het meest beangstigt.

We vragen onszelf: wie ben ik om briljant te zijn, prachtig, talentvol, fantastisch?

Edoch, wie ben jij om dat NIET te zijn?

Jij bent een kind van God.

Je onbelangrijk voordoen bewijst de wereld geen dienst. Er is niets verlichts aan je klein te maken opdat andere mensen zich bij jou niet onzeker zouden voelen.

Wij zijn geboren om de glorie van God die in ons is, te openbaren. Deze is niet alleen enkel in sommigen onder ons; deze is in iedereen!

En als wij ons licht laten stralen, geven we onbewust andere mensen toestemming om hetzelfde te doen.

Eens van onze angst bevrijd, bevrijdt onze aanwezigheid anderen.

De serie columns, waarvan deze column de inleiding is, had overigens ook als titel “Blijf Arend!” kunnen krijgen of ook nog: “Blijf het Kind in U!”.

Beide verhalen gaan, dat hadden jullie begrepen, over het Creatief wisselwerkingsproces (‘de glorie van God’) dat het kind in zich heeft en ten volle beleeft en waar de volwassene bang van (geworden) is… mede omdat het beleven van dit levensproces neerkomt op zichzelf continu bijschaven, veranderen, transformeren. Van dat alles zijn de meeste volwassenen nu eenmaal bang van; blijkbaar blijven ze liever in de ‘gouden kooi’ van hun Vicieuze Cirkel[vi].

Ik weet dat jullie Eloïse, Edward en Elvire, nogal eens surfen op het internet en dat Youtube daar één van jullie pleisterplekken is. Daar vond ik ook volgende clip dat het citaat uit het boek van Marianne Williamson dat ik hierboven gebruikte nog uitbreidt. Deze clip geeft voor mij ook aan waarom de ontdekker van Creatieve wisselwerking, Henry Nelson Wieman die een religieus filosoof was, uiteindelijk schreef dat voor hem God geen super natuurlijke persoon was, maar het proces dat hij Creative Interchange had genoemd.

___________________________________________________________________________

[i]Het Creatief Wisselwerkingsproces is de naam die ik (in navolging van m’n mentor Charles Leroy ‘Charlie’ Palmgren) geef aan het natuurlijk leer en transformatie proces, waar alle kinderen mee worden geboren. Ik beschreef het voor het eerst in m’n boek ‘Creatieve wisselwerking’, Leuven-Apeldoorn: Garant (2001).

[ii]Johan Roels, Cruciale Dialogen, het dagelijks beleven van Creatieve wisselwerking. Antwerpen-Apeldoorn: Garant, 2012.

[iii]VUCA is een acroniem dat oorspronkelijk door Amerikaanse militairen is bedacht voor het beschrijven van het slagveld. VUCA wordt nu hoe langer hoe meer gebruikt  staat voor: de huidige “snelle, onzekere, complexe en vage” wereld:

  • V= volatility: de onvoorspelbaarheid en snelheid van veranderingen
  • U= uncertainty: onzekerheid over wat er staat te gebeuren
  • C= complexity: veelheid aan krachten, chaos en verwarring rondom ons
  • A=ambiguity: oorzaak en gevolg zijn onduidelijk en moeilijk verklaarbaar

[iv]Anthony de Mello, S.J. The Song of the Bird.New York, NY: Doubleday, 1984.

[v]Marianne Williamson. A Return to Love:  reflections on the principles of a course in miracles. New York, NY: HarperCollins Publishers, 1992.

[vi]De Vicieuze Cirkel is de naam die ik (in navolging van m’n mentor Charlie Palmgren) geef aan het aangeleerde proces dat Creatieve wisselwerking hindert en afremt en waar alle kinderen tijdens hun opvoeding mee te maken krijgen. Ik beschreef het voor het eerst in m’n boek ‘Creatieve wisselwerking’.

BLIJF WAKKER ! – VOORWOORD

Well if I had one wish for you
in this god-forsaken world, kids
It’d be that your mistakes will be your own
That your sins will be your own
It’s been a long time comin’, my dear
It’s been a long time comin’, 
but now it’s here.
 – Bruce Springsteen

Long time Coming – Devils & Dust – 2005

 

Mijn vorig boek, ‘Cruciale dialogen’ (2012), beschrijft een model om dagelijks handen en voeten te geven aan het creatief wisselwerkingsproces. Dit laatste was dan weer het hoofdthema van het boek dat ik daarvoor schreef: ‘Creatieve wisselwerking’ (2001). Toen dit boek werd gepubliceerd had ik nog geen kleinkinderen. In de tijdspanne tussen de publicaties van die twee boeken werden onze drie kleinkinderen – Eloïse, Edward en Elvire – geboren. Ook in die periode bleef de wereld hoe langer hoe sneller veranderen. Die veranderingen nopen ons – en vooral onze kleinkinderen – hoe langer hoe meer ‘wendbaar en weerbaar’ te worden. Die uitdrukking wordt onder meer vaak gebruikt door Fons Leroy, directeur van de VDAB (2005-2019), zoals in een interview op het vrt één journaal van 7 oktober 2016, daags na de aankondiging van het massa ontslag van medewerkers bij ING België. Fons stelde in dat interview dat we in de toekomst ons de sleutelvaardigheden, om in een snel veranderende omgeving wendbaar en weerbaar te zijn, dringend eigen dienen te maken. Het werd mij toen direct duidelijk dat, om wendbaar (i.e. pro-actief) en weerbaar (i.e. re-actief) te zijn men creatieve wisselwerking (Creative Interchange) van binnen uit dient te beleven.

In dezelfde week besloot ik een punt achter m’n vierde professionele leven te zetten en plotseling werd mij m’n laatste persoonlijke missie overduidelijk:

Helping my Grandkids Creating their Lives while Staying their Original Self through Consistent Living Creative Interchange from Within.

Het is dus het van binnenuit beleven van Creatieve wisselwerking dat ik, zo goed en zo kwaad dat ik dit kan, sedert eind 2016 bewust aan m’n drie kleinkinderen meegeef. Ik zal dit doen zolang dit mij gegeven is. Ik ben er mij maar al te goed van bewust dat op een dag ook daar een einde zal aan komen. Het leven – ook het mijne – is eindig, dat is een natuurwet. Wat wel voortleeft, is het creatief wisselwerkingsproces. Het wordt namelijk steeds opnieuw in elk geboren kind ingebed. Hopelijk blijven m’n drie kleinkinderen – dit is m’n vurigste wens – dit proces continu beleven en blijven ze niet steken in het denkkader van hun persoonlijke Vicieuze Cirkel.

Om hen een blijvend ruggensteuntje te geven, start ik deze serie columns. Deze zouden uiteindelijk een heus boek kunnen vormen. Hoogst waarschijnlijk zal het nooit gepubliceerd worden; want, zoals reeds gesteld, ik schrijf deze teksten vooral voor m’n kleinkinderen. Vandaar ook de titel: ‘Blijf Wakker!”, omdat zij nog steeds verbonden zijn met hun Originele Zelf. Indien ik dit boek ook voor anderen zou schrijven, dan zou de titel “Word Wakker!” luiden. Voor Eloïse, Edward en Elvire gebruik ik dus “Blijf Wakker!” omdat ik er van overtuigd ben dat zij nog steeds uit de ijzeren greep van de Vicieuze Cirkel gebleven zijn en dus nog steeds verbonden zijn met hun Intrinsieke Waarde (Intrinsic Worth).

Gezien voor alle drie E’s (zoals ik m’n drie kleinkinderen soms noem) exemplaren van mijn reeds geciteerde boeken klaar liggen, zal ik in deze serie columns verwijzen naar passages uit die boeken. Anderen die onverhoopt deze columns – die ik op m’n webstek publiceer – onder ogen krijgen, beschikken waarschijnlijk over hun eigen exemplaar van die boeken. Zo kunnen ook zij mijn nieuwste ideeën in verband met de Vicieuze Cirkel (Vicious Circle) en Creatieve wisselwerking (Creative Interchange) linken aan wat er in ‘Creatieve wisselwerking’ en ‘Cruciale dialogen’ staat geschreven.

Eind oktober 2016 sloot ik m’n professionele leven af met een spetterende vijftiende bijeenkomst van het Cruciale Dialogen Genootschap. Na vier professionele levens (ik ben inderdaad zelf wendbaar en weerbaar gebleken) – waarover uitvoerig werd geschreven in m’n reeds geciteerde boeken – vond ‘ons Rita’ dat het welletjes was geweest. Het Cruciale Dialogen Genootschap werd dan ook ontbonden en, zoals dat zo vaak gaat in het leven, verloren de leden ervan mij min of meer uit het oog. Van mijn kant schreef ik hen maandelijks nog wel een e-mail met de link naar m’n nieuwste column. Eind 2018 liet ik hen weten dat ook aan deze gewoonte een einde kwam. Ik zal uiteraard wel verder blijven schrijven aan ‘Blijf Wakker!’ Wat ook blijft zijn m’n veertiendaagse skype gesprekken met Charlie Palmgren. Charlie van zijn kant is, naast heel wat andere activiteiten, nog steeds aan het schaven aan z’n ultieme beschrijving van Creative Interchange; terwijl ik aan dit ‘boek’ ten behoeve van Eloïse, Edward en Elvire hoofdstukken (columns) zal blijven toevoegen. Het is de bedoeling dat dit met de regelmaat van een klok gebeurt. Het dient gezegd dat ik hoop dat die klok niet rap stilvalt …

Een speciaal woord van dank gaat uit – naast uiteraard de drie kleinkinderen waarvoor deze teksten bedoeld zijn – naar m’n echtgenote Rita, beter gekend als ‘ons Rita’ – en dochter Daphne, moeder van de drie E’s. Zij geven mij de noodzakelijke ruimte en voornamelijk het onuitputtelijk terrein om m’n nieuwste ideeën aan de werkelijkheid te toetsen.

 

Johan Roels

Creative Interchange and pop songs

 

Since January this year I go out for a walk every day. I’m living near a little wood and this daily exercise regulates my blood sugar level, makes me less stressful and gives me lots of ideas. Most of the time, while walking at a reasonable speed (6 km per hour), I’m listening to pop music, mostly of my younger days. It struck me that a lot of those songs make me think of the Creative Interchange process. I’ve learned years ago – from books and videos of the late Stephen R. Covey – that one does not appreciate reality as it is; one appreciates reality as one’s mindset allows one to. Since my mindset is Creative Interchange ‘colored’, my thus way colored spectacles see Creative Interchange almost everywhere; even in the lyrics of pop songs, as you can read in the following pages.

Sometimes Creative Interchange is hidden in an expression or a line, at other times in a verse or the chorus. On a rare occasion the whole song brings my thoughts back to the process we’re all born with and to which we should be ultimately committed (cf. Henry Nelson Wieman, ‘Man’s Ultimate Commitment[i]).

 

A song that describes the struggle of being and staying committed to Creative Interchange is Billy Joel’s “The River of Dreams”. In this song the wording of the chorus changes slightly each time it’s sung and the song starts with a first version of it:

In the middle of the night
I go walking in my sleep
From the mountains of faith
To a river so deep

Indeed, one has to have faith to commit oneself to live Creative Interchange because living this life giving process is far from easy.

The first verse explains why Billy Joel goes to the deep river:

I must be looking for something
Something sacred I lost
But the river is wide
And it’s too hard to cross

The metaphor Billy Joel uses here to explain the goal of his action is “crossing a deep river, to find what he’s looking for” and what he’s looking for is ‘something sacred” he “lost”. In my mind that “something” is what Charlie Palmgren calls one’s Intrinsic Worth. The second verse digs deeper in the task:

And even though I know the river is wide
I walk down every evening and I stand on the shore
And try to cross to the opposite side
So I can finally find out what I’ve been looking for

Living Man’s Ultimate Commitment (cf. Henry Nelson Wieman’s book) from the inside out is not only far from easy and does need courage; it’s a never-ending story (“every evening”) that demands persistency in action.

Then the second version of the chorus follows:

In the middle of the night
I go walking in my sleep
Through the valley of fear
To a river so deep

“The valley of fear” sounds to me as the danger of the Vicious Circle, which has to be overruled in order to be able to stay committed to Creative Interchange.

Verse three digs still deeper regarding what he’s been looking for:

And I’ve been searching for something
Taken out of my soul
Something I would never lose
Something somebody stole

As already pointed out, what’s “taken out of my soul” is one’s Intrinsic Worth that one “would never lose and has been stolen.” That “somebody” is the Vicious Circle. Looking to regain one’s Intrinsic Worth, i.e. living Creative Interchange from within, makes one tired and frustration is looming around the corner according to the next verse:

I don’t know why I go walking at night
But now I’m tired and I don’t want to walk anymore
I hope it doesn’t take the rest of my life
Until I find what it is that I’ve been looking for

Indeed, living Creative Interchange does not equal immediate success. Yoda would say: “May the Force be with you!” In the next version of the chorus:

In the middle of the night
I go walking in my sleep
through the jungle of doubt
to a river so deep

The changed line – “Through the jungle of doubt” – underlines the fact that one has to tolerate ambiguity while living Creative Interchange! This is explained in the next verse:

I know I’m searching for something
something so undefined
that it can only be seen
by the eyes of the blind

In the middle of the night

The “Something so undefined, that it can only be seen by the eyes of the blind” is, to me, Creative Interchange itself. This verse makes me think of the end paragraphs of Henry Nelson Wieman’s ‘Man’s Ultimate Commitment’, book that describes Creative Interchange in all its forms:

“I know that I cannot be in error in holding the belief that I am at least partially in error concerning the character of the reality to which I am ultimately committed. Hence I know with certainty that I am ultimately given to what is more than, and in some respects different from, everything affirmed in this book. With this triumph over error I make my last commitment: I cast my error, my failure, and my guilt into the keeping of creative and transformative power.”[ii]

The next verse:

I’m not sure about a life after this
God knows I’ve never been a spiritual man
Baptized by the fire, I wade into the river
That runs to the promised land

This means to me: don’t count on a life after this and the “unbearable lightness of being” resides in living Creative Interchange from within, here and now in order to reach, perhaps, the “promised land”.

The last version of the chorus:

In the middle of the night
I go walking in my sleep
through the desert of truth
to the river so deep

Points out that, to find the Promised Land, one has to cross “the desert of truth”. Truth means here, to me, not the truth with a major ‘T’: it means seeing reality as it is. Which makes me think of a famous quote of Marcel Proust, which I used in the introduction of my book Creatieve Wisselwerking [iii](Creative Interchange):

“The real act of discovery consists not in finding new lands,

but in seeing with new eyes.”

The last verse closes Bill Joel’s description of Creative Interchange:

We all end in the ocean
We all start in the streams
We’re all carried along
By the river of dreams

In the middle of the night

“We all start in the streams” means, to me, we’re all born with this process; the process Henry Nelson Wieman discovered seeing with new eyes and which he coined Creative Interchange. We all start in the Flow, so to speak, having the Forceto “be carried along by the river of dreams.”

 

An example of a song having a chorus related to Creative Interchange and the living of it is Bob Seger’s “Against the wind”. As you know, and as we’ve seen above, the chorus of a song is not only the most repeated section; it is there where you can find the real meaning of a song. The chorus is supposed to be the most memorable part of the song and is almost always of greater musical and emotional intensity than the verses. That’s definitely the case in “Against the wind”:

Against the wind

We were running against the wind

We were young and strong,

we were running Against the wind

Someone who’s committed to live Creative Interchange is someone who Friedrich Nietzsche calls a “Free Spirit”[iv]; one “who goes against the herd” and “onwards along the path of wisdom” in order to “improve society.” Henry Nelson Wieman calls this the Creative Selfwho transforms the created self towards the Original Selfand in doing so one improves one’s culture. Such a one is definitely “running against the wind.”

As some of you know, I’m still writing columns and essays around Creative Interchange for the sake of my three grandchildren. If life taught me one thing, it is that we have the responsibility to prepare them to be able to cope with the difficulties of life. In other words that they become agile and resilient. One of the side effects of accepting this responsibility is that one will be remembered positively by one’s own kind and therefor will live longer. To me, my ‘end’ task is that I introduce my three grandchildren to Creative Interchange, the Process of Life. Of course, they are at the moment on the one hand too young to grasp the real meaning of Creative Interchange, its conditions and the needed behaviors and, on the other hand, I will probably not live long enough to explain them the process in detail. Therefor I live Creative Interchange as good as I can, use every opportunity to talk and write about it and store my ramblings in the cloud, by publishing them on my own website and on public sites as Slideshare, YouTube. This is also the reason that this particular column will be my last one written on behalf of a lager ‘public’. From today on I’ll only write columns for the sake of Eloïse, Edward and Elvire. I’ve started already and the columns I’ll write in the course of let’s say a year could be published (but will not) as a book with the title ‘Stay Awake!”.

 

A song about helping others to discover and live Creative Interchange is Billy Joel’s “Innocent man”. Let’s take a close look at the lyrics of that song, and I give you some personal interpretations:

Some people stay far away from the door
If there’s a chance of it opening up
They hear a voice in the hall outside
And hope that it just passes by

Which means to me that some people stay away from Creative Interchange and hope that “it just passes by”. They want to stay at the level of their current created self; they don’t want to make it an evolving self.

Some people live with the fear of a touch
And the anger of having been a fool
They will not listen to anyone
So nobody tells them a lie

This explains the reason for their behavior. They live in the cage of their Vicious Circle and do not want to break free; they do not want to listen to anyone, let alone to appreciative understand what others try to convey:

I know you’re only protecting yourself
I know you’re thinking of somebody else
Someone who hurt you
But I’m not above
Making up for the love
You’ve been denying you could ever feel
I’m not above doing anything
To restore your faith if I can

I understand why people can be victim of their Vicious Circle and hide themselves in their closed mindset, the ‘demands and expectations’ frame of reference that they won’t let being changed Charlie Palmgren would argue.

Some people see through the eyes of the old
Before they ever get a look at the young
I’m only willing to hear you cry
Because I am an innocent man
I am an innocent man
Oh yes I am

Indeed, people look through their colored glasses en don’t see reality in a fresh young way. Since I’m not responsible of the fact that the other is prisoner of their Vicious Circle; “I am an innocent man” and “ I’m only willing to hear you cry.”

Some people say they will never believe
Another promise they hear in the dark
Because they only remember too well
They heard somebody tell them before

People who hide in their closed mindset don’t want to believe anything that would rescue them from that mindset, since “they heard somebody tell them before.”

Some people sleep all-alone every night
Instead of taking a lover to bed
Some people find that it’s easier to hate
Than to wait anymore

Those people are not really interconnected anymore with others and therefor Creative Interchange with others has no chance.

I know you don’t want to hear what I say
I know you’re gonna keep turning away
But I’ve been there and if I can survive
I can keep you alive
I’m not above going through it again
I’ve not above being cool for a while
If you’re cruel to me I’ll understand

I appreciatively understand the mindset of the people victim of the Vicious Circle, since I’ve been there too and I know how I survived, so thus know by experience what can keep others alive. “I’m not above going through it again” and help others to discover Creative Interchange. And if the other does not accept my offer I’ll understand.

Some people run from a possible fight
Some people figure they can never win
And although this is a fight I can lose
The accused is an innocent man
I am an innocent man
Oh yes I am
An innocent man

I know the flight syndrome all too well and thus know that “some people figure they can never win” and although I know that helping others to discover Creative Interchange – which is according to the lyrics here “a possible fight” – is never easy, and the risk is always there that I won’t succeed, I’ll go ahead with it, since “I am an innocent man.”

You know you only hurt yourself out of spite
I guess you’d rather be a martyr tonight
That’s your decision
But I’m not below
Anybody I know
If there’s a chance of resurrecting a love
I’m not above going back to the start
To find out where the heartache began

Still knowing that some people won’t leave their cage (i.e. Vicious Circle), if “there’s a chance of resurrection a love” (i.e. resurrection Creative Interchange), “I’m not above going back to the start to find out where the heartache began”, which means fueling the Creative Interchange process, so that the Vicious Circle spins backwards until one is reconnected with one’s Intrinsic Worth; pictured here as the two spinning raders:

Some people hope for a miracle cure
Some people just accept the world as it is
But I’m not willing to lay down and die
Because I am an innocent man

I am an innocent man
Oh yes I am
An innocent man

Living Creative Interchange from within is not a miracle cure, it’s “accepting the world as it is” and “I’m not willing to lay down and die” because of my Vicious Circle. “I am an innocent man” who lives Creative Interchange from within as good as he can; rising strong each time he stumbles and falls because of his own Vicious Circle.

 

Another, more recent, pop song that has a chorus that is, to me, related to Creative Interchange and the living of it is Mumford & Sons: “Sigh no More”. This chorus is even repeated three times, so you can’t miss it.

Love that will not betray you, dismay or enslave you,
It will set you free
Be more like the man you were made to be
There is a design,
An alignment to cry,
Of my heart to see,
The beauty of love as it was made to be

Since one of the synonyms for Creative Interchange is unconditional love, you understand that this chorus caught my ear. The fact that it’s repeated three times helped of course. I know from experience that Creative Interchange will a) “not betray you, dismay or enslave you” and that b) “it will set you free”. And although I know that I’m not there yet (and most probably never will be), Creative Interchange helps tremendously to “be more like the man you were made to be” i.e. your Original Self. That Original Self is Mumford & Sons “design”, “an alignment to cry, of my heart to see”. So one has to be aware of “the beauty of love as it was made to be.” Indeed, “Sigh no More”, that’s the way, it’s not an easy path (it’s “an alignment to cry”) and it’s the only path I know. In other words: Becoming a Leader is Becoming Your Original Self [v].

 

Another song of Mumford & Sons is, to me, about the eternal struggle between Creative Interchange and the Vicious Circle. Let me present how I appreciatively understand Roll Away Your Stone:

Roll away your stone I will roll away mine
Together we can see what we will find
Don’t leave me alone at this time
For I am afraid of what I will discover inside

“Roll away your stone I will roll away mine”, means to me: ‘Take of your mask, I’ll take of mine’ or ‘let’s take down the barriers of our Vicious Circle and let’s reconnect with our Original Worth. “Together we can see what we will find”, being authentic and aware we will discover our truth together. “Don’t leave me alone at this time, for I am afraid of what I will discover inside”; let’s continue to stay in creative interchange, since I am afraid what I will discover through awareness. What I will discover are the ‘demons’ of my Vicious Circle and I do not want to face them alone and awareness will make clear that I have to transform myself, which is scaring.

You told me that I would find a home
Within the fragile substance of my soul
And I have filled this void with things unreal
And all the while my character it steals

‘You’ in this verse is ‘God’, thus Creative Interchange (according to Henry Nelson Wieman) and without God/Creative Interchange our soul is a void, which is filled up “with things unreal”, due to the Vicious Circle. “And all the while my character it steals”: the Vicious Circle is deluding us and only Creative Interchange can bring us true happiness.

And darkness is a harsh term don’t you think
And yet it dominates the things I see

We’re unwilling to transform ourselves and although “darkness is a harsh term” for staying in our present state (the created self), we appreciatively understand that this state dominates the things we see. If we really want to transform, we “shall have to pay to pay the price” (of living Creative Interchange) in order to be able “to keep the change” (my preferred quote of Charlie Palmgren).

It seems that all my bridges have been burned
But you say ‘That’s exactly how this grace thing works’
It’s not the long walk home that will change this heart
But the welcome I receive with every start

The singer realizes it seems that God/Creative Interchange is the only real answer, even though it doesn’t make sense to him that he would deserve God/Creative Interchange after all he has done, being prisoner of his own Vicious Circle. But grace isn’t something you earn, it’s given freely, that’s “how it works”. “It’s not the long walk home that will change this heart” refers to the Bible story ‘The Prodigal Son’, which demonstrates that the journey home is long and hard and comes before the joy. The story is about a son who dishonors his father and takes his inheritance and moves out of the house. He ends up gambling away all his money and having to humble himself to go home and beg his father to take him back. His journey home is hard and he doesn’t think his father will welcome him home. “But the welcome I receive with every start”, refers to the welcome of the father in this Biblical story, who gives a feast to welcome the return of his son. This means that after each time we fell, due to our Vicious Circle, we can rise up again; which makes me think of Brené Brown’s book ‘Rising Strong’ [vi]

Darkness is a harsh term don’t you think
And yet it dominates the things I see
Darkness is a harsh term don’t you think
And yet it dominates the things I see

See above for my interpretation of the chorus.

Stars hide your fires
For these here are my desires
And I will give them up to you this time around
And so I’ll be found
With my stake stuck in this ground
Marking the territory of this newly impassioned soul

(x2)

“Stars hide your fires, for these here are my desires ” is a reference to Macbeth: “Stars, hide your fires; let not light see my black and deep desires” showing that the singer is ashamed of his sins and does not want them seen in the light. “And I will give them up to you this time around” meaning that he surrenders to God/Creative Interchange. “And so I’ll be found, with my stake stuck in this ground, making the territory of this newly impassioned soul” meaning that through Creative Interchange one is reborn an has an enhanced passion, which one did not have before.

And you, you’ve gone too far this time
You have neither reason nor rhyme
With which to take this soul that is so rightfully mine

The ‘You’ in these sentences is the old you, prisoner of the Vicious Circle. The ‘new you’ takes over the control of his soul from the inside out through his ultimate commitment to Creative Interchange.

 

In fact, a lot of songs of the group Mumford and Sons make me think of Creative Interchange. It would take many more pages to discuss them all. For obvious reasons I finish this column presenting Awake My Soul. This song is, to me, about wanting desperately to live Creative Interchange, which is far from easy, knowing that a) I can’t live it as much as I need it and b) I’m too often stuck in my personal Vicious Circle, which prohibits my living Creative Interchange. The song starts with the chorus:

How fickle my heart and how woozy my eyes
I struggle to find any truth in your lies
And now my heart stumbles on things I don’t know
My weakness I feel I must finally sho

“How fickle my heart” means to me, I often can’t make up my mind and “how woozy my eyes,” makes me think of how often I felt the pain that has been inflicted upon me through my personal Vicious Circle.”I struggle to find any truth in your lies”: my Vicious Circle has lied that many times to me, so that now I don’t know any more what to trust. “And now my heart stumbles on things I don’t know, this weakness I feel I must finally show”: I’m struggling with the truth that has come out and I must learn to tolerate my ambiguity. If I want to be authentic, I must admit and show, without fear, my confusion and don’t be ashamed of it.

Lend me your hand and we’ll conquer them all
But lend me your heart and I’ll just let you fall
Lend me your eyes I can change what you see
But your soul you must keep, totally free
Har har, har har, har har, har har

“Lend me your hand and we’ll conquer them all, but lend me your heart and I’ll just let you fall”: is about collaboration the Creative Interchange way, this can be seen as Love in the sense of Agape, not in the sense of ‘falling in love’. I need authentic interaction, and through ‘falling in love’ we’ve learned to play the Vicious Circle games.
“Lend me your eyes I can change what you see, but your soul you must keep, totally free”: I can show you the world, I can show you things beyond your wildest imagination, but you have to keep your soul free from me. I can make you see and what you make of what you see is up to you. I refuse to ‘control’ you (from the outside in); you’ll have to control yourself (from the inside out).

Awake my soul
Awake my soul

(followed by the chorus):
How fickle my heart and how woozy my eyes
I struggle to find any truth in your lies
And now my heart stumbles on things I don’t know
My weakness I feel I must finally show
Har har, har har, har har, har har

“Awake my soul” is a plea for Creative Interchange and makes me think of Anthony de Mello SJ’s “Wake up!”[vii].

In these bodies we will live, in these bodies we will die
And where you invest your love, you invest your life
In these bodies we will live, in these bodies we will die
And where you invest your love, you invest your life

We’re body and soul. “In these bodies we will live, in these bodies we will die” that’s right, and “where you invest your love, you invest your life”. Investing in your life means investing in Creative Interchange: your created self becomes an evolving self, towards the Original Self. In order to do that, the following is necessary:

Awake my soul
Awake my soul
Awake my soul
For you were made to meet your maker

(2x)

Wake up to Creative Interchange, become aware of Creative Interchange, break free from the Vicious Circle and commit yourself to Creative Interchange: “For you were made to meet your maker”, you were made to become the leader you were born.

 

I could go on with ‘Learning to Fly’ by Pink Floyd, ‘Psycho Chicken’ by The Fools, ‘What if God was one of us’ by Joan Osborn and my other songs. Let’s conclude with a wish: next time you’re listening to a song, listen well and do appreciatively understand the lyrics, perhaps they will learn you something about Creative Interchange, like I do.

___________________________________________________________________________________________________

[i]Wieman, Henry Nelson. Man’s Ultimate Commitment. Lanham, MA : University Press of America®, Inc. 1991 (Originally published: Carbondale, IL: Southern Illinois University Press, 1958).

[ii]Ibid. pp. 305-306.

[iii]Roels, Johan. Creatieve wisselwerking. Nieuw business paradigma als hoeksteen voor veiligheidszorg en de lerende organisatie.Leuven-Apeldoorn: Garant. 2001. p. 13.

[iv]http://www.creativeinterchange.be/?p=972

[v]Moxley, Russ S. Becoming a Leader Is Becoming Yourself.Jefferson, NC: McFarland & Company, Inc. 2015.

[vi]Brown, B., Rising Strong. New York, NY: Spiegel & Grau. 2015.

[vii]De Mello, A., Awareness: a de Mello spiritual conference in his own words.Edited by J. Francis Stroud. New York, NY: Image Books, Doubleday. 1992.

The Decision Required of Us

 

Henry Nelson Wieman states in his book ‘Man’s Ultimate Commitment’ [i] that a two-fold decision is required of us. He indicates that one has to decide to:

  • Liberate oneself from the Vicious Circle [ii] and;
  • Practice a personal commitment to Creative Interchange [iii].

 

Liberate oneself from the Vicious Circle

In order to reconnect oneself with one’s Original Worth one has to break free from one’s personal Vicious Circle. To realize this following prerequisites are necessary:

First of all, one has to recognize that she or he is prisoner of one’s personal Vicious Circle; this means that one has to recognize one’s own ‘cage’.

One of the supreme endowments of the human being is that it can be aware of itself and be conscious of one’s coloring of one’s awareness. It’s about appreciatively understanding one’s own unique individuality and mindset. This boils down to being aware that, unfortunately, one is driven to protect one’s own self-esteem against evaluations made by others of one’s created self. This protection is one of the main causes of the distortion of one’s appreciative understanding of reality. This distortion leads inevitably to a false vision of reality regarding oneself, others, circumstances and experiences. One has to appreciatively understand that, due to this distortion, one’s own value system is of sync, which has its effects on the rightness of one’s intuitions.

When one recognizes that she or he is the prisoner of the Vicious Circle cage, one becomes aware of the fact that one’s evaluations are distorted and this can be the start of the liberation process. In other words, an error which one recognizes being an error is already on its way to correction. This means that one is able to examine critically one’s judgments, reactions and behavior (i.e. one’s own actions), so that more reliable observations can break through the ‘ego system’. Thus one can be liberated more or less from one’s own closed mindset and rise toward an opening of it, so that one becomes more trustworthy insights.

The second feature of this liberation process is that one becomes aware of one’s dependence upon one’s particular social group and culture. The perspective of the community in which one has been reared influences human judgments. In other words, one’s personal mindset is strongly influenced by the collective mindset of the community and thus by the culture to which one belongs.

One can be liberated to some degree by recognizing that one is in this condition of cultural influence. This can be the start of critically questioning the validity of judgments made by one-self and one’s own community regarding the ‘other’. If one is profoundly convinced of this fact about human beings, including one-self, one can start to search for evidence about reality with a mind more open than in the case that one does not know and recognize this own particular condition. In other words, the moment one is fully aware that one’s insights and (therefor) conclusions can be blurred by one’s mindset – mindset being strongly influenced by the collective mindset (i.e. the culture to which one belongs) – one can open up his thus colored consciousness and question it. In this way, one restores one’s awareness and might gradually undergo creative transformation towards insights and judgments more correct concerning one’s own culture and the culture to which others belong.

The third feature of this liberation arises out of the unfinished, transitional quality of each human being’s actual state, i.e. one’s actual created self. Human beings are an unfinished lot. They are on their way to become another kind of being, provided that they not cling themselves to their actual state of being. In other words, if they let the Creative Self do its work, the created self will undergo a continual transformation. In this way the created self becomes a continuous evolving self.

Since each human being is in transition, not yet the being one could become, and – if  she or he wants to continue to exist at all – one has (to strive) to obtain the kind of mind that embraces undergoing a continuous creative transformation. This continuous creative transformation should not stop. If it does, the created self stays at a certain ‘unfinished’ level and creativity dies, leaving the individual with a fixed, non-evolving, mindset; in other words the individual becomes a prisoner of that mindset; the prisoner of the individual’s Vicious Circle so to speak.

So, first is needed that the individual appreciatively understands that continuous creative transformation is the key to enhance one’s incomplete created self. Secondly, the individual has to seek out those social relations, kind of work so that practicing the kind of commitment – that will be described next – which will bring creativity to a higher level of reality in one’s own person and in one’s social relations.

 

Practice a personal commitment to Creative Interchange

The second decision concerns practicing a personal commitment to Creative Interchange during which one’s resources are most fully brought into action.

Commitment to this end assumes first of all choosing work in line with one’s own talents and work that provides (at least some of) the conditions required for the creative transformation of man. If this is not the case, one should look for other work.

Secondly, it assumes a complete self-giving. This means in particular that one gives, to the service of Creative Interchange, one’s failures, guilt, shame and anger, as well as one’s virtues and strength. This enables the individual to stay humble and far from arrogance. Humility knows itself and tolerates ambiguity and uncertainty
.One does not feel oneself ‘better’ than, or ‘superior’ to others; one is thankful that one has discovered Creative Interchange and is committed to live it from the inside out. This means that one lives Reinhold Niebuhr’s ‘Serenity Prayer’:

God, grant me the serenity to accept the things I cannot change,

Courage to change the things I can,

and wisdom to know the difference.

All this boils down to accept one’s own Vicious Circle and gives oneself in the wholeness of one’s being to Creative Interchange.

Thirdly, this commitment to Creative Interchange needs intensity and persistence in its practice. One controls from the inside out the practice of the commitment to Creative Interchange. There is no guidebook to that, since if such a book existed this would be control from the inside out. To be effective, this practice should not be taken secondhand from any other person but developed by each to fit one’s own need.

The goal of this commitment is to unify the Creative Self for action in order to create a newer mindset and to join oneself with the most important reality there is, which is the creative transformation of the human being.

Albert Camus once said: “… man has not been endowed with a definite nature … is not a finished creation but an experiment of which he can be partly the creator.” [iv] Friedrich Nietzsche, JP Sartre, G. B. Shaw, G. W. F. Hegel, Karl Marx and many others have expressed the same idea. These men do not agree on the kind of transformation that will bring the human being to the level needed to thrive; nor do they agree on the procedures to be followed to this end. They all did agree that the human being is a) not complete; b) in the process of becoming, thus being created and must be further transformed before attaining its definitive nature.

The transformation through Creative Interchange transforms the mind – which cannot transform itself – so that the thus transformed mind can be more accurately aware of more experience, i.e. more of reality and can therefor learn more, i.e. transform ever more, through the conscious levels of the mind.

The transformation of the conscious (dual consciousness) and unconscious (non dual awareness) levels of the human beings is necessary in order to a) cope with dark realities or mishaps, b) form reliable intuitions that make one act effectively, c) bring all the resources into action and finally d) satisfy oneself in the wholeness of one’s being.

The goal of this personal two-fold commitment to Creative Interchange is to bring about this creative transformation of one’s own self and the selves of others.

Dealing with the dark realities of life as death or an unforeseeable disaster, for instance, are realities that cannot be controlled. This brings us back to the Serenity Prayer of Reinhold Niebuhr and to the fact that, for example in the case of death, one can not change the reality that death is an intrinsic part of life; one can only modify his perception (i.e. coloring) of that reality. Indeed, on one hand, death cannot be eliminated or avoided in human life and, on the other; death can be integrated in the wholeness of one’s being. For sure, these dark realities are not ‘good’ in themselves and the full appreciative understanding of them leads one to a more abundant life in which Creative Interchange dominates over the Vicious Circle; when this happens – and only in this case – these dark realities have a positive value of their own.  Be aware though, dark realities do not necessarily bring about the needed transformation. They will not, unless they are a trigger for practicing one’s two-fold commitment towards Creative Interchange. This commitment is not a guarantee for success and it is the only way, as far as I know, to release all the resources of the Original Self  for constructive action.

___________________________________________________________________________________________________

[i]Wieman, Henry Nelson. Man’s Ultimate Commitment. Lanham. MA: University Press of America®, Inc., 1991. pp. 284-306.

[ii]Hagan, Stacie and Palmgren, Charlie. The Chicken Conspiracy. Breaking the Cycle of Personal Stress and Organizational Mediocrity.Baltimore. MA: Recovery Communications, Inc. 1998.

[iii]Palmgren, Charlie. Ascent of the Eagle. Being and Becoming Your Best.Dayton. Ohio: Innovative Interchange Press. 2008.

[iv]Camus, Albert. The Rebel. An Essay on Man in Revolt.New York. NY: Vintage Books (Alfred A. Knopf), 1954. p. 106.

Mijn zomer van 2018

 

Naast het schrijven van vijf columns over Friedrich Nietzsche en Henry Nelson Wieman blies ik deze zomer een oude gewoonte nieuw leven in: het suggereren van nummers aan ‘radio één’.

De oorsprong van die gewoonte ligt eigenlijk niet bij mezelf. De aanstoker was m’n jongste broer Luk (wij begroetten elkaar steevast met “Dag, jongste broer” en waren de enigen in ons gezin van zeven kinderen die dat konden doen). Op een van de nieuwjaarbijeenkomsten in de jaren tachtig van vorige eeuw verklaarde Luk dat hij de volgende week het ‘onmogelijke’ voor mekaar zou brengen. Hij zou elke werkdag van die week, via de presentator van dienst van radio één, om kwart voor zes een song aandragen. Meer bepaald in het luik ‘Luisteraarseiland’. Het format van dit luik bestond er in dat een luisteraar een zevental platen uitkoos om een week te vertoeven op een ‘verlaten’ eiland. Luk had bericht gekregen dat de week nadien elke dag een van z’n voorgestelde nummers – met telkens de reden van z’n keuze – te horen zou zijn. Hij liet mij zachtjes verstaan dat men, om dit te kunnen verwezenlijken, wel jong en dynamisch diende te zijn en hij voegde er fijntjes aan toe dat dit voor mij, een elf jaar oudere burgerlijke ingenieur die aan z’n carrière timmerde, niet meer mogelijk was.

Uiteraard nam ik de handschoen op en … het jaar nadien vertoefde ik de eerste week van het nieuwe jaar met mijn songs op ‘luisteraarseiland’. Het daaropvolgend jaar was Mieke, de eega van Luk, te gast op dat eiland. Mij was het duidelijk dat Luk haar als dekmantel had gebruikt. Ook dat kon ik parafraseren; dus het volgend jaar vertoefde ‘ons Rita’ op dat paradijselijk eiland, met haar songs (die ik uiteraard zorgvuldig had uitgekozen: onder meer een prachtig nummer op van Billy Joel dat op Rita’s lijf geschreven is: ‘She’s always a Woman to me’). Het jaar nadien was Marieke Roels (dochter van Luk) de gast op dat eiland, gevolgd door – de eerste week van het daaropvolgend jaar – m’n dochter Daphne.

Toen werd ‘luisteraarseiland’ afgevoerd en vervangen door ‘kippenvel blues’. In dit vernieuwde luik dienden liedjes aangevraagd worden die voor ‘kippenvel’ zorgden en … onze liedjescarrousel startte opnieuw. Mijn songs uit die periode waren onder meer ‘Don’t cry for me Argentina’van Julie Covington (voor moeke Roels) en ‘I think too much (b)’ van Paul Simon (voor vake Roels). Kortom Luk en ik hebben onder eigen naam en onder de aliassen van eega en oudste dochter meer dan een decennium lang de eerste week van het nieuwe jaar kleur gegeven. Toen vond radio 1 het welletjes en voerde ook ‘kippenvel blues’ af. En ik haakte af. Luk boerde wel voort en liet me af en toe weten in wat voor programma dit hem weer was gelukt. Luk deed dit tot een paar maand voor z’n dood, toen zakte een presentator zelfs naar Eeklo af om hem te interviewen over z’n geboortestad en z’n liedjeskeuze.

Deze zomer, negen jaar na de zomer dat ik uit het diepe dal van een massieve depressie kroop en Luk ons verliet, hernam ik dus, ‘met pensioen’ zijnde, m’n ‘oude’ gewoonte. Dit ook al omdat ik het format van ‘De zomer van’ leuk vond. Elke werkdag werd een thema aangesneden door de ‘gast van de dag’ en konden luisteraars via de website van radio 1 suggesties doen. Vroeger gebeurde dit per reguliere post (ik hou van Engels begrip daarvoor: ‘snailmail’); nu wordt het internet ingeschakeld. Dit is niet het enige verschil met vroeger. Indien jouw suggestie door de redactie wordt opgepikt dan wordt je nu meteen opgebeld. Eerst door de producer of andere medewerker van het programma en tien minuten nadien door de presentator zelf. Jouw tekst wordt nu niet meer voorgelezen, in plaats daarvan ontspint zich een IRL conversatie waarin je de keuze van de door jou gekozen song kunt duiden.

Zo werd ik deze zomer zes maal door radio 1 opgebeld, waaronder vijf maal gedurende een  uitzending van ‘De Zomer van 2018’. Uiteraard stuurde ik meer suggesties in; voor mij was het een dagelijkse oefening van het verbinden van een opgelegd thema met m’n denkkader, dus een beleven van creatieve wisselwerking.  Toch mag ik niet ontevreden zijn over het resultaat; ik schat dat ik een scoringspercentage heb behaald van zo’n 25%. De laatste vrijdag van augustus werd het programma ‘De Zomer van 2018’ eenmalig vervangen door ‘De Lage Landenlijst’ en ook nu belde de presentator van dienst – de ook al gepensioneerde Jan Hautekiet – mij teneinde m’n verhaal te horen rond m’n suggestie: “De Verdwenen Karavaan” van Jan De Wilde (en van de hand van Lieven Tavernier).

Hierna volgen chronografisch de verschillende songs met hun respectievelijke contekst:

 

Jersey Girl – Tom Waits – 15 juni: Rika Ponnet zoekt liedjes over de liefde (met Annelies Moons)

Zowat iedereen kent ‘Martha’ van Tom Waits. Dit nummer scoort altijd hoog in de diverse top 100 ‘aller tijden’. Heel wat minder bekend echter is zijn originele versie van Jersey Girl, een prachtige, praktisch vergeten parel.

Toegegeven, ook ik heb die song leren kennen via ‘The Boss”. Op Bruce’s box-set Live 75-85 is Jersey Girl het sluitstuk, de hoeksteen als het ware. Via die box kwam ik erachter dat het origineel van Tom Waits is. Tom schreef het in 1980 samen met zijn latere vrouw Kathleen Brennan, die in New Jersey opgroeide, vandaar de titel. Toen ik dan Tom Waits’ versie voor het eerst hoorde, dacht ik onwillekeurig aan The Drifters, uit m’n vroege jeugd. Dit omdat Tom een trage ‘Under the Boardwalk’ riff uit z’n oude gitaar tovert.

Jersey Girl is een van Tom Waits zachte nummers, heel romantisch met toch wat ranzige kantjes, die Bruce Springsteen uit z’n versie filterde. Lees eens de beginstrofe:

Got no time for the corner boys

Down in the street making all that noise

Don’t want no whore’s on 8thavenue

Cause tonight I want to be with you.

Een van de bovenstaande regels deed mij ogenblikkelijk denken aan m’n lijflied ‘The Boxer’ van Paul Simon en uiteraard aan de zin: “Just a common from the whores of 7th avenue”. Een regel die Paul verkneukelde toen hij voor het eerst de versie van Emmylou Harris, een ander jeugdidool van mij, hoorde; maar dit geheel ter zijde.

Omdat Bruce Springsteen Jersey Girl veel zong in de begin jaren tachtig – vooral, hoe kan het ook anders, tijdens diens New Jersey shows – werd het uiteindelijk een van de favoriete songs van z’n fans. Tom vergezelde Bruce soms op het podium voor de vertolking van Jersey Girl. Tom Waits zei daarover in 1987 in een interview met Bill Flanagan: “Bruce Springsteen? Well, I’ve done all I can for him. He’s on his own now.”

Hierna kan je beluisteren wat ik effectief vertelde tijdens de uitzending, gevolgd door Jersey Girl van Tom Waits:

 

Lullaby (Good night my angel) – Billy Joel – 25 juni: Marieke Dilles zoekt liedjes die eigenlijk kinderliedjes zouden kunnen zijn (met Annelies Moons)

Een zo’n ‘kinderliedje’ kleurde ons leven méér dan énig ander: Billy Joel’s ‘Good Night my Angel’. Hoewel dochter Daphne al volwassen was toen het album, waarop die Lullaby staat, uitkwam, dacht ik aan haar toen ik het lied voor het eerst hoorde. Het leek mij toen (en nu nog steeds) een perfect lied om de liefde voor je kind uit te drukken. Toen ze me een achttal jaar later vroeg welk lied ik wenste voor de tweede dans op haar huwelijksfeest – je weet wel de geijkte dans van de bruid met haar vader – twijfelde ik geen moment om Billy’s Lullaby te sugereren. Ook al om de onvergetelijke strofe:

And like a boat out on the ocean
I’m rocking you to sleep
The water’s dark and deep
Inside this ancient heart
You’ll always be a part of me

Het lied verscheen op zowat het meest indringend album van Billy Joel: ‘The River of Dreams’ en zowel het titellied en de lullaby prijken sedert 1993 op m’n persoonlijke lijst van ‘evergreens’. Daphne vindt het zelf ook een mooi lied en heeft het laten horen tijdens elke doopplechtigheid van haar drie kinderen: Eloïse, Edward en Elvire.

Hierna volgt een stukje klankband van deze uitzending, gevolgd door de song ‘Lullaby (Good night my angel) van Billy Joel:

 

Le Moribond – Jacques Brel – 26 juli: Alain Vande Putte zoekt liedjes over sterfelijkheid (met Evert Venema)

Als vorig lied al een soort testament is, dan is Le Moribond van Jacques Brel dat explecieter en gezien die dag Alain Vande Putte naar liedjes over sterfelijkheid hengelde, dacht ik direct aan dit lied. Ook deze keer werd m’n lied er uitgepikt. Toen ik al aan de lijn met Evert Venema hing, kon ik het gesprek tussen Alain – onder meer de tekstschrijver van zowat alle K3 liedjes – en Evert goed volgen. Alain het had over een andere lied van Jacques dat ook kon dienen voor het thema ‘sterfelijkheid’. Alain citeerde uit Brel’s ‘Le Dernier Repas’:

Et puis je veux encore
Lancer des pierres au ciel
En criant Dieu est mort
Une dernière fois.

Gezien ik toen  – Oh Synchronicity! – juist doende was met het afronden van deel drie van m’n serie columns rond ‘Friedrich Nietzsche vs. Henry Nelson Wieman’, deel met als onderwerp “God is dead”, kon ik niet nalaten dit in ons gesprek te vermelden. Daarop vroeg Evert om het werkstuk, van zodra het af was, door te sturen. Daar Alain het nadien ook nog had over z’n filosofische studies en vooral over de workshops die hij organiseert in Spanje met Vlaamse filosofen, stuurde ik de column ook aan Alain. Deze serie columns – die uiteindelijk in een soort essay zullen worden gebundeld – gaan namelijk over de hoofdthema’s van twee filosofen Friedrich Nietzsche en – de mentor van m’n mentor – Henry Nelson Wieman.

Hierna kan je horen wat zich effectief afspeelde tijdens de uitzending, gevolgd door Le Moribond van Jacques Brel:

 

Road to Joy – Bright Eyes – 16 augustus: Piet Chielens zoekt anti-oorlogsliedjes (met Koen Fillet)

De uitzending van die dag begon met ‘Ode an die Freude’ van Beethoven en de toon was gezet. Ik stuurde als suggestie ‘Road to Joy’ van Bright Eyes en dit niet alleen omwille van de titel van het lied.   Daar Piet Chielens directeur is van het Ieper’s ‘In Flanders Fields’ museum dacht ik uiteraard aan m’n beide grootvaders aan moederskant. Bij m’n suggestie schreef ik dan ook summier het unieke ‘Groote Oorlog’ verhaal van Gustaaf en Medard Rieberghe, de vader en stiefvader van ‘moeke Roels’, Donatine Rieberghe.

Dit liefdesverhaal ‘over de dood heen’ gaat, gebaseerd op de broze herinnering van een 72 jarige, als volgt. Gustaaf Rieberghe was in het voorjaar van 1913 ‘op logement’ in Waremme. Hij werkte als Vlaming in Walonië bij het aanleggen van wegen. De logies werd gerund door de ouders van een jonge freule, Marie Van Brabant. Gustaaf en Marie mochten elkaar wel en het resultaat bleef niet uit, Maria zwanger raakte zwanger en dus werden de trouwklokken geluid. Omdat Gustaaf niet eeuwig in de streek rond Waremme zou blijven, besloten ze dat het beter was dat Marie voorlopig in Maldegem bij haar schoonouders zou intrekken. Die spraken wel geen Frans en Marie geen Nederlands, maar het echtpaar besloot dat het kind zou geboren worden in Maldegem… Dit was zonder de kindjes, want het ging om een tweeling, gerekend. Tijdens de tocht begonnen de weeën en uiteindelijk beviel Marie in Elsene, deelgemeente van Brussel en dit op 2 januari 1914. Het jongetje stierf kort na de geboorte en het meisje, dat dus later m’n moeder werd, kwam kort nadien met haar ouders aan in Maldegem. Eind juli van dat jaar werd Gustaaf gemobiliseerd en kort nadien brak de eerste wereldoorlog uit.

In die wereldoorlog diende Gustaaf bij de Genie en werd een van de talloze slachtoffers van de Duitse gasaanvallen. Zijn longen werden door de chlorine zwaar aangetast en Gustaaf werd overgebracht naar het Albert I ziekenhuis in Parijs. Z’n jongere broer Medard, ook frontsoldaat, bezocht de stervende Gustaaf en die vroeg Medard hem te beloven voor z’n vrouw Marie en dochter Donatine te zorgen. Gustaaf overleed kort nadien op 18 oktober 1916.

Na de oorlog kweet Medard zich aan de taak die hij had aanvaard en die Jacques Brel in het vorig lied bezong. Hij deed dit zeer consentieus en in die mate dat z’n toemalig lief het zodanig op haar heupen kreeg dat hun relatie afsprong. Uiteindelijk huwde Medard een paar jaar later met ‘moeder Maria’, zoals de kleinkinderen haar later noemden. Het paar kreeg te maken met heel wat tegenslagen: Medard heb ik nooit volledig hersteld geweten van de gasaanvallen, die ook hij te verduren had gekregen een dertig jaar voor m’n geboorte en het echtpaar verloor drie kinderen op heel jeugdige leeftijd, door ziekte of ongeval. Uiteindelijk had m’n moeder twee drie-kwartbroers en twee drie-kwartzusters.

Een anekdote die mij altijd zal bij blijven gaat over de laatste keer dat m’n moeder haar tweede vader sprak. Hij had haar gevraagd naar z’n ziekbed te komen en toen zij aankwam verzocht hij iedereen die in de kamer was die te verlaten. Toen ze alleen waren overhandigde vader Médard m’n moeder een ‘envelop met inhoud’, met de woorden: “Je staat dan wel niet op m’n boek, ik heb je altijd beschouwd als m’n dochter en ik wil er zelf voor zorgen dat je krijgt waar je volgens mij recht op op hebt.”

Ook die ochtend van 16 augustus 2018 werd ik opgebeld en begreep uiteindelijk dat niet alleen de liedjeskeuze maar dat vooral de onderliggende reden ervan er voor zorgde dat m’n liedje uit de honderden uitzendingen werd uitgepikt. Ik had mede voor ‘Road to Joy’ ook gekozen omdat dit bijtend anti-oorlogslied de muzieklijn van ‘Ode an die Freude’ parafraseert.  Na het lied in kwestie, zei Koen Fillet dat hij die muzieklijn niet herkend had en volgens Piet was die melodie ‘ver weg’. Nu weet ik dat Koen geen goed luisteraar is (wat hij ook in die uitzending een paar keer toegaf) en dus stuurde ik hem een mailtje, met het verzoek toch maar eens goed naar de song van ‘Bright Eyes’ te luisteren. Prompt kreeg ik een half uurtje na de uitzending een ‘reply’ van Koen waarin hij mea culpa sloeg en zich excuseerde. Ook met Piet Chielens had ik die dag een e-mail conversatie. Piet schreef daarin, en ik citeer:

… ik had wel degelijk de parafrase herkend, maar vermits Koen kennelijk niet, en het geen letterlijk citaat was, zei ik op antenne zei dat het ‘ver’ zat. Mocht ik het opnieuw horen, zou ik dat wellicht niet doen. Ik wil Koen zeker verontschuldigen want zo’n programma, even sereen en geordend als het overkomt bij de luisteraar thuis, is het hectisch in de studio… telefoons die binnenkomen, volgende plaat die klaarstaat, babbel afspreken met de gast, verkeersinfo in de gaten houden… Er is echt geen tijd om te LUISTEREN! Wat echt zonde is. Zoals hier blijkt. Ik beluister Bright Eyes zeker opnieuw, want ook ik heb iets bijgeleerd.

Hierna kan je de captatie van m’n bijdrage aan die uitzending horen gevolgd door ‘Road to Joy’ van Bright Eyes:

 

Believe – Cher – Sofie Lemaire zoekt liedjes met vervormde stemmen (met Koen Fillet)

Die dag zocht Sofie Lemaire naar vervormde stemmen. Eerst dacht ik aan een nummer van Bruce Springsteen waarbij hij z’n falsetto stem gebruikt – “All I’m Thinkin’ About” – maar dat mocht niet volgens de regels van het thema. Dus sprong, uiteraard, Believe van Cher in m’n herinnering en stuurde ik die song als suggestie in. Ook deze keer werd ik gecontacteerd en kreeg ik Koen life aan de lijn.

Ik had nog met Koen Fillet een rekening van de vorige keer te vereffenen en daarom liet hem, voor het antwoord op z’n directe vraag, even op z’n honger zitten en dwong hem als het ware goed te luisteren. Je kan het ongeduld van Koen in het onderstaand geluidsfragement duidelijk horen; hoewel … deze ‘aanname’ zal ook wel met m’n denkkader te maken hebben. Uiteindelijk laat ik de naam ‘Cher’ vallen en Koen springt er op  – ‘als de bok op Geeraard’ zou moeke Donatine gezegd hebben – en onthult de titel ‘Believe’ en ik zeg ‘Yes!’. Heerlijk vond ik dat.

Oordeel zelf maar tijdens het beluisteren van volgend geluidsfragment met aansluitend ‘Believe’ van Cher:

 

De Verdwenen Karavaan – Jan De Wilde – 31 augustus: Jan Hautekiet zoekt nummers die nog niet in de lage landenlijst zijn opgenomen

De dag nadat er een punt achter het radio 1 programma “De Zomer van 2018” was gezet, nam Jan Hautekiet die vrijdag éénmalig over met een drie uur durend programma rond “De Lage Landenlijst”. Op de radio 1 website vond ik een lijst met honderd nummers uit de huidige ‘de Lage Landenlijst’, Nederlandstalige liedjes van na 1945, en de website riep op om zelf een mini lijst van drie nummers door te sturen. Die morgen hengelde een andere radio 1 website bladzijde, deze gewijd aan het programma van die dag, naar het nummer dat de luisteraar zelf zou toevoegen aan de huidige lijst en dat nummer, ‘met redenen omkleed’, elektronisch kenbaar te maken. Uiteraard dacht ik aan De Verloren Karavaan, m’n persoonlijke nummer 1 in de Lage Landenlijst. En bovendien, Oh! Synchronicity! bis, gebeurde Jan Hautekiet ‘s oproep op de dag voor de intrieste verjaardag van het plotse overlijden van broer Luk. Komt daarbij dat Luk en ik speciaal dit nummer koesterden omdat het ons deed terugdenken aan vake en moeke Roels die, bij het uitkomen van Jan De Wilde ‘s nummer, reeds lid waren van ‘onze’ verdwenen karavaan. Sedert 1990 werd de ledenlijst van mijn verdwenen karavaan stelselmatig aangevuld en uitgerekend negen jaar geleden vervoegde Luk zelf die lijst.

Het verwonderde mij helemaal niet dat ik ook die vrijdagmorgen door Radio 1 werd opgebeld. Het gesprek dat ik met Jan Hautekiet had, gevolgd door het door Lieven Tavernier gecreëerde, maar eerst door Jan De Wilde op plaat vastgelegde lied, hoor je hierna; de laatste zinnen van dit lied werden ook deze keer werkelijkheid:

 

Je ziet, deze zomer was er zowel een van nostalgisch terugblikken met bovenstaande songs als het blijven timmeren aan de weg met m’n columns rond Nietzsche en Wieman, die je ook op deze website terugvindt.

Johan Roels