Het laatste deel van deze serie is uiteraard gewijd aan het sterk weer doorgaan. We zijn opgestaan en hebben verschillende opties voor het doorgaan gecreëerd en overwogen. Die verschillende opties kunnen gezien worden als besluiten. Besluiten betekent niet hetzelfde als beslissen, hoewel de twee begrippen soms (verkeerdelijk) als synoniemen door elkaar gebruikt worden. Besluiten is afwegingen maken, grondig over alternatieven nadenken en tot besluit een keuze maken. Beslissen legt de nadruk op het vastleggen van een afspraak, een antwoord gevend op de vragen serie betreffende het gekozen besluit: “Wie, doet wat, waar en wanneer?”

Het onderscheid tussen besluiten en beslissen zie je aan de gemoedsgesteldheid van diegenen die het ‘passieve’ gedeelte van de cruciale dialoog afronden. Na een besluit is er geen creatiespanning. Er werd namelijk niet beslist iets daadwerkelijk te doen. Je kunt nu eenmaal niet aangesproken worden op wat er besloten is. Gezien er niets beslist is, heeft niemand zich tot iets verbonden. Wanneer er een beslissing wordt genomen en deze bovendien wordt vastgelegd dan is er verantwoordelijkheid genomen. Er zal dus iets dienen te gebeuren, waardoor de creatiespanning wel aanwezig is. Indien ik in het kader van het ‘sterk-weer-doorgaan’ proces bovendien anderen van m’n beslissing op de hoogte breng, weet ik bovendien dat ik op mijn verantwoordelijkheid om mijn beloftes waar te maken, kan aangesproken worden. Dit is ook de raad die ik meegeef. Zorg, tijdens jouw persoonlijk ‘sterk-weer-doorgaan’ proces, ervoor dat mensen om je heen, die je dierbaar zijn, op de hoogte zijn van je beslissing opdat ze jou door eerlijke feedback zouden kunnen coachen.

Dit deel gaat over doorgaan door het effectief nakomen van de beloftes die je aan jezelf hebt gemaakt. Ik noem het ook transformatie omdat gedurende die fase ik mezelf transformeer. Ik groei naar een nieuwe ‘gecreëerde zelf’ met een nieuwe mindset. De oude mindset wordt losgelaten, indien we niet terug afglijden in oud stereotype gedrag. Deze transformatiefase vergt ook de meeste energie.

Men hoort tegenwoordig vaak dat de toekomst aan diegenen zijn die ‘wendbaar’ en ‘weerbaar’ zijn. Daarbij wordt het begrip wendbaar nogal eens ingewisseld voor het synoniem ‘Agile’. Agile is voor mij dan weer een synoniem voor Creatieve wisselwerking en iemand die het Creatief wisselwerkingsproces van binnen uit beleeft, is per definitie ook ‘resilient’ (weerbaar). Een wendbare persoon heeft geen ‘updates’ nodig want hij verbetert continu. Vandaar een van mijn favoriete slagzinnen: (CI)²= Continuous Improvement through Creative Interchange!

De transformatie is op de keper beschouwd een transformatie van de mindset.

Zien met nieuwe ogen is zien van uit een nieuw denkkader, van uit een nieuwe ‘mindset’ zou m’n derde vader Charlie Palmgren stellen. Diens mentor, Henry Nelson Wieman, zei ooit: “Creative Interchange is the process that changes the mind, since the mind cannot change itself.”

Beslissen betreft het omslagpunt tussen het opstaan en het doorgaan. Beslissen heeft te maken met kiezen van oplossingen uit de set die tijdens het vorige deel werd gecreëerd. Die zullen in de laatste fase ‘Transformatie’ effectief worden uitgevoerd.

Het omslagpunt kan gevisualiseerd worden met m’n Cruciale Dialoogmodel. Er bevindt zich als het ware een ‘staande’ lemniscaat in de ‘grote’ lemniscaat, die ik, in navolging van Lex Bos[i], gekozen heb als basisvorm voor het Cruciale Dialoogmodel. Het gaat als het ware om een dialoog rond de hamvraag “Welke van de mogelijke oplossingen kiezen we om daadwerkelijk uit te voeren?”. Deze ‘dialoog in de dialoog’, waarbij ook de voor de acties nodige middelen worden afgetoetst, dient de beslissing vooraf te gaan.

 

Stephen Covey schreef al meer dan twintig jaar geleden in zijn nog steeds actueel boek: ‘The 7 Habits of Highly Effective People’: “Begin met het einde voor ogen!”[ii] Die opdracht leidt naar de gegenereerde oplossingen, oplossingen die, met inzet van de daartoe nodige middelen, het gewenste doel, de gewenste toekomst creëren.

Ook schuilt er waarheid in mijn parafrase van de befaamde Edison quote: “Transformatie is voor 1% inspiratie en voor 99% transpiratie”. De originele quote heeft het over genialiteit. Je moet inderdaad geniaal zijn om een transformatie ‘within time and whitin budget’ tot een goed einde te brengen,.

Een ander belangrijk element ligt besloten in de paradox van Henry Nelson Wiemans’ ‘two fold commitment’. Enerzijds dient men ten volle voor de beslissing te gaan, met gedrevenheid en hardnekkigheid, dus niet versagen is de boodschap. Anderzijds dient met voortdurend open te staan om te leren wat de veranderlijke werkelijkheid te bieden heeft en dus durven te wijzigen (indien die werkelijkheid daar om vraagt).

Commitment en Intrinsieke Motivatie het gouden duo.

Inzet (commitment) is de bereidheid om alles te doen wat nodig is om de acties die je gekozen en beloofd hebt uit te voeren, ook daadwerkelijk te verwezenlijken. Het gaat om de bereidheid buiten je ‘comfortzone’ te gaan. Onvoorwaardelijke inzet dus.

Intrinsieke motivatie is de prikkel om te doen wat je beloofd hebt te doen. Het is de reden waarom je elke dag weer je bed uit komt en weer de handen aan de ploeg slaat.

Als je wel gemotiveerd bent, maar je hebt onvoldoende commitment, dan zal de transformatie niet succesvol zijn. Dan ben je iemand die wel de correcte droom heeft maar denkt dat het vanzelf komt of niet bereid is zich maximaal in te zetten. Hierdoor zal je vlug ontmoedigd worden en uiteindelijk niet succesvol zijn.

Als je wel de bereidheid heeft je maximaal in te zetten, maar heeft daar geen duidelijke reden toe (motivatie) dan zal je uiteindelijk ook niet effectief zijn. Beide, naast de passie voor het leven, zijn dus essentieel voor succesvolle transformatie.

Tenaciteit

Intrinsieke Motivatie en Commitment zijn de ingrediënten voor de basisconditie Tenaciteit. Tenaciteit betekent “het vasthoudend nastreven van wat wordt gewenst” en heeft als synoniemen vasthoudendheid, volharding en doorzettingsvermogen. Het is het volhoudend uitvoeren van het actieplan teneinde het gewenste te realiseren. Tenaciteit omvat ook het actieplan blijvend volgen totdat het beoogde doel bereikt is of ophoudt redelijkerwijze bereikbaar te zijn. Anders gesteld: het vasthouden aan een gekozen aanpak totdat het beoogde doel bereikt is en niet versagen op momenten van twijfel en ontgoocheling eigen aan verandering.

Belangrijk is ook dat het vasthoudend gedrag niet krampachtig en gesloten wordt, maar toegankelijk blijft voor verstandelijke beredenering en bovendien berust op een goed aanvoelen van de realiteit.

Endurance is patience concentrated.

Thomas Carlyle

Volharding is geconcentreerd geduld. Inderdaad, de kernkwaliteit ‘geduld’ is een noodzaak om te volharden in het verder bewandelen van de ingeslagen weg, totdat de realisatie van het beoogde een feit is. Ook mag niet uit het oog verloren worden dat elk veranderingsproces tijd vergt.

Geduldig uitvouwen van wat besloten werd, is de boodschap.

Understand that your success in life won’t be determined just by what’s given to you, or what happens to you, but by what you do with all that’s given to you; what you do with all that happens to you; how hard you try; how far you push yourself; how high you’re willing to reach. True excellence only comes to perseverance.

President Barack Obama (Remarks by the President at Kalamazoo Central High School Commencement, June 2010)

Vasthoudendheid mag echter geen koppigheid worden. Vasthoudendheid helt over naar koppigheid wanneer doorgezet wordt zonder dat men met de realiteit rekening houdt. Dan is men ook niet deskundig. Ook dat is tenaciteit: het blijven observeren van de veranderende werkelijkheid. Wanneer door het blijvend observeren van de werkelijkheid duidelijk wordt dat de gewenste realiteit op die manier onbereikbaar is of wanneer door nieuwe gegevens duidelijk wordt dat er betere oplossingen zijn, dient de aanpak grondig in vraag te worden gesteld.

Koppig volharden, wordt bijna altijd volharden in koppigheid.

Jean de Boisson (Pseudoniem van Cees Buddingh)

Interafhankelijkheid

De andere basisconditie van dit onderdeel in het ‘sterk-weer-opstaan’ proces is interafhankelijkheid. Voor de werkelijke uitvoering van onze beloftes om door te gaan zijn we afhankelijk van anderen. Er is sprake van een wederzijdse afhankelijkheid.

Interdependence is and ought to be as much the ideal of man as self-sufficiency. Man is a social being.

Mahatma Gandhi

In Stephen Covey’s reeds geciteerde boek ‘Seven Habits of Highly Effective People’ wordt gesteld: Our objective is to move progressively on a maturity continuum from dependence to independence to interdependence. Although independence is the current paradigm of our society, we can accomplish much more by cooperation and specialization. However, we must achieve independence before we can choose interdependence.”

Stephen Covey geeft daarbij de volgende betekenissen:

  • Afhankelijkheid: Jij moet voor mij zorgen;
  • Onafhankelijkheid; Ik zorg (eerst) voor mezelf;
  • Interafhankelijkheid: Wij leren van elkaar en kunnen samen 
grootse dingen bereiken door synergetische samenwerking.

Na de beslissing start dus een ‘lange tocht’ die meestal niet vrijblijvend is. “When the Rubber meets the Road’ is een typisch Amerikaanse uitdrukking, die ik van Charlie Palmgren leerde. Zolang het besluit in de lucht hangt, ondervindt het relatief weinig hinder, uiteraard in de veronderstelling dat het niet uit de lucht wordt gescho- ten (cf. de afknalzinnen). Op het moment dat het ‘landt’ en dus een beslissing wordt, ontstaat een enorme wrijving, vergelijkbaar met de wrijving die de wielen van het landingsgestel ondervinden wanneer een vliegtuig na een vlucht opnieuw het tarmac raakt. Het moment dat men overgaat tot actie ondervindt de belofte plots grote hinder in zoverre dat veel beloftes uiteindelijk niet volledig gerealiseerd worden.

Vaardigheden

Om die beloftes tijdens deze ruwe tocht te beschermen, omvat deze fase naast de reeds vermelde basiscondities Tenaciteit of Vasthoudendheid en Interafhankelijkheid (i.e. van elkaar wederzijds afhankelijk zijn) en volgende vaardigheden:

  • Het blijvend Herhalen en Evalueren van de uitvoering van de beloofde activiteiten;
  • Vragen om Feedback (Positive Reinforcement en Corrigeren);
  • Durven Wijzigen (indien nodig);
  • Aandachtig beleven van het proces; het zó belangrijke 
Procesbewustzijn.

Door het effectief ‘doorgaan’ verandert – terwijl de wereld buiten ons niet ophoudt te veranderen – ook en vooral de wereld binnen ons. Dit is ook nodig volgens W. Edwards Deming. Deze kwaliteitsgoeroe verwoordde het zo: “Nothing changes without personal transformation”.

Personal transformation can and does have global effects.

As we go, so goes the world, for the world is us.

The revolution that will save the world is ultimately a personal one.

Marianne Williamson

Voor verdere beschrijving van de vaardigheden verwijs ik graag naar m’n boek ‘Cruciale dialogen’[iii]. Vooral het blijvend bewustzijn van het creatief wisselwerkingsproces tijdens de realisatie van de beloofde acties is van groot belang. We zijn ons binnen het procesbewustzijn er ook van bewust of wat we aan het doen zijn, gedaan wordt met de intentie en de gedragsvaardigheden van Creatieve Wisselwerking of dat we eerder handelen vanuit onze Vicieuze Cirkel. Blijvend verbonden zijn met het Creatief wisselwerkingsproces staat garant voor het uiteindelijk blijven doorgaan!

 

________________________________________________________________________________________________

[i] Bos, Alexander H. Oordeelsvorming in Groepen. Proefschrift Landbouwhogeschool Wageningen, H. Veenman & Zonen: Wageningen, 1974.

[ii] Covey, Stephen R. The seven habits of highly effective people, Fireside: New York, 1990. Habit 2, pp 95-144.

[iii] Roels, J., Cruciale dialogen. De dagelijkse beleving van het ‘Creatieve wisselwerking. Antwerpen – Apeldoorn: Garant, 2012.

 

Ik ben tot mezelf gekomen in stilte en me verbonden met de gewenste toekomst. Het is nu tijd om als volledige mens met anderen in verbinding te komen en samen met hen de acties – noodzakelijk om de gewenste toekomst te verwezenlijken – te creëren en te kiezen. Anders gesteld: de weg naar de gewenste toekomst en het weer sterker doorgaan dan voor de val dient nu geplaveid worden, niet met goede voornemens, maar door het creëren én kiezen van de noodzakelijke acties. In het ‘sterk-weer-opstaan’ proces is de derde karakteristiek van Creative Interchange – Creatieve Integratie – aan zet. Het gaat hier niet om ons ‘zijn’ maar om ons ‘worden’. Ik dien mij letterlijk te overstijgen door nieuwe elementen in mezelf te integreren. Dit betekent vooral dat ik mijn huidig mentaal model, dat ik had toen ik tegen de vlakte sloeg, dien uit te breiden. Mijn persoonlijke mindset is aan vernieuwing toe, want zoals het gezegde zegt: “als je blijft doen wat je altijd al deed, blijf je krijgen wat je kreeg.” Dit laatste strookt helemaal niet met de gewenste toekomst.

Deze vernieuwing veroorzaakt onzekerheid, ambiguïteit en, door het “nog niet weten wat exact te doen”, voor potentiële confusie. Het is een intermezzo tussen de oude manier van mens-zijn en het worden van de nieuwe wijze van mens-zijn.

Alleen daarom is dit voor mij een moeilijk onderdeel van het sterk-weer-opstaan proces. Ik hou helemaal niet van die fase van onzekerheid die steevast resulteert in een zeker onbehagen. Zelf heb ik moeten leren om mij over te geven aan die kritische karakteristiek van het Creatief wisselwerkingsproces. Je moet bereid zijn om de oude ‘zekerheden’ los te laten en onzekerheid niet alleen te tolereren, meer nog, te omarmen. Ik heb moeten leren om in deze fase alle basiscondities van de vorige karakteristieken van Creative Interchange blijvend van binnen uit te beleven. Ik dien dus blijvend te vertrouwen, open en nieuwsgierig te zijn en bovendien onzekerheid te omarmen zoals een heel jong kind dat doet. Ik moet het vertrouwen, dat ik als kind onbewust had in Creative Interchange, als volwassene bewust herwinnen. Volgens Jan Bommerez stelde Stephen Covey ooit: “Vertrouwen is zekerheid over de universele principes”[i]. Een van die universele principes is Creative Interchange. Daardoor is Stephen Covey’s definitie van vertrouwen eigenlijk mijn levensopdracht: innerlijke zekerheid blijvend hebben in Creative Interchange. “Vertrouwen komt te voet en gaat te paard” is een universele wijsheid die ook ik aan de lijve heb ondervonden. Wat ik daardoor geleerd heb, is het vertrouwen ‘up front’ te geven en dat vertrouwen meestal groeit in de loop van een relatie. Indien in een relatie het vertrouwen niet groeit, is de relatie de moeite niet waard.

In die zoektocht naar acties, die mij niet alleen toe laten weer op te staan maar – ook en vooral – helpen door te gaan, dien ik samen met m’n reisgenoten elementen die ogenschijnlijk niets met elkaar te maken hebben toch op een creatieve manier met elkaar te verbinden. Daardoor ontstaat een ‘aha!’ moment waardoor een mogelijke oplossing plots ‘in zicht’ komt. In dit onderdeel van m’n queeste worden nieuwe zaken, die mij aangereikt worden, geïntegreerd in m’n oud denkpatroon, waardoor een nieuwe, vollere mindset wordt gecreëerd.

Charlie Palmgren noemt het soort bewustzijn dat aan zet is gedurende dit onderdeel van het ‘sterk-weer-opstaan’ proces het ‘synergetisch bewustzijn’[ii]. Synergie betekent dat de oplossing die gecreëerd wordt door elementen met elkaar op unieke manier te verbinden ‘verschillend en meer is’ dan werd verwacht. Het resultaat is meer dan de ‘mathematische optelling’ van de eigenschappen van de elementen die worden geïntegreerd. Het gaat met andere woorden niet over een gewone menging. Er wordt eerder een nieuwe legering gerealiseerd. Deze nieuwe legering heeft unieke, verrassende eigenschappen. Een unieke, nieuwe oplossing om na de val weer te kunnen recht krabbelen en door te gaan.

Die fase vind ik de moeilijkste en dat komt ook omdat ik ze zelf nog te weinig heel bewust heb beleefd. Dit komt dan weer onder meer omdat ik in mijn opleiding tot burgerlijk ingenieur drastisch geconditioneerd werd in het lineair denken en ver gehouden werd van intuïtief denken. ‘Facts and figures” waren heilig in onze opleidingen en het gebruik van metaforen werd niet onderwezen. Na mijn opleiding ging die indoctrinatie door op ‘den Kuhlmann’. Mijn aanvaringen met directeur Nicolas Kopylov staan nog in m’n geheugen gegrift:

“Monsieur Roels vous n’êtes pas payé pour perdre votre temps à chercher des solutions créatives, vous êtes payé comme ingénieur, et un ingénieur sait!”

Ik heb hem toen gevraagd of hij “’la chanson, monologue parlé plus que chanté ‘Maintenant Je sais’ de Jean Gabin” kende; maar het bleek niet het juiste moment om naar Nicolas Kopylov’s kennis van het Franse chanson te vragen. Het lineair denken geeft aanleiding tot een ‘cause-and-effect’ reflex en voor elke oorzaak dient een tastbaar bewijs te bestaan. Ook in m’n tweede Professionele leven bleef het ‘in-the-cause-and-effect-box’ denken preferentieel. Het ISRS audit gebeuren gaf weinig ruimte voor creativiteit, hoewel ik zowat de meest creatieve Accredited Safety Auditor was dat ILCI ooit heeft gekend. Dit werd me overigens me niet steeds in dank afgenomen door de puristen. Puristen die ik op den duur ‘ayatollah’s’ noemde. Ik was wel langzamerhand aan het transformeren. Ik ging een stuk verder dan het puur lineair 5 Why denken door dit te verbeteren met m’n eigen versie van de sterk vertakte Feitenboom. Toch bleef ik grotendeels vast zitten in “het één of het ander” denken. Zelfs later, toen Charlie Palmgren mij initieerde in het ‘niet lineaire’ en zelfs ‘holistisch’ denken, bleef het lineaire denken mij sterk beïnvloeden. ‘Indoctrinatie’ heeft zo z’n langdurige neveneffecten.

Ook vertoonde ik gedurende mijn eerste drie Professionele Levens te veel ‘jump to conclusion’ gedrag. Daardoor kwam ik heel vlug tot mogelijke oplossingen die ik dan zonder veel gedraal aanwendde. Dit komt er terug op neer dat ik te weinig tijd nam om die derde fase – het creëren van unieke oplossingen – ten volle te beleven. Mijn kernkwaliteit ‘Gedrevenheid’ met z’n valkuil ‘Doordrammen’ is naar niet vreemd aan.

In mijn boek ‘Cruciale dialogen’ beschreef ik later wel vier vaardigheden die, door ze echt te beleven, de basiscondities van ‘verbinden’ en ‘creativiteit’ kunnen verstevigen. In elke fase beschrijf ik naast de twee basiscondities, die de karakteriek die aan zet is in de bewuste fase ondersteunen, ook vier vaardigheden. Een belangrijk gegeven van het Cruciale dialoogmodel is dat door het werkelijk beoefenen van de vier vaardigheden, de twee basiscondities worden versterkt en door dat versterken van de twee basiscondities krijgen dan weer de vier vaardigheden een ruggensteun. Die vaardigheden zijn (1) her kaderen van het probleem, gebruik maken van (2) analogieën en (3) metaforen en (4) het krachtige tool “4+ en 1 wens” en voor de beschrijving van deze vaardigheden verwijs ik graag naar m’n boek.

Het was in m’n vierde Professionele Leven dat ik van onder het juk van het preferentieel lineair denken uitkwam en dat ik de tijd nam om de vaardigheden van deze fase zelf te beoefenen. De massieve depressie die ik in de periode 2008-2010 doorworstelde had er voor gezorgd dat ik voor mezelf tijd gecreëerd had. Ik begreep in die periode de diepere betekenis van het Franse gezegde, dat ik geleerd had van m’n vriend Guy Bérat, “Il faut donner le temps au temps”. Niet toevallig was het ook Guy die mij hielp om terug vertrouwen te krijgen in Creative Interchange.

In m’n vierde professionele leven kreeg ik nieuwe tegenslag: darmkanker. Dit is een probleem waar verstijven, vluchten of zelfs vechten niet aan de orde is. “Wat niet weet, wat niet deert” is een oud Nederlands gezegde dat zeker in het geval van kanker één grote leugen is. Het is niet omdat je niet weet dat je kanker hebt, dat hij stopt met verder woekeren in je lichaam.

Het probleem met darmkanker is niet hoe je deze bestrijdt eens geïdentificeerd. De geneeskunde is goed gevorderd en de protocollen liggen klaar. In mijn geval werden die direct uitgetekend: beginnen met een dubbele aanpak van chemo en bestraling, vervolgens een chirurgische ingreep om de tumor te verwijderen en nadien nazorg chemo. De oplossing is dus reeds gevonden. Althans voor de puur lichamelijke kant van het probleem.

De geestelijke kant is een ander paar mouwen. “Hoe ga ik met mijn kanker om?” wordt een cruciale vraag. En op die vraag dien je het antwoord zelf te geven. In mijn geval heb ik de vraag her-kadert in “Hoe wil ik door m’n kleinkinderen herinnerd worden?” en onder meer die herkadering, die een toepassing is van bovenvermelde vaardigheid (1), leidde mij tot een deel van de oplossing. Je kunt kiezen om cynisch en verbitterd te worden, en die houdingen hebben bij m’n weten nog weinig succesvolle transformaties teweeg gebracht. Uiteraard weet je niet hoeveel dagen je nog tegoed hebt; je weet wel dat je met dat gebrek aan kennis niet alleen bent. Dus ik leerde in die derde fase dat het tegenovergestelde van cynisme en verbittering me wel tot de oplossing van m’n probleem zou leiden. In de periode na het ‘slechte nieuws’ gesprek met m’n dokter-specialist, doorliep ik de vorige fasen in heel korte tijd. Ik koos ten volle voor het van binnen uit beleven van Creative Interchange. Ik zag m’n eigen kankerverhaal ten volle onder ogen en koos uiteindelijk voor de gewenste toekomst: dat ik met mijn kleinkinderen – zolang het nog kon, veelvuldig en met plezier (ook en vooral van hun kant) – zou ‘samen-zijn’. Daartoe diende ik opgewekt te zijn en niet chagrijnig, dat wis ik door de vaardigheid ‘gebruik maken van analogieën’. Analogieën vinden was niet moeilijk. Zo moest ik mij enkel herinneren hoe dochter Daphne reageerde, toen haar grootvader Lionel korzelig, verbitterd en nijdig geworden was nadat bij hem een kwaadaardige hersentumor was geconstateerd. Uiteindelijk konden we haar maar heel zelden nog overtuigen ons te vergezellen voor een bezoekje aan haar opa. Ik wist daardoor wat ik zeker niet moest doen indien m’n doel was m’n kleinkinderen en mezelf nog een leuke tijd te bezorgen. Een tweede analogie uit m’n eigen verleden gaf mij een stuk van de oplossing. Een jeugdvriend, André De Decker (die uitgerekend vandaag 71 zou geworden zijn) kreeg, toen hij net aan de RU Gent was gestart, leukemie. Ik bezocht hem regelmatig in het Sint-Vincentius in Gent. Op een keer kwam plots z’n oudere broer Edgard met diens vriend – de legendarische Eeklose grafische artiest, Romain Coemelck – de kamer binnen. De twee spitsbroeders waren op hun paasbest. Ik begreep dat ze op weg waren naar een huwelijksfeest toen bij het afscheid André hen toefluisterde “Veel plezier hé op het feest!” André was toen reeds heel verzwakt en ik realiseerde mij toen dat het een kwestie van weken was geworden, voordat het toen onvermijdelijke zou geschieden. André, die stukken intelligenter en begaafder was dan ik, heb ik in die periode nooit horen klagen, misnoegd of cynisch ervaren, in tegendeel. Hij was vol interesse hoe ik het er in m’n eerste jaar vanaf bracht in Gent. Die analogie maakte mij wel heel duidelijk wat mij te doen stond, indien ik m’n doel wou bereiken.

Ik had met hun moeder Daphne besloten dat ze mij de eerste paar weken, toen ik in AZ St. Jan Brugge ‘met alle toeters en bellen’ lag, niet zouden bezoeken. ‘Met alle toeters en bellen’ was een kleurrijke uitspraak van m’n chirurg Tom Feryn. Die beeldrijke uitspraak duidde op het aantal buisjes en snoeren die m’n lichaam verbonden met allerlei hulpmiddelen en toestellen die netjes rond m’n bed waren opgesteld. Omdat dit echt geen mooi zicht is voor jonge kinderen besloten wij dat ze mij de eerste paar weken niet zouden komen opzoeken in St. Jan in Brugge.

Tijdens de periode van begin september tot eind december 2013 had ik wel de tijd om uit te zoeken welke de mogelijke acties waren die mijn innerlijke rust en vreugde zouden kunnen doen uitstralen. In die periode heb ik ten volle deze fase ‘het creëren en het kiezen van de noodzakelijke acties’ van het ‘sterk-weer-opstaan’ proces beleefd. Uiteindelijk dien je ook echt te kiezen voor de oplossingen die je gecreëerd hebt. In het ‘sterk-weer-opstaan’ proces behoort die keuze jou toe. Dit omdat, als puntje bij paaltje komt, jij de enige bent die ‘accountable’ is met de betrekking tot de gevolgen van jouw keuze.

Gedurende de tweede van mijn drie weken durend verblijf, in wat ik toen ‘m’n luxe kamer met mooi uitzicht in een vier sterren hotel’ noemde, stelde een van de verpleegsters mij plots de vraag:

“Wat is jouw geheim Johan dat je elke dag zo vrolijk bent?”

“Dit komt omdat ik m’n eigen boek van binnen uit beleef, Christel”

Ze keek mij aan met grote ogen en zei: “Eigen boek?”

“Jawel, er ligt een exemplaar daar op de tafel aan het venster.”

Er lag daar inderdaad een exemplaar van ‘Cruciale dialogen’, want ik had, tot vijf minuten voor men mij kwam halen om naar het OK te vervoeren, aan de vertaling van hoofdstuk 1 naar het Frans gewerkt. Ik had het Franse vertaling toen via e-mail naar Guy Bérat gestuurd, die zorgde voor de verbetering ervan. Het boek was daar echter blijven liggen, want ik was m’n bed nog niet uit gekomen. De verpleegster ging naar m’n tafel en pikte het boek op.

“Hé, Johan, jouw naam staat op de cover!”

“Dat is de gewoonte hé, Christel. Men drukt steeds de naam van de schrijver op de cover.”

Ondertussen gaf ik een summiere uitleg waarover het boek ging. Over moeilijke babbels die men in het leven meermaals had en gaf een paar voorbeelden in haar context: cruciale dialogen met eigenwijze artsen, een bazige hoofdverpleegster en eventueel moeilijke patiënten… Christel bladerde in het boek en zei:

“Dit lijkt mij uiterst interessant, dat zou ik wel kunnen gebruiken!”

“Meen je dat, Christel?”

“Natuurlijk Johan”.

“Dan krijg je een exemplaar van m’n boek”

“Krijg ik dit?” En ze toonde het boek dat ze in haar handen had;

“Neen, dit exemplaar is te beduimeld. Ik vraag ‘ons’ Rita wel om deze middag een nieuw exemplaar mee te brengen.”

De volgende anderhalve week heeft Rita minstens vijfentwintig exemplaren meegesleurd naar Sint Jan.

Nadien heb ik meermaals verteld dat ik, door zelf van m’n eigenste boek van binnen uit te beleven, leerde dat het een uitzonderlijk goed boek is. Je moet het echter niet alleen lezen (wat al een hele klus is), je moet het vooral dagdagelijks van binnen uit beleven. En dat is een ander paar mouwen dan het begrijpen van het ‘vlindermodel’ …

_________________________________________________________________________________________________

[i] Bommerez J. Quote van Stephen Covey, geciteerd door Jan Bommerez tijdens het gesprek van Jan Bommerez en Jan Rotmans, in het InspiratieRijk: Arnhem, 8 december 2016. https://youtu.be/5nouorkdKbo

[ii] Palmgren C. The Creative Interchange Proces – Part II. http://www.creativeinterchange.org/?p=145