Begin dit jaar, exact op mijn 68e verjaardag, mocht ik voor het eerst (nadat ik op oudejaarsdag ontslagen werd uit Sint Jan in Brugge waar ik drie weken op een prachtige kamer gelegen had na een geslaagde dikke darm operatie wegens dito kanker) terug ‘optreden’. En nog wel in de klas van m’n kleindochter Eloïse. De leraars van het laatste (zesde) jaar basisonderwijs van de SinteMariaschool in Bonheiden hadden gevraagd of er iemand van de familie kon komen praten over ‘verder studeren’ en ‘wat er kon voor zowel jongens als meisjes’. Die week kwamen in die klassen meerdere ouders praten en ook een grootvader. Ik begon m’n korte ‘lezing’ met de leerlingen volgende vraag voor te leggen: “Hoeveel jaar denken jullie dat jullie nog zullen dienen te leren”. Uiteraard liep iedereen in de valkuil en interpreteerde ‘leren’ als ‘studeren in een school’. De meerderheid hield het op zes jaar, ook heel wat op twaalf jaar en een enkeling op 18 jaar (die wou denkelijk in de geneeskunde specialiseren). Groot was hun verbazing toen ik, net 68 jaar geworden, hen zei dat wij  ik en ook zij) dienden te leren tot aan… het einde van ons aards bestaan. De twee leraars nam ik uiteraard als doelwit en legde hen de manipulatieve vraag voor: “Jullie leren ook nog elke dag bij, toch?!?”. Plots waren ook die heel en al ‘oor’.

In mijn betoog op 21 januari 2014 gaf ik ook de volgende stelling mee: “Proberen leren heeft geen zin, je doet het of je blijft er van af!” Die ‘waarheid’ leerde ik in 1964 van mijn vader Richard, die ik veel te weinig citeer, tijdens volgende dialoog:

Johan: Vake wil je me vanaf volgend jaar sponsoren tijdens mijn studies aan de Universiteit Gent?
Richard: Wel, wel Jan, je wilt verder studeren. Aan welke richting had je zo gedacht?
Johan: Wel, vake, ik zou graag studeren voor Burgerlijk Ingenieur.
Richard: Kijk eens aan, Jan, wat een prachtige keuze, daar moet je niet handig voor zijn (nota: ik ben zo onhandig als de pest).
Johan: Big smile (want ik ken – de meeste van – mijn gebreken).
Richard: En denk je dat je zult slagen, Jan?
Johan: Ik zal proberen, vake.
Richard (met verheffende toon): Proberen bestaat niet! (Proberen is voor den hond, voegde hij er nog smalend aan toe). Je doet het of je blijft er van af. Niet slagen is geen optie.

Er werd toen stante pede een contract opgesteld: “Vake zou mij sponsoren voor het eerste jaar aan de universiteit, ik zou slagen.” Indien ik mij niet aan het contract hield, zou ik niet ‘zappen’ naar een andere richting maar direct gaan werken. Vake, die inspecteur was van de regio Meetjesland (Vlaanderen) voor de Nederlandse verzekeringsmaatschappij RVS, zou een postje ‘verzekeringsagent’ voor mij klaar houden. Dit contract werd vijf maal hernieuwd, na die vijf jaar werd ik cum lauda gepromoveerd tot ir. Johan Roels, met dank aan Vake Roels…

Begin tachtiger jaren zag ik de Star Wars film ‘The Empire strikes Back’ en veerde recht toen Yoda, Luke Skywalker toeschreeuwde: No! Try not! Do or Do Not, there is no try!. Vaders one liner was plots wereldberoemd.

yoda

En ik,… ik leer nog elke dag met plezier bij. Want dat is de sleutel. Blijf kind en leer met plezier bij en ‘Beat the Devil’ (zijnde de Vicieuze Cirkel). Inderdaad  Creatieve wisselwerking en de Vicieuze Cirkel zijn twee tegenstrijdige processen. Ze remmen elkaar af.Met andere woorden als het ene actiever wordt, wordt het andere minder actief. Spijtig genoeg is (althans in mijn ervaring) de Vicieuze Cirkel meestal sterker dan Creatieve wisselwerking. Het is die Vicieuze Cirkel waar we tegen aan lopen en die verhindert dat we transformeren aan de snelheid van een gezond jong kind.

Flow is volgens mij heel sterk vergelijkbaar met Creatieve wisselwerking [Creative Interchange (CI)]. Men is namelijk in Flow wanneer men het creatieve wisselwerkingsproces zijn werk laat doen. Men er dus met andere woorden niet pal in de weg ervan gaat staan. Dan is mijn lijfspreuk waar: “The [CI] Process is the Leader”.

Met Creatieve wisselwerking heb ik heel wat ervaring (én er nog heel veel van en door te leren). Volgens mijn aanvoelen zijn Flow en Creatieve wisselwerking dus synoniemen, vandaar dat ik kies voor Creatieve wisselwerking. Het voordeel dat ik in Creatieve wisselwerking zie, is dat er een duidelijke beschrijving van bestaat, dat iedereen het proces kan zien werken (indien hij maar de tijd neemt om het ontwikkelingsproces van kleine kinderen te observeren), dat de condities nodig om het goed te laten functioneren geïdentificeerd zijn en dat er bovendien vaardigheden kunnen aangeleerd worden die creatieve wisselwerking in de hand werken.

Kortom, voor mij is het concept ‘Flow’ iets te zweverig, wat te wazig en heeft het te weinig handvatten (ik geef direct toe dat dit aan mij ligt, vanuit mijn gekleurd bewustzijn). Voor mij is Creatieve wisselwerking concreet en helder. Ik beweer NIET dat het gemakkelijk zou zijn om Creatieve wisselwerking te beleven. Dat dit helemaal niet gemakkelijk IS, komt voornamelijk omdat er ook een tegenwerkend proces bestaat. Dat proces wordt de Vicieuze Cirkel genoemd wordt. De twee processen remmen elkaar. Met andere woorden als het ene actiever wordt, wordt het andere minder actief. Spijtig genoeg is (althans in mijn ervaring) de Vicieuze Cirkel meestal sterker dan Creatieve wisselwerking. Vandaar ook dat Creatieve wisselwerking (en dus ook Flow) zo weinig ‘zichtbaar’ is. Beiden processen zijn natuurlijke menselijke processen en kunnen dus geobserveerd worden, indien men daar de moeite voor doet.

Creatieve wisselwerking ligt aan de basis van de creatieve transformatie van het individu. Zie maar naar de creatieve transformatie bij elke gezonde zuigeling. Die transformeert zichzelf met behulp van Creatieve wisselwerking van zuigeling, over baby, peuter en kleuter tot kind. In de beginfase van die transformatie wordt Creatieve wisselwerking nog niet afgeremd door de Vicieuze Cirkel. De Vicieuze Cirkel komt enkel maar op gang van zodra de ‘intrinsieke waarde’ van de baby/peuter voorwaardelijk wordt. Van zodra de baby, van in onze culturen meestal net nog geen jaar, de boodschap krijgt dat hij ‘waardevol’ is indien hij zich aan bepaalde regels en voorschriften houdt. Zijn ‘intrinsieke waarde’ wordt ‘conditioneel’. Creatieve Wisselwerking wordt van dan af aan, hoe langer hoe meer, geremd door de Vicieuze Cirkel. Die Vicieuze Cirkel wordt meestal echt gestart wanneer de kleuter kind wordt en dus schoolplichtig. In het eerste leerjaar worden de eisen en voorwaarden om blijvend als waardevol gezien (en gevoeld) te worden langzaamaan opgestapeld. Het kind komt daarbij los van zijn ‘intrinsieke waarde’ en moet blijvend ‘zich te gedragen’ om blijvend gewaardeerd te worden. Met andere woorden (Engelse in dit geval), WORTH wordt ingeruild voor VALUE, wat ik dan vertaal als: “Intrinsieke waarde wordt extrinsieke waarde”. Wij, volwassenen, zijn daardoor praktisch allemaal ‘los’ van onze intrinsieke waarde en wringen ons in alle mogelijke bochten om toch maar gewaardeerd te worden.

De ontdekker van dit natuurlijk proces (het werd uiteraard niet uitgevonden) is dr. Henry Nelson Wieman. Gezien het een natuurlijk proces is, vind je in de literatuur heel wat andere personen die dit proces beschreven hebben. Ik volg echter, om redenen die met mijn levensloop te maken hebben, sinds twintig jaar de interpretatie die Henry Nelson Wieman aan Creative Interchange gaf in zijn (voor mij) meest toegankelijke boek: ‘Man’s Ultimate Commitment’. Het proces zelf werd in moderne bewoordingen, en daardoor beter toepasbaar in organisaties, hertaald door dr. Charles Leroy (‘Charlie’) Palmgren, die ik mijn vriend mag noemen (en bovendien ook vaak mijn derde vader noem – cf. een eerdere column). De grote verdienste van Charlie is niet alleen dat hij het religieus filosofisch jargon van Henry Nelson hertaalde in begrijpbare taal. Charlie identificeerde de basiscondities nodig voor de goede werking van Creatieve Wisselwerking en bovendien ook heel wat van de vaardigheden nodig voor het succesvol beleven ervan. Misschien wel de grootste verdienste van Charlie is zijn voorstelling van het tegenwerkend proces: de Vicieuze Cirkel. Een meesterlijke beschrijving van het fenomeen ‘Vicieuze Cirkel’ vind je in het boek dat hij samen met Stacie Hagan schreef: “The Chicken Conspiracy”. De condities en de vaardigheden nodig om Creatieve wisselwerking succesvol te laten zijn verwerkte Charlie in zijn boek “The Ascent of the Eagle”. Mijn eigen bescheiden bijdragen zijn een beschrijving van Creatieve wisselwerking in deel III van het boek ‘Creatieve wisselwerking’ (2001) en de toepassing van Creatieve wisselwerking tijdens ‘stevige’ gesprekken in ‘Cruciale dialogen’ (2012). Dit laatste boek beschrijft de praktische dagelijkse toepassing van Creatieve wisselwerking. Voor geïnteresseerden: je kunt een paar hoofdstukken van ‘Creatieve wisselwerking’ en hoofdstuk 3 ‘Vicieuze Cirkel’ van ‘Cruciale dialogen’ vinden op Slideshare (à toutes fins utiles zou de Fransman zeggen).

Tot slot een metafoor voor de tegenwerkende processen Vicieuze Cirkel en Creatieve wisselwerking (met dank aan dochter Daphne die beeld dit eind vorige eeuw in Atlanta uit haar mouw schudde):

figuur 47

Wat Mindfulness betreft:

Dit begrip is voor mij een synoniem van Awareness. Er is een duidelijk verschil tussen ‘Awareness’ en ‘Consciousness’, hoewel ze beiden gewoonlijk in het Nederlands als ‘bewustzijn’ vertaald worden. Woordenboeken helpen ons niet om het onderscheid te maken in het Nederlands. Ik doe dat persoonlijk door ‘Awareness’ ‘helder bewustzijn’ en ‘Consciousness’ niet ‘troebel bewustzijn’ (zou ook kunnen), maar ‘gekleurd bewustzijn’ te noemen.

Awareness werd prachtig beschreven door Anthony de Mello SJ in zijn gelijknamig boek. Charlie Palmgren, Richard Rohr en vele anderen noemen het ook ‘non dual’ bewustzijn. Awareness of Helder Bewustzijn is het niet oordelend ervaren van de werkelijkheid; van de feitelijke, observeerbare gegevens (zoals in fase 1 ‘Communicatie’ van het Cruciale Dialoogmodel – boek ‘Cruciale dialogen’). Wij, westerlingen, hebben het daar enorm moeilijk mee want onze mindset, ons referentiekader, ons mentaal model, ons paradigma (kies zelf maar je favoriete begrip) zorgt ervoor dat die werkelijkheid praktisch ogenblikkelijk ingekleurd wordt. Wij zien de werkelijkheid als het ware door de glazen van onze gekleurde bril. Ik noem dit, zoals gesteld, het ‘gekleurd’ (of troebel als je daar voor kiest) bewustzijn, want de werkelijkheid – die enkel met het helder bewustzijn correct gezien wordt – wordt vervormd, vertroebeld, gekleurd door ons eigen denkkader, ons persoonlijk paradigma.

Jullie begrijpen nu wel dat ik enorm gepassioneerd ben door deze materie, hoewel (of mede misschien doordat) ik waarschijnlijk er nog geen tiende echt van begrijp… blijf proberen, Johan, blijf proberen… No, Johan, try not, do or do not, there is no try (mijn eerste en natuurlijke vader, Richard, in 1964 en Yoda in 1980 in Star Wars V “The Empire strikes Back”).

Deze column is er gekomen omdat ik op de LinkedIn groep van Dirk De Boe “Egoshock” een prangende vraag voorgeschoteld kreeg: “Wat was jouw schok en hoe heb je er op gereageerd?”. In zijn onlangs uitgegeven boek met dezelfde titel toont Dirk hoe je jezelf kan transformeren. Via methodieken, verhalen en concrete tips geeft hij aan hoe je jezelf kan ontdekken, hoe je negatieve ervaringen omzet in kansen en hoe je belangrijke levenskeuzes maakt. Op zijn LinkedIn groep vraagt Dirk De Boe zich dus af hoe anderen omgegaan zijn met de schokken die zij te verduren kregen op hun levenspad.

M’n vierde vader Paul de Chauvigny de Blot SJ noemt, in zijn doctoraatsdissertatie “Vernieuwing van Organisaties in een Chaotische Omgeving door Vernieuwing van de Mens”, een dusdanige schok een ‘doorbraakschok’. Paul de Blot (zijn gebruikelijke naam) noemt, wat Dirk De Boe als ‘een egoshock’ bestempelt, een vernieuwing. Ik citeer: “Het gaat om iets nieuws te scheppen vanuit een bepaalde visie waardoor er een fundamentele en substantiële verandering van de organisatie ontstaat [… ] op een dieper niveau” Het gaat dus over een vernieuwende transformatie, dit in tegenstelling tot de verbetering die meer op incrementele verandering gericht is, van goed naar beter.

In de taal en de geest van Paul gaat het bij de vernieuwing van de mens om een spirituele vernieuwing. Paul heeft als geen andere begrepen dat een transformatie van een organisatiecultuur maar mogelijk is via een transformatie van elke lid van die organisatie, van elke mens dus. Die vernieuwing van de mens is, nog steeds volgens Paul, een ommekeer als een bekering.

Ik denk daarbij altijd aan de schok die Saulus meemaakte. Hierna volgt het begin van het verhaal van Pieter Cuijpers dat je kunt lezen op http://www.oudesporen.nl/Download/OS1692.pdf

“In Handelingen 9 neemt Lucas de draad weer op met het leven van Saulus. Nog steeds blies hij dreiging en moord tegen de discipelen van de Heer (vs. 1). In zijn fanatisme wilde hij de discipelen tot buiten de grenzen van Israël vervolgen. Met brieven met volmacht van de hogepriester voor de synagogen vertrok hij naar Damascus in Syrië, op zoek naar mannen en vrouwen die van ‘de Weg’ waren, om hen geboeid naar Jeruzalem te brengen. Toen hij en zijn metgezellen Damascus naderden, omstraalde hem plotseling een fel licht uit de hemel. Hoewel het midden op de dag was, had dit licht een verblindende kracht, want het overtrof de glans van de zon (vgl. Hand. 22:6; 26:13). Het licht verscheen zó plotseling en was zó sterk, dat Saulus op de grond viel.”

Toen Saulus uiteindelijk opstond was hij tot Paulus getransformeerd.

Nu, mijn eigen levensverhaal. Ook ik heb m’n deel aan ‘schokken’ gehad. Zo werd eigenlijk het begin van elk ‘nieuw’ leven ingeleid door een ‘doorbraakschok’.

Mijn ‘eerste’ leven startte uiteraard met mijn geboorte (over een paradigmawissel gesproken!). En uiteraard waren daar mijn ouders verantwoordelijk voor. Richard blijft mijn echte vader, mensen die mij sterk beïnvloed hebben om te ‘herleven’ na mijn latere ‘doorbraakschokken’ noem ik ook mijn vaders, het zijn inderdaad spirituele vaders.

Mijn ‘tweede’ leven startte in India. Ik werd niet als Saulus van m’n paard gebliksemd, toch kreeg ik een oplawaai van je welste en toen ik recht krabbelde was m’n ingenieurs-mindset getransformeerd in een ‘safety mindset’. Die safety mindset was de oorzaak dat ik ingenieur in de veiligheidstechnieken werd (Leuven, 1980) en dat ik veiligheid beleef van binnenuit. Ik werd daarbij enorm geïnspireerd door de modellen en het auditssysteem van Frank E. Bird Jr. Mijn eindwerk in Leuven: “De economische aspecten van Veiligheid” was in feite een toepassing van Frank’s ideeën rond ‘Damage Control’. Eerst paste ik na Leuven de know-how van Frank Bird toe bij m’n werkgever als diensthoofd veiligheid, nadien, wegens een nieuwe schok, als consultant. Op een gegeven ogenblik werd mij door m’n toenmalige directeur bij Rhodia Chemie (de negen verschillende naamsveranderingen van dezelfde vestiging bespaar ik jullie) gevraagd om een van m’n bedienden te ontslaan. Ik was verantwoordelijk voor twee afdelingen: goederenbehandeling (met drie adjuncten) en dienst Veiligheid (met een adjunct). Er kon geen sprake meer zijn van brugpensioen (alle ‘trucen van de foor’ waren inderdaad opgebruikt), dus restte alleen nog ‘naakt ontslag’. Ik vond er niet beter op mijn toenmalige directeur Frans Reyntjens te adviseren mij te ontslaan. Geen enkele van m’n andere voorstellen werd, gedurende de zeventien jaar dat ik bij ‘den Kuhlmann’ werkzaam was, met zoveel ongeloof onthaald; ook nooit werd een ‘weird’ voorstel van mij zo vlug opgevolgd. Het was dus ook een doorbraak schok, edoch niet zo pijnlijk als de vorige. Ik had er namelijk zelf voor gekozen. Ik richtte toen m’n eerste bedrijf op: Loss Control Centre Belgium n.v. Ik gebruikte zoals eerder gesteld bij mijn dienstverlening de denkmodellen en het auditsysteem – het ISRS – van mijn tweede vader: Frank E. Bird Jr. Ik verwierf daartoe de gebruiksrechten voor België, Luxemburg en … Frankrijk van de heer Willem Top die ze rechtstreeks van Frank verworven had voor de Benelux en Frankrijk. Willem was de Franse taal niet geheel machtig (ik ook eigenlijk niet, maar in het land der blinden is eenoog koning, inderdaad in Frankrijk hadden ze weinig kaas gegeten van ‘Loss Control’).

Mijn ‘derde’ leven startte toen mij de rechten van het gebruik van het ISRS door DNV werden ontnomen. Frank had zijn bedrijf aan DNV verkocht om een wel heel specifieke reden. Frank had naast een drietal gezonde kinderen ook een gehandicapte zoon, David. Om de last van de verzorging voor hun broer niet op de zijn andere kinderen af te wentelen, verkocht Frank zijn bedrijf ILCI aan DNV en met de helft van de opbrengst richtte hij een fonds op. David zou na Frank en Esther’s overlijden, niets zou te kort komen. DNV duldde echter geen onafhankelijke consultancy bedrijven die ook gebruiksrechten met betrekking tot het ISRS (het audit systeem dus van ILCI) bezaten en haalde mij zwaar onderuit. Daar lag ik weer op het canvas. Niet verwonderlijk dat The Boxer van Simon and Garfunkel m’n lievelingssong is. Het triestigste van het verhaal is dat, een paar jaar nadat Frank zijn bedrijf aan DNV had verkocht, David een vroegtijdige natuurlijke dood stierf. Frank overleefde zijn zoon nog ruim tien jaar.

Ik lag wat de duizelen en gelukkig werd ik recht geholpen door m’n derde vader dr. Charles Leroy (‘Charlie’) Palmgren. Ook dit verhaal is op zich column waard. Charlie transformeerde m’n mindset. Een quote van Charlie in dit verband wil ik jullie niet onthouden: “When we really want to change, to transform, we’ll have to transform our mindset”. Inderdaad een persoonlijke transformatie gaat via de transformatie van de ‘mindset’. Ik omarmde het Creatief wisselwerkingsproces en stichtte in 1999 Synerchange International n.v. Ik schreef toen ook m’n derde boek ‘Creatieve Wisselwerking’ (2001)

De start van m’n ‘vierde’ leven was een zware burn-out  die snel uitmondde in een diepe depressie (2008). Van deze schok bekwam ik niet zo vlug als van de andere. Tijdens m’n depressie ontbond en vereffende ik een voor een m’n twee bedrijven. Achttien maand heeft het in totaal geduurd totdat ik terug de draad opnam en ik vanaf 2010 stilletjes aan in m’n vierde leven ‘slip slide’ (een term uit een andere song van Paul Simon). Ik begon mij, met nog meer overtuiging dan voorheen, terug ‘thought engineer’ te noemen. Ik wou initieel mijn aanspreektitel veranderen in ‘filosoof’, maar dat mocht niet van m’n uitgever, Huug Van Gompel (Garant), gezien dit een erkende titel is en ik het diploma niet bezit. Na m’n depressie schreef ik inderdaad mijn vierde boek ‘Cruciale dialogen’ (2012). Een van de aanleidingen was mijn ontmoeting met m’n vierde vader Paul de Blot, die inspireerde mij enorm door zijn visie op Business Spiritualiteit en daardoor kreeg het inzicht dat ik de depressie had kunnen vermijden indien ik mijn derde boek ‘Creatieve wisselwerking’ echt zelf had beleefd. Ik startte ook, omdat ik terug aanvragen kreeg, een nieuwe one man band: VOF LCCB. In dit vierde leven timmer ik verder aan de weg geholpen door mijn twee vaders Charlie en Paul aan het vierde paradigma in het werkveld… een synergie tussen Creatieve Wisselwerking en Business Spiritualiteit.

Ook tijdens dit leven bleef ik niet gespaard van ‘doorbraakschokken’. In september 2013 kreeg ik het verdict: ‘darmkanker’. Ik leerde uit het verleden, had dus mijn lesje geleerd, en paste de vaardigheden beschreven in m’n boek ‘Cruciale dialogen’ scrupuleus toe. Daarbij beantwoord ik eindelijk ten volle de opdracht die ik reeds in 1996 van Dee Hock kreeg als slot van zijn memorabele Keynote Presentatie “The birth of the ‘Chaordic Century’. Out of Control and into Order. “ (System Thinking in Action Conference, San Francisco, October 3 1996). Mijn antwoord luidt: “hier in dit leven, nu en ik!” Voor de eerste keer in mijn leven beheers ik een ‘doorbraakschok’ van binnenuit en werd ik – in dit geval door de kanker – niet tegen het canvas gemept.

If not here, where?

If not now, when?

If not you, who?

Dee Hock

Ik blijf dus verder m’n missie beleven en met nog meer vuur dan voorheen. En waarom, zul je je misschien afvragen… Daar heb ik drie goede redenen voor:

Communie_089 BIG

Cruciale Dialogen: het dagelijks beleven van Creatieve Wisselwerking

In een vorige column had ik het over Creatieve Wisselwerking, het proces dat de Leider is en zorgt voor continue verbetering. Ik stelde toen ook m’n formule (CI)² of ‘Continuous Improvement through Creative Interchange’ voor.

In deze column wil ik dieper ingaan op een praktische toepassing van Creatieve Wisselwerking: Cruciale Dialogen, uitgaande van mijn boek ‘Cruciale dialogen, het dagelijks beleven van Creatieve wisselwerking’ (2012).

De Cruciale Dialogen Methodiek

Wat de Cruciale Dialogenmethodiek van andere methodieken onderscheidt, is het feit dat deze onmiddellijk en dagelijks toepasbaar is. Wanneer de methodiek consequent en consistent wordt toegepast, zullen er uiteindelijk meer oplossingen in kortere tijdspanne gegenereerd (creativiteit) én toegepast worden (innovatie) zodat dus meer werk in kortere tijd zal worden verricht. Dit alles resulteert ook in minder werkdruk en uiteindelijk in minder stress.

Er is aan de Cruciale Dialogenmethodiek echter ook een reëel gevaar verbonden. Indien de methodiek niet consequent en consistent wordt toegepast, komt van dit alles niet veel terecht en loert de ontgoocheling en demotivatie om de hoek.

Aan u de keuze, want daar gaat het om, men dient bewust voor Cruciale Dialogen te kiezen. Cruciale Dialogen enkel maar willen, is zeer onvoldoende en resulteert uiteindelijk in frustratie en de overwinning van de Vicieuze Cirkel (die Vicieuze Cirkel is een hindernis is voor het Creatief wisselwerkingsproces en dus voor het voeren van succesvolle cruciale dialogen). Het kiezen voor Cruciale Dialogen leidt uiteindelijk tot het creëren van synergie door het continu beleven van het creatief wisselwerkingsproces.

Definitie van het begrip ‘dialoog’

We hebben het hier over dialoog, dit is één van de vijf mogelijke basisvormen voor tweegesprekken (de andere zijn: de monoloog, het debat, de discussie en de conversatie). Niet-effectieve gesprekken kunnen de sfeer en de motivatie negatief beïnvloeden. Willen wij de motivatie, productiviteit, creativiteit en innovatie positief beïnvloeden dan is het van essentieel belang dat cruciale dialogen efficiënt gevoerd worden. Het feite dat wij het begrip ‘tweegesprek’ hanteren, neemt niet weg dat wij ook een dialoog kunnen voeren in een groep en zelfs een dialoog kunnen hebben met onszelf.

Om dit ten volle te begrijpen, grijpen wij terug naar de betekenis van het begrip dialoog. Het woord dialoog komt uit het Grieks: dia·logos, waarbij dia “doorheen” betekent en logos “woorden, beelden”. Dialoog wordt dan ook door Peter Senge kernachtig “stroom van betekenis” genoemd, dus stroom van betekenis in de beelden en woorden doorheen de deelnemers.

In een dialoog geven en ontvangen de deelnemers op een zeer open manier en zijn zij zich van de wederzijdse beïnvloeding terdege bewust. Ze zijn daarbij bereid te veranderen en hun visie aan te passen teneinde hun oordeel om te vormen.

Cruciale dialogen

Kenmerken van de Cruciale Dialoog zijn:

  • Er is een probleem (= een belangrijk verschil tussen de ‘werkelijke’ situatie en de ‘gewenste’ situatie).
  • De inzichten verschillen aanmerkelijk.
  • De uitkomst van het gesprek heeft wezenlijk belang.
  • De emoties ‘laaien op’.

Daarbij hanteren we een metaovertuiging: ‘Problemen kunnen omgezet worden in kansen’. Mislukkingen bestaan namelijk niet bij Cruciale Dialogen, enkel geleerde lessen. Deze metaovertuiging geeft de deelnemer en de groep de kracht om werkelijk de beschikbare hulpbronnen aan te boren. De startvragen bij zowel het zogenaamde ‘probleem’ als de ‘mislukking’ zijn:

  1. Wat heb ik geleerd?
  2. Hoe ga ik het in de toekomst anders doen?

De deelnemers aan de Cruciale Dialogen hebben meestal verschillende meningen. Om dit duidelijk te maken gebruiken wij het model van de Nederlandse Stichting Dialoog dat wij eerst lichtjes hebben aangepast en later stevig hebben aangevuld en dat gaandeweg voor ons een metafoor geworden is voor Cruciale Dialogen gesteund op het creatief wisselwerkingsproces.

Figuur 2

Het creatief wisselwerkingsproces betreft dus het verwerven van kennis en inzicht om van daaruit keuzes maken met betrekking tot de mogelijke oplossingen van het probleem (ofwel het bereiken van de doelen) en die keuzes effectief uit te voeren tot die doelen bereikt zijn.
Doordat de deelnemers aan Cruciale Dialogen per definitie ‘verschillend’ zijn, beschikken zij over verschillende overtuigingen en hebben zij verschillende vooronderstellingen, gedachten, verwachtingen en een eigen denkkader. In één woord: ze hebben verschillende visies. Daardoor interpreteren zij de werkelijkheid (feiten, waarnemingen en ‘objectieve’ gegevens) op hun eigen manier. Verschillende mensen vormen zich daardoor verschillende inzichten. Wanneer nu die inzichten met betrekking tot de voorliggende vraag merkelijk verschillend zijn onder de deelnemers aan het gesprek, is de kans groot dat het op een Cruciale Dialoog zal uitdraaien.

Wanneer daarenboven de uitkomst van het gesprek van wezenlijk belang is voor de meeste deelnemers, verhoogt dit de kans dat het gesprek uitmondt in een Cruciale Dialoog. Dit is het geval wanneer het besluit van de dialoog, het uiteindelijke antwoord op de vraag of de gekozen set oplossingen met betrekking tot het probleem, echt van belang is voor de deelnemers aan het gesprek. Hierbij dient te worden aangestipt dat het antwoord op de vraag en de mogelijke oplossingen meestal te maken hebben met uit te voeren activiteiten en met bepaalde zaken anders gaan doen. Dit heeft dan uiteraard ook een directe impact op de manier van werken en leven van diegenen die aan het antwoord of de oplossingen gestalte dienen te geven. Die deelnemers dienen op een of andere manier hun gedrag te veranderen en dit is voor hen in veel gevallen van wezenlijk belang.

Tijdens het dialoog proces, waarbij inzichten worden gevormd en besluiten genomen rond voor de deelnemers belangrijke onderwerpen, bestaat de kans dat de emoties oplaaien. Wanneer dit het geval is en ook aan de drie andere voorwaarden is voldaan, hebben wij per definitie te maken met een Cruciale Dialoog die alleen op de juiste manier gevoerd tot het gewenste resultaat kan leiden!

Avondconferentie december

Kinderopvang VK - Poster